Trialoog

boek vrijdag 17 februari 2006

Jan De Volder

Wereldwijd nemen religieuze spanningen toe. Sinds de terreuraanslagen van 11 september lijkt het alsof de christelijke wereld in conflict staat met de islamitische wereld. De blijvende spanningen in het Midden-Oosten wijzen op een onoverbrugbare kloof tussen joden en moslims. En in Kashmir staan moslims en Hindoes tegenover elkaar. Neem daarbij de rellen met migranten in Frankrijk, de moord op Theo Van Gogh in Nederland, de opmars van de evangelische christenen in de Verenigde Staten, de radicalisering van de orthodoxe joden in Israël, de dreigende taal van de Iraanse president Mahmoud Ahmadinejad die de joodse staat wil vernietigen, en de hetze rond de Deense cartoons die de moslims beschouwen als een onaanvaardbare aanval op hun geloof. De drie monotheïstische godsdiensten staan weer lijnrecht tegenover elkaar of komen onder druk van de secularisatie. Net op dat ogenblik verschijnt het boek Trialoog van Jan De Volder waarin rabbijn Aharon Malinsky, priester Hendrik Hoet en imam Jamal Maftouhi een gesprek voeren over de gelijkenissen en verschilpunten tussen hun diverse religies. Het resultaat is een authentiek boek waarin drie mensen, met diverse godsdienstige achtergronden, elkaar op een intense manier ontmoeten.

De drie gesprekpartners zijn Antwerpenaren die hun geloof beleven in een steeds meer geseculariseerd Europa. Via hun gesprek pogen ze duidelijk te maken waarom het – ondanks hun verschillen – mogelijk is voor moslims, joden en christenen om samen te leven. Op zich een boeiende confrontatie waarbij duidelijk wordt waarin de drie geopenbaarde godsdiensten van elkaar verschillen en waarin ze met elkaar overeenstemmen. ‘Hoe kun je in God geloven zonder al zijn schepselen te aanvaarden’, aldus imam Jamal Haftouhi. Het lijkt me een terechte vraag, maar die staat wel haaks op tal van antwoorden in de Koran, de Thora en de Bijbel die zich keren tegen de anderen, en vooral de ongelovigen. Volgens de jood Aharon Malinsky zijn het niet de godsdiensten, maar wel de ‘gebeurtenissen’ die ons scheiden. Dat is betwistbaar. Tal van dramatische gebeurtenissen kunnen nu eenmaal niet gescheiden worden van hun godsdienstige inspiratie. In naam van God werden in de loop van de geschiedenis talloze misdaden begaan. ‘Gott mit uns’, zo stond op de koppelriemen van christelijke SS-ers. ‘Wij zijn het door God uitverkoren volk’, zo beweren de joden. En de Iraanse president verdedigt zijn antisemitisme met het credo ‘God is met Iran’. Net de aanspraken te handelen in naam van God en van een absolute waarheid zorgen voor spanningen.

Wie heeft gelijk? Wat als we ooit voor God zullen staan die over ons moet oordelen? Jamal Haftouhi geeft hierop een pragmatisch antwoord. ‘De Koran zegt: “Laat God de laatste beslissing nemen tussen jullie”.’ Alsof het om een vorm van competitie gaat tussen de drie monotheïstische overtuigingen. Of eerder een soort Russische roulette die ons bij de dood onverbiddelijk naar de hel of het paradijs stuurt. In feite klopt er iets niet aan die drie geopenbaarde godsdiensten. Alhoewel ze beweren dat ze de enige en unieke waarheid vertegenwoordigen, komen ze tot verschillende interpretaties, regels en voorschriften. Hoe kan dat als er maar één God bestaat? Welke weg moeten we volgen? De enige feitelijke vaststelling is dat steeds minder mensen in het Westen hun geloof pratikeren. Dat neemt niet weg dat tal van politieke discussies gevoerd worden op de kap van religies. Vooral het extreem-rechtse Vlaams Belang probeert de islam te criminaliseren en diegenen die hun niet-christelijke geloof volgen af te doen als een gevaar voor onze samenleving. Terecht wijst Jamal Haftouhi op het gebrek aan kansen op de arbeidsmarkt en de woonmarkt als oorzaken van achterstelling en een gevoel van minderwaardigheid onder moslims in onze contreien.

