De geest van het atheďsme

boek vrijdag 13 maart 2009

André Comte-Sponville

Met zijn nieuw boek De geest van het atheďsme overdenkt André Comte-Sponville het bestaan of beter het niet-bestaan van God. Ik geef eerst beknopt de hoofdlijnen van het boek weer om nadien te besluiten met een persoonlijke visie. In het eerste deel stelt Comte-Sponville de vraag Kunnen we zonder religie? Hij geeft een zacht antwoord: natuurlijk kunnen we (ook maatschappelijk gezien) zonder religie, maar de auteur vertelt ons ook dat we ook zonder atheďsme kunnen. Dat is natuurlijk een vreemd antwoord voor een overtuigde atheďst. Religie en atheďsme zijn voor hem een plicht noch een noodzakelijkheid. Ze bestaan beiden en het komt er voor hem op aan de verschillen te aanvaarden. Comte-Sponville gaat verder met het verhaal waarin hij vertelt dat onze moraal, ongeacht dat een maatschappij mogelijk is zonder God en religie, schatplichtig is aan religie, specifiek aan de joods-christelijke traditie.

De waarden en normen die in Zijn naam geschreven zijn, maken vandaag deel uit van onze moderne moraal. Voor hem is het dus heel goed mogelijk om atheďst te zijn en tegelijk er christelijke waarden op na te houden. Wat later in het boek valt zelfs het begrip christelijk atheďst. Kortom, we hebben God of religie niet nodig om onze morele (christelijke) waarden in stand te houden. Wat evenzeer voor hem impliceert dat we God of een religie niet nodig hebben om morele wezens te zijn. De moraal is dus autonoom geworden. André Comte-Sponville, een atheďst die in vrede leeft met religie, waarschuwt ons enkel voor het fanatisme en het nihilisme, twee gevaarlijke tendensen. Tegen die twee tendensen kunnen we ons verdedigen door trouw te zijn aan de traditie van het rationalisme en het humanisme, met andere woorden, trouw aan de Verlichting en, zo voegt Comte-Sponville eraan toe, ‘trouw aan het beste wat de mensheid heeft voortgebracht’. En daartoe behoort, aldus Comte-Sponville, de socratische traditie in Griekenland, Boeddha in India, Lao-tse en Confusius in China maar ook het evangelie. Wat Comte-Sponville hierin siert is dat hij zoekt naar datgene wat ons als mens verbindt.

In het tweede deel van het boek onderzoekt hij de vraag naar het bestaan van God en komt onmiddellijk tot het antwoord dat we nooit zullen weten of hij bestaat of niet. Ik heb geen bewijzen, vertelt Comte-Sponville ons. Maar ook de zogenaamde godsbewijzen bewijzen niets. Het enige wat hem dan rest is zijn persoonlijke overtuiging weer te geven aan de hand van een cluster van argumenten waarin hij betoogt dat het waarschijnlijker is dat God eerder niet dan wel bestaat. Deze cluster van argumenten wordt eerst opgebouwd rond het probleem van het kwaad: als er zoveel ellende in de wereld(geschiedenis) bestaat, hoe valt dit te rijmen met de goedheid van God?

Daarna, en dit is voor hem belangrijker, worden ze opgebouwd rond de zwakte van de ervaringen: hij zegt dat hij geen enkele ervaring met God heeft. Voor hem de voornaamste reden om niet te geloven. In het derde en laatste deel staat net het begrip ‘ervaring’ centraal, en meer bepaald de spirituele ervaring. De mogelijkheid van een spiritualiteit zonder God is de hoofdboodschap van zijn betoog. Hij beschrijft aan de hand van zijn eigen persoonlijke ervaringen wat spiritualiteit voor hem inhoudt. Het gaat om de ontvankelijkheid voor al wat bestaat, wat zich toont, het mystieke. Met een verwijzing naar Lao-tse, Spinoza en Wittgenstein draait zijn betoog rond de begrippen mysterie, volheid, eenvoud, eenheid, de stilte, aanvaarding, enz., om te eindigen met liefde, liefde voor al wat bestaat.

Is dit boek nu de moeite om te lezen? André Comte-Sponville behoort tot de knuffelvrijzinnigen, een schrijver die op zoek gaat naar wat de mensheid bindt, eerder dan naar datgene wat ons scheidt. Voor radicale atheďsten is het boek waarschijnlijk een bron van ergernis en hen geef ik dan ook de raad om het niet te lezen. Maar misschien vergis ik mij. Misschien slaagt Comte-Sponville er wel in om aan deze radicale atheďsten uit te leggen dat een radicaal atheďsme perfect te verzoenen valt met spiritualiteit. Dus, jullie, radicale atheďsten, lees dit boek, en probeer eens, bij wijze van experiment, te aanvaarden dat er mensen bestaan die werkelijk ‘het mystieke’ soms beleven. Een wandeling door het landschap, en plots is het daar…


Recensie door Kurt Beckers

André Comte-Sponville, De geest van het atheďsme, Atlas, 2008

Links
mailto:kurtbeckers@gmail.com
Share |

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be