Leonardo da Vinci (1452-1519) hoort samen met Michelangelo (1475-1564) tot de reuzen van de Renaissance. In dit boek komen al zijn werken wel even ter sprake, maar gaat het vooral over zijn beroemde werk Het Laatste Avondmaal, een fresco in het klooster Santa Maria delle Grazie in Milaan. Voor 22 euro kun je het bezoeken. Leonardo werkte er vijf jaar aan. Hij werkte traag en zat soms uren naar zijn schilderij te kijken. Wellicht was de Canadees Ross King even lang bezig met zijn spannend, maar toch iets te gedetailleerd boek. Daarin beschrijft hij nauwgezet de ontstaansgeschiedenis van het fresco, interpreteert de figuren en geeft tegelijk een stuk geschiedenis van het hertogdom Milaan. Dat werd toen in feite bestuurd door de familie Sforza, en was herhaaldelijk het een doelwit van begerige Franse, Oostenrijkse of Spaanse heersers, die hun oog lieten vallen op de rijke, maar kleine Italiaanse staatjes.

De hoofdpersonages in het boek zijn Leonardo, afkomstig uit de buurt van Vinci, een gehucht op 25 km van Firenze, en zijn tijdgenoot en mecenas Ludovico Sforza (1452-1508), bijgenaamd Il Moro vanwege zijn donkerbruin gezicht. Tijdens zijn bewind kende Milaan een hoge artistieke en intellectuele bloei. Leonardo werd door hem vanuit Firenze naar Milaan gehaald. Hij kreeg er de eervolle titel ‘pictor et ingeniarus ducalis’: schilder en ingenieur van de hertog. Een ingenarius was eigenlijk een bouwmeester van vestingwerken, maar Leonardo ontwierp ook aanvalswapens en andere zaken.

King begint met het jaar 1494, volgens hem het ongelukkigste jaar voor Italië. De auteur vergeet dan even de jaren 1943-1945. In 1494 voorspelde Savonarola in Firenze allerlei onheil voor Italië zoals de komst van een woeste veroveraar. En inderdaad, de lelijke Franse koning Karel VIII viel in dat jaar binnen in Italië, met de bedoeling om het koninkrijk Napels in te palmen. Ludovico was zijn bondgenoot. Hij stond aan het hoofd van het hertogdom Milaan, dat een omvang had van 110 km van noord naar zuid en 95 km van oost naar west. De stad Milaan was met 100.000 inwoners de grootste van Italië. Ludovico was een sluw heerser, een trouweloos man, zowel in de politiek als in zijn huwelijksleven, en een voorbeeld voor Machiavelli’s Il Principe (1513).

Tegelijk sponsorde hij dichters, schilders, architecten en haalde hij professoren Grieks, Latijn, Hebreeuws, rechten en geneeskunde naar de universiteiten van Milaan en Padia. Leonardo was één van die gelukkigen. Hij kreeg zijn eerste opleiding bij schilder Verrocchio in Firenze. Daar werkte hij voor de Medici’s. Rond 1482, op zijn dertigste, trok hij naar Milaan. In 1494 of 1495 begon hij daar aan zijn Laatste Avondmaal. Hij had geen ervaring met fresco, de lastigste schildertechniek volgens Vasari. Leonardo had al een aantal voorstellingen van het Laatste Avondmaal gezien. Het werd al sinds de vijfde eeuw afgebeeld in een mozaïek in de basiliek van Sant’ Apollinare Nuovo in Ravenna. Ook de voorstelling van Christus met baard was al gebruikelijk in de Middeleeuwen. Rond 1490 had Leonardo al in een notitieboekje geschreven welke compositie hij voor ogen had. In 1494 kocht hij een bijbel in Italiaanse vertaling. Daar haalde hij veel informatie uit.

King vermeldt hier terloops dat Leonardo veel helpertjes in dienst had en dat hij een relatie had met één van hen, een zekere Giacomo. King vertelt ook waar Leonardo kleurstoffen kocht en voor welke prijs en hoe zijn werk even onderbroken werd door de invallen uit Frankrijk. Dan moest hij zich concentreren op de verdediging van de stad en van het Castello. We lezen ook dat Leonardo vroom was, maar tegelijk antiklerikaal. Monniken noemt hij farizeeërs. Desondanks werkte hij goed samen met de dominicanen van het klooster. Voor het werk kreeg hij 2000 dukaten. Dat kwam toen overeen met de prijs van een groot huis aan de Arno in Firenze. King heeft het over 6,9 kilo goud. Volgens hem zijn die ongeveer 250.000 $ waard. King legt ook uit hoe de mensen wist welke Bijbelse figuren op een schilderij stonden. De schilders hielpen hen met bekende attributen, zoals een sleutelbos voor Petrus of een geldzak voor Judas.

Dan dwaalt de auteur weer even af van zijn onderwerp om wat te vertellen over Maria Magdalena, trouwe metgezel van Christus en over de voedingsgewoontes van Leonardo. Blijkbaar was hij vegetariër, één van de weinige eigenschappen die hij gemeen had met de monniken. King concludeert dat uit zijn boodschappenlijstjes en uit sommige citaten van hem. Al vóór 1500 at hij maïs, een product dat pas met de ontdekking van Amerika in Europa beland was. Kleine kanttekening hierbij: Columbus keerde terug in 1493. De kans is heel klein dat men vijf jaar later al maïs verbouwde in Italië. Mogelijk is er hier een vertaalfout gemaakt: corn betekent behalve maïs, ook graan, koren en tarwe. Als er vlees op de lijstjes staat, beweert de auteur dat het bestemd was voor de leerlingen van Leonardo. De boodschappenlijstjes wegen dus niet zwaar als bewijs.

