Weet wie je eet

boek

Stijn Bruers

“Vind jij dat we zomaar iets mogen doen dat iemand anders helemaal niet graag heeft?” Het is een van de vragen waarmee Stijn Bruers aftrapt in zijn boek Weet wie je eet. Het lijkt evident dat ieder zichzelf moreel beschouwend persoon die vraag met een resolute ontkenning zal beantwoorden. Bruers stelt echter ook een aantal vervolgvragen: “Wie ligt er op ons bord? Willen we echt iemand eten?”

Als we dieren als individuen zien én vinden dat we anderen niet zomaar iets mogen aandoen of zonder toestemming diegene mogen gebruiken, dan is er maar één conclusie mogelijk: we mogen dieren en dierlijke producten niet eten of anderszins gebruiken. Dat is de stelling die Bruers verdedigt. Bruers is een activist die zich inzet voor mensen, andere dieren en de natuur. Hij heeft twee doctorstitels op zak: één in de natuurkunde en één in de moraalwetenschappen. Zijn proefschrift binnen de moraalwetenschappen gaat over dierethiek en inzichten daaruit zijn verwerkt in Weet wie je eet. Bruers betoogt dat de genoemde uitgangspunten – dieren zijn individuen en we mogen dieren niet zomaar gebruiken – breed gedragen waarden zijn. Het probleem bestaat uit een dissonantie tussen deze waarden en ons gedrag. Bruers formuleert het als volgt: “Als we dierlijke producten eten, doen we iets dat indruist tegen onze kernwaarden.”

De ogenschijnlijke eenvoud waarmee deze stelling wordt uitwerkt, is indrukwekkend. Bruers moraliseert zonder moraliserend te zijn. Hij probeert zijn morele overtuigingen niet op te leggen, omdat dat volgens hem niet nodig is. Mensen delen over het algemeen al zijn belangrijkste waarden zoals rechtvaardigheid en mensen willen graag goedhartig en moreel oprecht zijn. Waar Bruers wat aan wil doen, is het wegnemen van onwetendheid. Niet alleen onwetendheid over hoe dieren die op ons bord belanden behandeld worden, maar vooral ook over de psychologische mechanismen die ervoor zorgen dat een systeem dat botst met onze kernwaarden kan blijven voortbestaan.

Achter vlees, melk, eieren, leer, dons en andere dierlijke producten schuilt onnoemelijk veel leed. Mensen sluiten zich echter bewust en onbewust voor deze informatie af. Het is moeilijk om toe te geven dat je bijdraagt aan iets verschrikkelijks. Hoe zouden we het vinden als we honden ieder jaar kunstmatig zouden bevruchten en hun jongen zouden weghalen bij de geboorte en de mannetjes zouden vetmesten en doden, omdat ze later geen melk zullen geven? Ik denk dat mensen massaal hun afkeur zouden uitspreken. Dat is makkelijk als je niet bij het probleem betrokken bent. We doen echter precies hetzelfde met koeien. De enige reden dat we koemelk kunnen drinken, is omdat een kalfje, opgesloten in een krappe ruimte, niet bij zijn of haar moeder mag drinken. Is het drinken van koemelk minder immoreel dan het drinken van hondenmelk? Dat zou toch willekeur zijn? Desalniettemin hanteren velen van ons een dubbele moraal.

Om dit te verklaren, staat een groot deel van het boek staat stil bij de krachtige fenomenen die de sociale psychologie bestudeert. Bruers bespreekt onder andere de beroemde experimenten van Solomon Asch over sociale druk en Stanly Milgram over gehoorzaamheid en laat zien dat de bevindingen ook betrekking hebben op onze omgang met niet-menselijke dieren. Uit de experimenten van Asch blijkt dat een meerderheid van de mensen onder invloed van sociale druk zich conformeert aan de meerderheid in plaats van te vertrouwen op hun eigen zintuigen. Personen kunnen zodoende dingen zeggen of doen die overduidelijk onjuist zijn. Er wordt een parallel getrokken naar het eten van dierlijke producten. Wij worden sterk beïnvloed door de sociale norm. Vaak is die invloed zo sterk, dat we ons niet eens afvragen of het wel juist is wat we doen; en als we ons dat wel afvragen, valt onze afweging alsnog vaak uit in het voordeel van de sociale norm, zonder dat dat een feitelijk of moreel juist argument is.