Bijzonder interessant is de discussie over de vraag of Europa in haar grondwet had moeten verwijzen naar haar christelijke wortels. Volgens Hendrik Hoet zou dat moeten en hij verwijst naar paus Benedictus XVI die in de weigering om dat te doen een vorm van zelfhaat ziet, een houding die tegengesteld is aan de attitude in de VS, Rusland en de moslimlanden waar het geloof opnieuw een prominente rol speelt. ‘Er is geen gemeenschappelijke norm meer’, aldus de priester, die vindt dat Europa minder verdeeld voor de dag zou moeten komen en haar eeuwenoude geestelijke dimensie eensgezinder zou moeten verdedigen. Hij dwaalt. Net het loslaten van godsdienstige ‘waarheden’ heeft gezorgd voor een vreedzaam samenleven in Europa en een einde heeft gesteld aan de eeuwenlange religieuze conflicten. Alleen de aanvaarding van universele seculiere normen kunnen zorgen voor een harmonisch samenleven tussen mensen met diverse overtuigingen. In die zin is het spijtig dat er aan de discussietafel geen overtuigde vrijzinnige zoals Etienne Vermeersch aanwezig was. Hij had antwoorden kunnen bieden op de vele onbeantwoorde vragen die de drie protagonisten zich stellen en waarop ze vanuit hun eigen ‘gelijk’ geen overtuigend antwoord kunnen geven.

‘Het drama is dat Europa precies dat culturele houvast verliest’, aldus de jood Malinsky, en hij heeft het over de gebrekkige kennis van de bijbelse geschiedenis. Misschien is het echte drama wel de gebrekkige kennis over de oorzaken en gevolgen van de Endlösung die pas zestig jaar geleden heeft plaatsgevonden en die in steeds meer scholen onbesproken blijft. Het echte drama is niet het verlies van religieuze tradities, maar van de kennis van de (recente) geschiedenis die onvermijdelijk verbonden is met de gehele geschiedenis van het joodse volk. De drie protagonisten keren zich in hun trialoog opvallend niet tegen elkaar, maar wel tegen de ongelovigen en atheïsten. ‘Geloof wordt gelijkgesteld met achterlijkheid’, aldus Malinsky, en hij vervolgt dat de huidige waarden die ons worden aangesmeerd nooit echt neutraal zijn, ‘maar eerder het product van een links getint vooruitgangsdenken’. Dat is een bizarre stelling, want ook liberalen die zich niet links situeren, zullen de waarheidsclaims van godsdiensten verwerpen. En dat bepaalde aspecten van geloof vaak als achterlijk worden beschouwd hoeft niet te verwonderen als we zien hoezeer de kerk zich verzet(te) tegen de rede, de wetenschap en de empirie. Zoals vroeger bijvoorbeeld tegenover Vesalius, Galileï en Darwin en ook vandaag nog tegenover de biotechnologie.

Elke aanspraak op de waarheid van onfeilbare en onbetwistbare heilige teksten leidt tot onderdrukking. Neem nu de hoofddoek. Volgens imam Jamal Maftouhi staat in de Koran: ‘als vrouw moet men een hoofddoek dragen’. Dat wordt tegengesproken door de gelovige Nahed Selim die dergelijke verplichting nergens leest in de Koran. ‘Heel veel vrouwen dragen die hoofddoek vrijwillig’, aldus Maftouhi, en hij heeft ongetwijfeld gelijk. Maar wat met die vrouwen die het niet willen dragen en daarvoor werden aangepakt? Denk aan Samira Bellil die het slachtoffer werd van groepsverkrachtingen omdat ze geen hoofddoek droeg en tal van andere moslima’s die problemen kregen omdat ze deze ‘plicht’ naast zich neerlegden. De verantwoordelijkheid van imams als Maftouhi is bijzonder groot. Zij verwoorden, verwerpen of verantwoorden immers de houding van talloze moslims tegenover hun vrouwen. In feite gaat het hier om eenzelfde discussie die we vijftig jaar geleden binnen het katholicisme voerden en die onvermijdelijk leidde tot de emancipatie van de vrouw. Kunnen we vrouwen nog langer beschouwen en behandelen als tweederangsburgers? Moeten we de eeuwenoude bepalingen volgen die vrouwen minder rechten geven dan mannen? Als het antwoord ‘neen’ is, dan moeten we komaf maken met alle religieuze verplichtingen die vrouwen niet gelijk zien als mannen. Dan moeten we die heilige teksten afkeuren en bestrijden.

‘Het geloof bevrijdt je van de wegen die je naar de slavernij voeren’, aldus de priester Hendrik Hoet, want ‘je wordt immers bevrijd voor de drang om altijd voor jezelf te zorgen’. Een pervers neveneffect is echter dat men hiermee ook zijn eigen verantwoordelijkheid ontloopt en zijn eigen geweten kan uitschakelen. Op de vraag of het rigoureus navolgen van deze teksten geen vorm van fundamentalisme is, antwoordt de priester dat dit niet het geval is maar dat men moet leren ‘van diegenen die de openbaring hebben vastgelegd’. Dat is een interessante kwestie want daarmee stelt zich onvermijdelijk de vraag wie diegenen zijn die de ‘openbaring’ hebben vastgelegd. Historisch wordt aangenomen dat de eerste evangeliën werden geschreven in de jaren 70, dus tientallen jaren na de dood van Jezus. In zijn boek Atheologie wijst de Franse filosoof Michel Onfray erop dat de ‘heilige’ teksten nadien eeuwenlang gekopieerd, aangepast, geschrapt en verdraaid werden. Pas in 1546 besliste het concilie van Trente over de definitieve bronnen van het geloof, de canon. Ook de koran en de thora kampen met dit wetenschappelijk vastgestelde probleem, namelijk dat het uiteindelijk mensen waren die de uitspraken van God neerschreven. En opvallend, het waren uitsluitend mannen die schreven, aan exegese deden en de ‘authenticiteit’ ervan bekrachtigden.