Dan belandt de auteur weer bij het schilderij zelf, onder meer het eten en drinken, de handgebaren zoals de opgestoken vingen van Thomas, de gelaatsuitdrukkingen van de 13 personen, de negatieve voorstelling van verrader Judas als linkshandig, bovendien met een beurs met geld. Ten laatste in 1498 was Het Laatste Avondmaal voltooid. Misschien al in augustus 1497, want toen kreeg Leonardo een genereus geschenk van Ludovico, een soort bonus, namelijk een perceel grond van hectare met wijngaard, vlak bij het klooster en vlak bij de stad.

In 1499 vielen de Turken Venetië aan en de Fransen Milaan. Ludovico vluchtte te paard naar Duitsland. Zo was Leonardo zijn beschermheer kwijt. De Fransen roofden erop los en stalen schilderijen, edelstenen en marmeren beelden. Het Laatste Avondmaal ontsnapte maar net aan de verwoesting. De Franse koning Lodewijk XII had er zoveel bewondering voor dat hij het mee wou nemen naar Parijs. Het viel hem echter tegen dat men het niet kon losmaken van de muur. Leonardo zat intussen zonder patroon en was meteen bereid om voor de vijand te gaan werken in een kasteel aan de Loire. Met muilezels en kisten verhuisde hij in 1499 naar Amboise. In 1503 begon hij daar aan het portret van de Mona Lisa, de vrouw van een rijke stoffenhandelaar, Francesco del Giocondo. Blijkbaar is het nooit bij de opdrachtgever terecht gekomen.

In 1508 stierf Ludovico in een kerker in het dal van de Loire. King vertelt niet hoe hij daar terecht was gekomen. Op dat moment was Leonardo opnieuw in Milaan. In 1511 vluchtte hij opnieuw uit die stad, toen Zwitserse huurlingen de Fransen verdreven. Eerst trok hij naar Rome, in 1516 naar Amboise, waar hij hofschilder werd van de Franse koning Frans I. De Mona Lisa had hij overal meegenomen, samen met enkele notitieboekjes. Op 2 mei 1519 stierf Leonardo in zijn kasteel, 76 jaar oud. Hij werd volgens zijn wens begraven in het klooster van Amboise. Na zijn dood werd de Mona Lisa verkocht aan de Franse koning. Die hing het in… zijn badkamer. Daar bleef het een paar eeuwen hangen. Napoleon hing het rond 1800 in zijn slaapkamer. Het werd pas bekend in de negentiende eeuw, toen het in het Louvre terecht kwam.

Het laatste hoofdstuk is een boeiend stuk over de geschiedenis van en de problemen met Het Laatste Avondmaal na de dood van Leonardo. Al in 1517 begon het fresco te desintegreren. In 1582 was het in een staat van totaal verval. In de achttiende en negentiende eeuw werd geregeld een knoeier aangeduid om het te restaureren. In 1796 gebruikte het leger van Napoleon de refter als paardenstal. De paarden dampten, de antiklerikale soldaten bekogelden het fresco met bakstenen. In 1943 werd het klooster getroffen door een bom van de Britten waardoor het dak van de refter werd weggeblazen en het schilderij maandenlang blootgesteld bleef aan de natuur. De laatste restauratie duurde 22 jaar lang, van 1977 tot 1999. Men verwijderde toen alle toevoegingen uit de voorbije vier eeuwen eeuw en men probeerde het te herstellen in de oorspronkelijke staat. Deze restauratie was zo ingrijpend, dat critici beweren dat het nu voor 80% het werk is van restaurateurs en slechts voor 20% van Leonardo. We vernemen hier ook dat het kunstwerk al tijdens het leven van Leonardo zo beroemd was, dat er overal in Europa kopies van werden gemaakt.


Recensie door Jef Abbeel

Ross King, Leonardo en Het Laatste Avondmaal, De Bezige Bij, Amsterdam / Antwerpen, 2012, 415 p.; foto’s, stamboom, kaart, noten, bilbiografie, register.

Links
mailto:jef.abbeel@skynet.be
Share |

De Arabische Revolutie:

tussen droom en werkelijkheid

Op woensdag 5 april 20.00 uur

Afspraak in De Markten (Oude graanmarkt 5, 1000 Brussel) voor een avond met Koert Debeuf,

schrijver, columnist, directeur van het Tahrir Institute for Middle East Policy Europe en onderzoeker aan de Universiteit van Oxford.

Zijn recentste boek is "Inside the Arab Revolution. Three Years on the Front Line of the Arab Spring".

Koert zal gebaseerd op zijn persoonlijke ervaringen de Arabische Revolutie trachten te kaderen door parallellen te trekken met de Franse Revolutie en door een aantal inzichten te bieden in het Midden Oosten.

Uw aanmeldingsmail aan info@liberales.be geldt als inschrijving.

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be