De experimenten van Milgram tonen hoe mensen hun geweten omzeilen door een autoriteit te gehoorzamen. Bruers identificeert acht elementen die eraan bijdragen dat we niet naar ons geweten luisteren. Op verbluffende wijze staat hij vervolgens stil bij deze aspecten met betrekking tot het eten van dieren en dierlijke producten. Zo zijn in de experimenten van Milgram de slachtoffers niet zichtbaar en de experimenten zijn zo ontworpen dat mensen verantwoordelijkheid voor hun daden kunnen doorschuiven naar anderen. Dat geldt zeker ook voor het eten van dierlijke producten. We kunnen onze verantwoordelijkheid doorschuiven naar de slachters en slagers. In een land als Nederland worden gemiddeld per dag zo'n anderhalf miljoen kippen gedood. We zien die kippen nooit, terwijl het om aantallen gaat die ons voorstellingsvermogen te boven gaan. Hoeveel uur per dag zijn de slachterijen open? Hoeveel dagen in de week? Hoeveel kippen worden er dus per uur, per minuut, per seconde gedood? Wat gebeurt er als we daarbij stil gaan staan? Wat als we het zouden zien? Onzichtbaarheid kan het systeem in stand houden.

Wij kunnen onszelf voor de gek houden. Ook dat toont Bruers aan met diverse voorbeelden en wetenschappelijke inzichten. We schikken onze opvattingen vaak naar ons hoe dat uitkomt. Zo denken we dat een varken minder vermogens heeft om pijn en andere emoties te voelen, als we het vooruitzicht hebben dat we varken gaan eten. Het zijn allemaal strategieën, vaak onbewust, die we hanteren om ons gedrag te kunnen blijven volhouden, zelfs al is dat strijdig met onze morele opvattingen.

Het is arrogant om te denken dat wij niet vatbaar zijn voor deze fenomenen. Waren mensen in vroegere tijden wezenlijk anders dan nu? Ook driehonderd jaar geleden leefden er mensen als wij en toch bestond er slavernij, onderdrukking van vrouwen en homoseksuelen. Dat zijn zaken die we nu afkeuren. Hoe is het toch mogelijk dat er slavernij bestond en dat gewone mensen met empathische vermogens die niet onder doen voor de onze, daaraan meededen? De verklaring vinden we in de psychologie, die ons vervolgens leert dat wij niet moeten denken dat wij niet ontvankelijk zijn voor dezelfde mechanismen. Bruers laat het tegenovergestelde zien: dezelfde mechanismen spelen ook nu en ze zorgen ervoor dat er ook nu iets verschrikkelijks gebeurt, zonder dat de meesten van ons dat daadwerkelijk zien.

De stijl die Bruers hanteert, is ondanks de soms niet eenvoudige materie toegankelijk en ondanks het thema geen aanval op verstokte vleeseters. Meerdere malen betrekt hij voorbeelden op zichzelf. Hij vertelt hoe hij zelf dacht en voelde toen hij nog vlees at. Bruers kiest ervoor om zich op te stellen als een coach, die samen met zijn lezer op ontdekking gaat door een landschap van wetenschappelijke bevindingen en morele argumenten. Het is mijn indruk dat hij ook impliciet zijn kennis van sociale psychologie gebruikt om de lezer te overtuigen. Door bijvoorbeeld te stellen dat de meeste mensen die openstaan voor de thema's in het boek ethischer gaan eten, creëert hij zelf een vorm van sociale bewijslast.

De stijl lijkt een bewust gekozen strategie. Bruers weet namelijk ook dat mensen er niet van houden als ze verteld wordt wat ze moeten denken of doen. We zetten allerlei immunisatie strategieën in om niet naar ongemakkelijke boodschappen te hoeven luisteren. Mensen willen zelf de waarheid ontdekken, ook wanneer het gaat om morele kwesties. Mensen zijn liever gehoorzaam aan zichzelf. Toegeven aan een ander, kost ons pijnlijk veel moeite. Bruers gaat daarom naast de vleeseter – of beter: carnist – zitten in plaats van er tegenover. (Een carnist is iedereen die betrokken is bij het instrumentele gebruik van dieren, kortom: iedereen die geen veganist is). Hij stelt zichzelf niet verheven op en waarschuwt expliciet voor de informatie in het boek. Hij is zich bewust van het gevaar dat lezers zich kunnen afkeuren van de boodschap en geeft ze daarom ook een portie tegengif mee die dat moet voorkomen.