Het resultaat is een aaneenschakeling van tegenstrijdigheden, onwaarschijnlijkheden en verzinsels, aldus Onfray. Christenen kunnen naar wens uit de evangeliën putten om elk van hun daden te rechtvaardigen. Hitler beriep zich op Jezus die de kooplieden uit de tempel verdreef, Martin Luther King baseerde zich op diezelfde Jezus om zijn geweldloosheid te prediken. Zo ook in de Koran waarin staat dat ‘het doden van een mens gelijk staat aan het doden van de hele mensheid’ en tegelijk een oproep om de ongelovigen te doden (8:39). Hendrik Hoet gaat wel volledig uit de bocht wanneer hij zegt dat de kerk zich ‘snel en hevig’ gekeerd heeft ‘tegen de nazi-dictatuur van Hitler’. Er waren inderdaad moedige gelovigen die joden hielpen verstoppen en de weerstand van de christelijk geïnspireerde verzetsgroep Die Weisse Rose was een lichtpunt in de toenmalige duisternis, maar de hoogste kerkelijke autoriteiten en tal van christelijke hoogwaardigheidsbekleders waren medeschuldig. Zoals de priesters die van op hun kansels hun antisemitisme verkondigden en jongeren aanspoorden om met de nazi’s mee te strijden aan het Oostfront, zoals het christelijke staatshoofd van Slowakije Jozef Tiso die de Duitsers zelfs betaalde om ‘zijn’ joden te deporteren, zoals de Oostenrijkse bisschop Aloïs Hadal die vele nazibeulen hielp ontsnappen, waaronder Eichmann, zoals paus Pius XII die halsstarrig weigerde zijn moreel gezag te gebruiken om de uitroeiing van de joden een halt toe te roepen. Mein Kampf stond nooit op de index van verboden boeken, geen enkele hooggeplaatste nazi werd ooit geëxcommuniceerd.

De drie gelovigen staan ook sceptisch tegenover de democratie, want wat als een meerderheid amoreelt handelt? Hier hebben ze een punt. Maar dat zeggen ook liberalen die beducht zijn voor elke vorm van dictatuur, ook voor de dictatuur van de meerderheid. Net daarom moeten mensen vanuit de rede een aantal fundamentele, universele en onaantastbare grondrechten aanvaarden en respecteren zoals de gelijkheid van man en vrouw, de scheiding van kerk en staat, de vrijheid van meningsuiting en het recht op zelfbeschikking. Eigenlijk zegt dit laatste recht alles: het recht om als mens zelf te beschikken over zijn leven en te leven zoals hij of zij dat wenst voorzover hij of zij de vrijheid van anderen niet aantast. Het is vanuit die visie dat geen enkele vorm van onvrijheid, onderdrukking of discriminatie aanvaard kan worden. Elke man en vrouw heeft unieke rechten en vrijheden, niet omdat hij christen, moslim, jood of wat dan ook is, maar omdat men mens is.

‘Ik denk niet dat godsdiensten wapens zijn (…) de essentie van de godsdienst tempert het gebruik daarvan’, aldus Aharon Malinsky. De conflicten in Noord-Ierland, Kashmir en vooral het Midden-Oosten tonen het tegendeel aan. Daar staan godsdiensten met hun ‘eeuwige’ aanspraken op ‘heilige’ gronden en steden net een oplossing in de weg. Telkens men een stap zette naar vrede werd die vanuit een diepliggende religieuze haat en afkeer teniet gedaan zoals bij de moord op de Israëlische premier Yitzak Rabin door een orthodoxe jood die tegenover de politie verklaarde gehandeld te hebben in opdracht van God, of zoals bij de moord op Theo Van Gogh door een radicale moslim die zijn daad verantwoordde op basis van de Koran. Natuurlijk waren er ook misdadige ‘seculiere godsdiensten’ zoals Raymond Aron het communisme en fascisme bestempelde, maar ook daar ging het om vormen van kritiekloze onderwerping van ‘gelovigen’ aan de bepalingen van een Führer, een Grote Leider of De Partij. Elk geloof staat per definitie haaks op de kritische rede, en het is net die kritische rede die vertrekt van hypotheses, onderworpen is aan een democratisch proces en vasthoudt aan enkele fundamentele liberale grondrechten die het vredevol samenleven tussen mensen met diverse overtuigingen mogelijk maakt. Elk geloof zorgt niet alleen voor schapen die blindelings volgen, maar ook voor wolven die andere schapen verorberen.


Recensie door Dirk Verhofstadt

Jan De Volder, Trialoog, Lannoo, 2005

Links
mailto:verhofstadt.dirk@pandora.be
Share |

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be