Líislam au risque de la dťmocratie

boek vrijdag 23 maart 2012

Claude Sicard

Zowat overal resulteert de "Arabische lente" in een stembustriomf voor de islamistische partijen. Zo bijvoorbeeld behaalde de islamitische Enahda partij bij de in Frankrijk gevestigde Tunesische kiezers een hoger stempercentage dan in het moederland. De recente gebeurtenissen tonen duidelijk dat TunesiŽ ondanks zijn nauwe banden met het Westen net zoals de andere moslimlanden van Noord-Afrika en het Midden-Oosten er niet in geslaagd is om met succes over te stappen naar de democratie. Daarmee wordt het probleem van de relatie van de islam met de democratie zeer acuut gesteld. Moet de islam zich aanpassen aan de Europese democratie, de overname van haar kiesstelsel en parlementarisme incluis?

Dit is een bijzonder moeilijke problematiek. Islam en democratie schijnen immers op het eerste zicht totaal onverzoenbaar door de onderwerping - betekenis van het woord islam - die op enkele uitzonderingen na, zeer streng geŽist wordt van alle gelovigen van de tweede religie van de wereld. Vandaar dan ook meteen een tweede vraag: kan een islamland Łberhaupt een echte democratie worden zonder hervorming en/of actualisering van de islam? Het essay begint met een bijzonder interessant voorwoord van de hand van Malek Chebel. Daaraan volgt een open bedenking in zeven hoofdstukken over de zo even geschetste ingewikkelde problematiek. De auteur benadert ze zonder overdreven moralisering want bij een zo actueel en boeiend onderwerp kunnen enkel de feiten verwarring en vooringenomenheid voorkomen. De auteur begint zijn betoog met een onderzoek van het feit "beschaving", haar wezen, kenmerken en ontwikkeling.

Hij belicht daarbij de "identiteit" van de westerse beschaving in het perspectief van de confrontatie met de hem wel bekende moslimwereld. Daar zien velen vandaag nog steeds in de democratie een kolonialistisch getint begrip dat geÔmporteerd werd uit het Westen. Hij herinnert aan de pompeuze initiatieven in de richting van modernisering en meer democratie van de toenmalige regeringen, die door hun onwerkzaamheid waarop ook de internationale instanties hebben gewezen, aan de basis lagen van revoluties zoals de Jasmijn revolutie en andere ontvoogdingsbewegingen. Geen politiek correct taalgebruik maar een eerlijke en moedige analyse wanneer hij de vinger legt op gebreken en mogelijke evoluties ziet van de islam, die ondanks talrijke verlichte denkers en gedachtestromingen in meer dan een millennium geen enkele verandering kende en de wetten van talrijke landen blijft bepalen. Was en is er helaas nog steeds sprake van een 'beschavingsconflict' dan is dat hoofdzakelijk te wijten aan een reeks koranverzen die hij citeert als flagrante inbreuken op elementaire democratische principes, aan de principiŽle ongelijkheid van mannen en vrouwen en aan de onherroepelijke banvloeken (fatwas) waarmee de mond wordt gesnoerd van wie de moed heeft om die mistoestanden aan te klagen.

De auteur stelt zich ook vragen over de kansen van een democratisering. Zullen onbuigzame en verstarde geestelijken of machtsgeile onafzetbare plaatselijke potentaten ooit bereid zijn om veranderingen te aanvaarden? Zullen zij bereid zijn tot het hervormen en moderniseren van een systeem van obsolete en loodzware structuren, dat meer dan veertien eeuwen lang miljoenen mensen in een wurggreep heeft gehouden? Komt daarbij dat wezenlijke veranderingen naar een echt democratisch bestel des te problematischer zijn door de onmogelijkheid om de islam tot de persoonlijke levenssfeer van het individu terug te brengen. Nadenken over het filosofische en politieke klimaat dat noodzakelijk is voor een vreedzaam samenleven van allen komt dan ook volens nolens terecht bij het debat over de verschillende opvattingen over laÔciteit. De balans van het onderzoek naar de toestand van de mensenrechten in de moslimsamenlevingen is pessimistisch zoals ook blijkt uit vaststellingen van internationale instanties.

Twee hoofdstukken gaan dieper in op de specifieke situatie van IndonesiŽ en Turkije. Het laatste hoofdstuk is een bedenking over de democratie en haar levenskansen in de islamwereld. Democratie kan immers niet zonder een aantal vrijheden waaronder de zeer belangrijke vrijheid van mening en van meningsuiting. Vooral het laatste is een bijzonder zeer punt in de islamwereld zoals o.m. blijkt uit de eisen van de Groene beweging in Iran en de actievoerders op het Tahrirplein in Cairo. De auteur benadrukt de urgentie voor de islam om de krijgszuchtige, onverdraagzame en veroverende jihad te ruilen voor een nadenkende en open ijtihad, die de mogelijkheid schept voor een daadwerkelijke en onvervreemdbare laÔciteit. De weg naar de democratie zal in de islamwereld zeer grote inspanningen blijven vragen.

