Het verzuim van de dood

boek vrijdag 06 juni 2008

José Saramago

‘Het hele leven is slechts een reis naar de dood’, stelde de Romeinse schrijver Seneca. Er is geen enkel thema dat de mens meer bezighoudt dan de dood en dat is ook te begrijpen. Iedere mens die zich bewust is van de liefde en vriendschap voor familieleden en vrienden, wordt op een dag geconfronteerd met een overlijden. Een definitief afscheid dat ons steeds opnieuw doet inzien hoe kwetsbaar en kortstondig het leven is. Dat besef van de dood groeit trouwens met het ouder worden, naarmate men geliefde ouderen en zelfs leeftijdsgenoten door ziekte of ongeval ziet verdwijnen. Het bestaan is voor de meesten zo dierbaar dat we hopen op een lang, gezond en gelukkig leven en dat de dood pas vele jaren later toeslaat, liefst onverwacht en pijnloos gebeurt, of tenminste na een heel korte periode van een bewust einde waarin men afscheid kan nemen van zijn dierbaren. In elk geval hoopt men zo lang mogelijk te leven, en verheugen we ons in een nieuw medicijn dat een of andere dodelijke ziekte kan counteren. De levensverwachting is de voorbije eeuw drastisch gestegen en sommigen dromen zelfs van een soort eeuwig bestaan. Maar zou een eeuwig bestaan wel aangewezen zijn?

‘De volgende dag ging er niemand dood.’ Zo luidt de openingszin van Het verzuim van de dood, van Nobelprijswinnaar voor Literatuur José Saramago. Het is een typische opener van de befaamde Portugese schrijver die bekend staat voor zijn fantastische, zeg maar onvoorstelbare, verbeeldingskracht. Dat bewees hij voordien reeds met zijn boeken Het evangelie volgens Jezus Christus, Het beleg van Lissabon, De stad der blinden, Alle namen en De stad der zienden. Net als in die vorige werken slaagt Saramago erin om via een bijzondere, hoogst onwaarschijnlijke gebeurtenis de lezers te confronteren met levensechte situaties. In de nacht van 31 december op 1 januari van een niet nader bepaald jaar in een fictief land sterft er plots niemand meer. Mensen worden wel ziek, krijgen een ongeval of raken in een coma, maar hun fragiele levensdraad wordt niet langer finaal doorgeknipt. Dat zorgt in eerste instantie tot grote vreugde, zelfs euforie. Stel u voor, het eeuwige leven, nooit meer sterven. Maar al snel blijkt hoezeer het ‘eeuwige leven’ leidt tot angst, bezorgdheid en chaos, omdat het verdwijnen van de dood verstrekkende gevolgen heeft. Zo blijven terminale patiënten opgesloten in hun lijden waardoor de ziekenhuizen al snel hun aantal niet meer aankunnen. Want stel u voor dat een steeds kleinere groep actieven moet zorgen voor een steeds grotere groep zieken.

Maar ook andere sectoren komen in de problemen zoals de begrafenisondernemers die failliet gaan, verzekeringsmaatschappijen die in de knoei raken met de levensverzekeringen, de vele bejaarden- en verpleeghuizen die overvol raken omdat de bedden tot de eindigheid dreigen bezet te blijven. Het gevolg is onzekerheid en paniek, vooral bij de overheidsinstanties en de kerk die niet langer een houvast bieden. Vooral de kerk heeft het moeilijk met de situatie. Zonder dood is er geen verrijzenis en zonder verrijzenis is er geen kerk. Het gebrek aan dood zadelt de kerk op met een grandioos probleem. Hoe kunnen ze gelovigen nog laten luisteren in naam van een beter bestaan in het hiernamaals? Want door het gebrek aan dood is het hiernamaals zonder enige waarde. ‘Religies hebben, stuk voor stuk, en hoe je het ook wendt, geen andere bestaansreden dan de dood’, aldus de auteur. Om de last te dragen vraagt de regering families om hun stervenden thuis te houden, maar dat helpt niet. Sommigen brengen hun lijdende familieleden naar het buitenland, net over de grens zodat ze kunnen sterven en begraven hen dan. Om hen in dit gruwelijke proces te helpen doen velen een beroep op de maphia (een afleiding van het woord ‘maffia’) om zich van hun naasten te ontdoen.

