Filosofisch woordenboek

boek vrijdag 20 juni 2003

Voltaire

In 1764 publiceerde Voltaire een filosofisch woordenboek, het Dictionnaire philosophique. Hij deed dat in dezelfde geest als Diderot en d'Alembert, die de hoofdredacteurs waren van de eerste universele encyclopedie. Hun ging het om een systematische en kritische uiteenzetting, lemma per lemma, van het menselijke weten. Voltaire werkte ook daar aan mee. In zijn eigen woordenboek ging hij selectiever te werk. Over begrippen uit de filosofie en theologie, waar zijn inziens nog veel misverstanden over bestonden, gaf hij een meer dan wetenschappelijke uiteenzetting.

Overeenkomstig zjn temperament vaarde hij uit tegen dogma's, bijgeloof en onwetendheid die vooral bij de clerus weilig tierden of door haar bewust werden in stand gehouden. Zijn woordenboek was één van de eerste pogingen om obstakels op te ruimen die het vrije en kritische verstand verhinderden zelfs maar de basis te leggen voor betrouwbare kennis. De menselijke vrijheid tot denken en schrijven lopen als een rode draad door dit en andere boeken van zijn hand. Overbodig, achterhaald, want vanzelfsprekend zou je denken. Veel van de eesays in het woordenboek -want elk lemma is inderdaad een volwaardig opstel - hebben inderdaad een niet meer dan historische waarde. Zijn tirades tegen de kerk van toen gelden nu niet meer. (Daar zijn allicht iets aangepaste tirades voor nodig.) Ook het jodendom had het precies omwille van zijn vasthouden aan het oude geloof bij hem verkorven. Maar stukken over de vrijheid, de tolerantie, het materialisme, ... tonen de bronnen van veel hedendaagse opvattingen en zijn nog het lezen waard.

Voltaire was als figuur van de Verlichting, die vaak wordt geassocieerd met geloof in het mesnelijk kunnen en de vooruitgang, geen optimist. Ook de democratische dromen van een tijdgenoot als Rousseau - die nochtans totalitaire trekjes vertoonden - waren aan hem niet besteed. Voltaire was niet onder de indruk van het denkvermogen van de meesten van zijn tijdgenoten. Elitair toonde hij zich waar hij zich al gelukkig prees enkele heldere geesten te ontwaren en de onwetendheid van velen als een voorwaarde voor een gesmeerd lopende maar ongelijke samenleving beschouwde. De aardbeving die Lissabon in 1755 verwoestte leerde hem dat de schepping geen oord van geborgenheid was voor de mens. Hij vond helemaal niet, zoals Leibniz, dat we leven in de beste der mogelijke werelden. Dat trachtte hij met verve en humor aan te tonen in Candide.

In het Filosofisch woordenboek vind je de sporen terug van deze sceptische houding. Hij bepleit de tolerantie juist omdat de mens een bijzonder feilbaar wezen is. Om te kunnen onderzoeken en wijzer te worden, mag je je eigen meninge niet te ernstig nemen. Omwille van onze menselijke onvolmaaktheid, veranderlijkheid en de voortdurende mogelijkheid tot zich vergissen is tolerantie op zijn plaats.

Ook over de vrijheid - een generatie later met veel enthousiasme bezongen, uitgedragen maar ook meteen al verkracht - neemt hij hoekige standpunten in. Aan de vrijheid om iets te doen gaat een oorzaak vooraf die ons dat laat willen. Net als later Schopenhauer concludeerde Voltaire dat we wel de vrijheid hebben om te doen wat we willen, maar niet om te willen wat we willen. Dat houdt verband met zijn materialisme. Zijn idee dat de materie een oerfenomeen is was in zijn tijd blasfemisch omdat God geacht werd aan de basis van al het bestaande te liggen. Voltaires materialisme leidt naar het geloof in wetten en oorzaken die de menselijke willekeur te boven gaan. Hij was niet de eerste en zeker niet de laatste die er zo over dacht.

Een vrijheid die Voltaire als geen ander hoog in het vaandel voerde was de vrijheid van denken. Voltaire stelt vast dat er wel honderd religies op aarde zijn, waarvan de aanhangers allen vervloeken die hun dogma's niet geloven. Laconiek voorstel van Voltaire: 'Examinez donc ces dogmes.' Een werk dat nooit af is, zoals ook onze tijd nog laat zien.

Naast dergelijke gevatte oneliners en spitse analyses, snuif je met dit boek één van de bronnen van ons hedendaagse denken op. Het geeft een idee van het meerduidige fenomeen dat ook de Verlichting was. Het geeft je de kans je eigen ideeën aan te scherpen of de schrijver zelf te corrigeren of tegen te spreken. Want lezen is een wederkerig proces. Voltaire kan het niet anders gewild hebben.



Voltaire, Dictionnaire philosophique, Gallimard (Folio classique), 2002; voor een (gedeeltelijke) Nederlandse vertaling: Filosofisch woordenboekje, Arbeiderspers, 1975

Share |

De Arabische Revolutie:

tussen droom en werkelijkheid

Op woensdag 5 april 20.00 uur

Afspraak in De Markten (Oude graanmarkt 5, 1000 Brussel) voor een avond met Koert Debeuf,

schrijver, columnist, directeur van het Tahrir Institute for Middle East Policy Europe en onderzoeker aan de Universiteit van Oxford.

Zijn recentste boek is "Inside the Arab Revolution. Three Years on the Front Line of the Arab Spring".

Koert zal gebaseerd op zijn persoonlijke ervaringen de Arabische Revolutie trachten te kaderen door parallellen te trekken met de Franse Revolutie en door een aantal inzichten te bieden in het Midden Oosten.

Uw aanmeldingsmail aan info@liberales.be geldt als inschrijving.

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be