De auteur blijft echter hopen op een hervormde en moderne islam. Daarin ziet hij de enige waarborg voor een echte omwenteling wanneer hij als besluit van zijn essay stelt: 'De godsdienstenantropoloog Malek Chebel onderzoeksdirecteur aan de Sorbonne schrijft in een van zijn boeken: 'De islam moet nu de politieke lessen van de moderniteit gaan volgen; daartoe moeten verschillende werven opgestart worden waaronder een a-dogmatische lezing van de koran.' En de auteur preciseert: 'Öde ijtihad is zonder twijfel het sleutelbegrip voor elke nieuwe reflexie'.Men komt dus terug naar wat de mutazilieten in de IXe eeuw wilden en dat verworpen werd door Ibn-Hanbal en zijn volgelingen die de islam gekerkerd hebben in de zeer rigoristische visie van de ouderen'. Zo leest men in het syntheseverslag bij het UNDP rapport van 2006: 'Het is belangrijk om initiatieven te nemen om de ijtihad opnieuw vrij te maken en de geest van de Koranteksten te verinnerlijken om een rechtspraak tot stand te brengen die uitgaat van gelijkheidswaarden'.

Dit leerrijke en gedetailleerd essay is onmisbare om inzicht te krijgen in de enorme en langdurende hiaat tussen de islamlanden en de democratische Rechten van de Mens. Die twijfels die het boek uit over de kansen voor echte democratie worden helaas bevestigd door de politieke werkelijkheid. Dat is zeker het geval wanneer men op 23 oktober 2011 Mustafa Abdel Jalil de leider van de Libische Nationale Overgangsraad (NTC) tijdens de ceremonie in Benghazi waar de bevrijding van LibiŽ is uitgeroepen hoort verklaren: "Wij, een land van moslims, nemen de islamitische sharia als bron voor onze wetgeving. Daarom zal elke wet, die niet strookt met de principes van de islam, nietig verklaard worden." Op het eerste gezicht - voor de democratie uiteraard niet zo verontrustend - zou men kunnen zeggen. In heel wat moslimlanden is de wetgeving weliswaar officieel gefundeerd op de sharia maar in de praktijk van het wetgevend werk wordt daarvan wel degelijk afstand van genomen. Nu blijkt in deze dat hoe minder ontwikkeld het land, hoe strikter op de sharia gecalqueerd de wetgeving, wat in het geval LibiŽ wel te vrezen is, zonder daarom een verassing te zijn.

De revoluties van de zogenaamde 'Arabische lente' werden immers op gang getrokken door een aantal "moderne" mensen, onder meer studenten en jongeren van de "facebook generatie" die al een bepaalde afstand hadden genomen van de islam en naar een leven onder democratie verlangden. Maar de democratie is ook de macht van het grootste aantal en in LibiŽ, TunesiŽ en Egypte is de massa nu eenmaal moslim zodat het moslim overwicht dat de stembus heeft voortgebracht niet verrast. Wel is het zo dat men meer en meer inziet dat een moslimland dat democratisch wil worden niet kan zonder een hervorming en actualisering van zijn islam. Drie moslimladen, IndonesiŽ, Turkije en TunesiŽ hebben deze stap al in de vorige eeuw gezet hoewel het tweede verontrustende signalen uitstuurt sinds het aantreden van de AKP met haar verdoken islamiseringprogramma en het laatste vrij spoedig het slachtoffer is geworden van tientallen jaren hardvochtige Ben Ali dictatuur.

De ontwikkelingen in die landen - afgezien van de verwording nadien - bevestigen de stelling dat waarachtige democratie gestoeld op de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens niet kan zonder de al aangehaalde hervorming en actualisering van de koran door o.a. een historische en contextuele lezing zoals voorgesteld door enkele nog te schaarse gezaghebbende hervormingsgezinde moslimdenkers die omwille van die benadering alleen al, dagelijks hun leven riskeren. Maar dit weegt helaas niet op tegen de strikt letterlijke lezing die steeds meer veld wint bij de overgrote meerderheid van de moslimgelovigen. Wat het ook zij, IndonesiŽ heeft zich - wat men niet weet of zegt - een gereformeerde islam aangemeten, dit is een islam die niet meer letterlijk wordt toegepast en die afstand neemt van sommige voorschriften waarin de andere moslims nog steeds onaantastbare openbaringen van god aan de profeet zien.

In Turkije schafte Mustafa Kemal het kalifaat af, proclameerde de Republiek en legde de toepassing op van het Zwitsers burgerlijk wetboek, het Duits handelswetboek en het Italiaans strafwetboek. De islam waarin hij de oorzaak van de teloorgang van het Ottomaanse rijk zag werd spreekwoordelijk in de staat "ingelijfd" en tot op vandaag worden nog week na week de kanselredes van de imams opgesteld door het ministerie van Religieuze zaken. In TunesiŽ heeft Bourguiba een herziening van de koran doorgevoerd zonder echter zover te gaan als Mustafa Kemal. Zo heeft hij verklaard dat hij in zijn hoedanigheid van staatshoofd een eigen lezing kon geven van de koran. In 1961 heeft hij zijn landgenoten opgeroepen om niet te vasten tijdens de Ramadan om een efficiŽnter strijd tegen de onderontwikkeling te kunnen voeren. En hij lag ook aan de basis van de code 'Persoonlijk statuut' die de gelijkheid van man en vrouw bekrachtigt.


Recensie door Erik Willaert

Claude Sicard, L'islam au risque de la dťmocratie, FranÁois Xavier de Guibert, Histoire essentielle, Paris, 2011, 302 blz.

Links
mailto:e.willaert@telenet.be
Share |

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be