De ganse situatie loopt uit de hand. Zo houdt de maphia (mafia) de uitvaartbranche in handen, en na protest van de bewoners, gaat de overheid over tot het verlenen van overlijdensverklaringen wegens ‘zelfmoord’. Saramago beschrijft daarop de wisselende houding van de gezonde bevolking ten opzichte van de terminale patiënten. Het geeft een beklemmend beeld van onverschilligheid en opportunisme. Tot de dood beslist dat er opnieuw zal gestorven worden. Plots keren de families terug naar het hoofdeinde van de stervende om hem te troosten en de laatste woorden te aanhoren. Alleen families die intussen de maphia al hadden betaald om een levend lijk weg te nemen, zien hoeveel hun gebrek aan menslievendheid hen kost. De dood wordt weer een normaal verschijnsel, en de mensen gedraagt er zich ook naar. Met spijt omwille van het overlijden en met hoop om als erfgenaam een deel van de inboedel of het fortuin te erven. Maar zo eenvoudig verloopt het niet. Door het oponthoud van de dood zijn er opeens meer dan zestigduizend stervenden. De machine van lijkenverwerkers loopt opnieuw als een trein en de vereniging van begrafenisondernemers viert feest, de ziekenhuizen zijn ontlast en de kerk voelt zich meer dan ooit zeker. Het is immers ‘Gods wil’.

Maar dan besluit de dood tot iets meer gruwelijk. Het verwittigt elke persoon één week op voorhand waarop de dood zal toeslaan. Eén week lijkt lang, het lijkt een duurzame periode, maar in feite betekent het niets. Eén week om zijn of haar testament te regelen, achterstallige belastingen te betalen en afscheid te nemen van de naaste vrienden en familieleden. Een fatale brief die de toekomstige overledene verwittigt dat hij of zij zou sterven. Het leidt niet tot verzuchting of geloof. De meeste toekomstige doden geven zich over tot orgieën van drank, drugs en seks. Ze zijn allerminst begaan met hun testament of toekomst. Intussen vullen zich wel de kerken met gelovigen die komen bidden voor de ziel van een van hun vrienden, familieleden of kennissen. Op die manier vormt zich een onzichtbare barrière tussen gelovigen en niet-gelovigen. Tussen diegenen die zich onderwerpen aan hogere machten en diegenen die geloven in de kracht en de wil van het individu. Saramago maakt duidelijk hoe onverschillig de erfgenamen van de dood hun doden vergeten en misbruiken. In feite zijn ze niet meer of minder dan opportunisten die profiteren van de dood van hun naasten, en er zoveel mogelijk profijt willen uithalen.

De dood raakt iedereen, zonder onderscheid van ras, geslacht, achtergrond of bekwaamheid. Uiteindelijk weigert een musicus om te sterven. Daarop keert de dood als een verleidelijke vrouw terug naar de aarde, om de betrokken man alsnog in haar dodelijke net te vangen. Wat volgt is een spel waarin niemand weet wie wint of verliest. De musicus vertolkt zijn rol met verve, maar de dood volgt hem dood op de hielen. Uiteindelijk bezwijkt de man, maar ook de dood. Het symboliseert het feit dat men zich kan verweren tegen de dood, maar overtuigen doet Saramago hier niet. De dood wordt immers nooit voorgesteld als iets vreselijks, maar als een nieuw stadium in het leven, en dat ervaart bijna geen enkele stervende die pijn afziet en angst heeft. ‘Als de dood niet bestond, zou het leven zijn schoonheid verliezen’, aldus de Russische prozaïst Nikolaj Gogol en dat klopt ook. De dood bestaat, dus toont het leven haar schoonheid. Al wie de schoonheid bewondert, wie het leven boven de dood plaatst, en wie het ‘zijn’ beschouwt als een bijzondere situatie, verzet zich tegen de dood. Dat is uiteindelijk de centrale boodschap van Saramago. Alhoewel het einde van zijn boek lijkt op een sprookje, geeft hij goed de wanhoop weer waarmee iedere mens kampt. Maar tegelijk ook de zin van het leven als tijdelijke dam tegen diezelfde wanhoop.


Recensie door Dirk Verhofstadt

José Saramago, Het verzuim van de dood, Meulenhoff, 2006

Links
mailto:verhofstadt.dirk@pandora.be
Share |

De Arabische Revolutie:

tussen droom en werkelijkheid

Op woensdag 5 april 20.00 uur

Afspraak in De Markten (Oude graanmarkt 5, 1000 Brussel) voor een avond met Koert Debeuf,

schrijver, columnist, directeur van het Tahrir Institute for Middle East Policy Europe en onderzoeker aan de Universiteit van Oxford.

Zijn recentste boek is "Inside the Arab Revolution. Three Years on the Front Line of the Arab Spring".

Koert zal gebaseerd op zijn persoonlijke ervaringen de Arabische Revolutie trachten te kaderen door parallellen te trekken met de Franse Revolutie en door een aantal inzichten te bieden in het Midden Oosten.

Uw aanmeldingsmail aan info@liberales.be geldt als inschrijving.

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be