Het is de vraag of zijn benadering effect sorteert. Zouden carnisten zichzelf kunnen overtuigen met dit boek dat ze veganist moeten worden? Zouden zij het boek lezen of bij het zien van de titel zich al afkeren? Zouden ze verder willen lezen na de inleiding? Zouden ze dankzij de waarschuwingen van Bruers zich minder snel immuun maken voor de informatie in het boek? Ik heb het antwoord niet. Wat ik wel weet, is dat het enorm lastig is om carnisme nog langer te verdedigen als je het boek gelezen hebt. De stijl kan weliswaar zachtaardig zijn, de boodschap kan voor velen een lastige blijven. Bruers is namelijk in staat om op zeer heldere wijze uiteen te zetten dat veganisme volledig consistent is met waarden die vrijwel ieder mens hanteert. Iedereen is tegen het lijden van dieren. Als een hond wordt mishandeld zijn we verontwaardigd. Het probleem blijft echter dat we bij dierenleed waar we zelf bij betrokken zijn, een stuk minder verontwaardigd zijn. Hoewel die verontwaardiging er diep van binnen wel is, maar we ontkennen het leed, rationaliseren het of hanteren andere strategieën om onszelf niet als slechterik te zien.

Velen denken bij veganisme aan een extreme levenswijze of aan iets sektarisch. Ook dat heeft weer te maken met de sociale norm, maar geenszins met de morele norm. Als de sluier van onwetendheid is weggenomen en je met een open houding onder ogen ziet wat mensen andere dieren aandoen omwille van smaaksensatie, kan je niet anders concluderen dan dat dit hoogst immoreel is. De verhalen van Harry het vleesvarken en andere dieren in de veehouderij zijn een gruwel voor iedereen die empathie kan voelen. Waarom zouden we dieren toch deze verschrikkelijke dingen aandoen? Als veganist is dat een van de dingen die je je afvraagt. Ben je overtuigd van de boodschap van Bruers, dan vraag je je af waarom zijn boek nog nodig is om anderen te overtuigen. Daarin schuilt meteen de kracht van het boek.

Vooraf ben je misschien niet overtuigd van de morele noodzaak van veganisme. Na het lezen – ervan uitgaande dat je je psychologische barrières hebt kunnen overwinnen – kan je niet meer om deze noodzaak heen én kan je ook niet goed begrijpen waarom je dat eerst niet zag. Misschien wil je anderen wel overtuigen van je eigen ontdekking, maar je zal merken dat zij in het carnistische paradigma gevangen zitten. Het lijkt allemaal kinderlijk eenvoudig, als je eenmaal ziet wat Bruers wil laten zien. Een ingewikkelde ethische beschouwing komt er niet aan te pas. Toch is het ontzettend moeilijk om anderen te overtuigen dat veganisme moreel consistent is. Bruers is in staat om iets dat moeilijk is in al zijn eenvoud toegankelijk te beschouwen. Het boek stelt je in staat te begrijpen: waarom is er toch zoveel leed dat niemand echt wil, maar veroorzaken we dat met z'n allen wel?

Bewust zijn van de verschrikking waar we in leven, is niet gemakkelijk. Je weet dat je in een oceaan van leed leeft, waar anderen ogenschijnlijk onverschillig tegenover staan. Ook Bruers moet dat ervaren. Temeer daarom is zijn stijl er een die respect verdient. Ondanks alle kennis van de veehouderij en de bijdrage daaraan van het publiek dat hij wil bereiken, blijft hij kalm. Ik denk dat dat bijdraagt aan de overtuigingskracht. Behalve de morele plicht tot veganisme, laat Bruers ook op eenvoudige wijze zien dat veganisme vele andere voordelen kent. Het is onder andere beter voor het milieu en gezonder. Bruers timmert zijn argumentatie zo dicht, dat er geen speld meer tussen te krijgen is. Vaak laten schrijvers gaten vallen in hun argumentatie, zodat je als lezer nog kan leunen op een tegenargument. Bruers geeft die ruimte niet. Ondanks zijn milde stijl, kan het boek dus nog steeds confronterend zijn. Je hebt geen excuus meer over om geen veganist te worden, behalve misschien dat je te lui bent om de stap te zetten.


Recensie door Willem Vermaat

Stijn Bruers, Weet wie je eet, Pelckmans, 2015

Links
mailto:willem_vermaat89@hotmail.com
Share |

De Arabische Revolutie:

tussen droom en werkelijkheid

Op woensdag 5 april 20.00 uur

Afspraak in De Markten (Oude graanmarkt 5, 1000 Brussel) voor een avond met Koert Debeuf,

schrijver, columnist, directeur van het Tahrir Institute for Middle East Policy Europe en onderzoeker aan de Universiteit van Oxford.

Zijn recentste boek is "Inside the Arab Revolution. Three Years on the Front Line of the Arab Spring".

Koert zal gebaseerd op zijn persoonlijke ervaringen de Arabische Revolutie trachten te kaderen door parallellen te trekken met de Franse Revolutie en door een aantal inzichten te bieden in het Midden Oosten.

Uw aanmeldingsmail aan info@liberales.be geldt als inschrijving.

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be