Een theorie van rechtvaardigheid

boek vrijdag 27 oktober 2006

John Rawls

Een leven delen met vrienden en geestverwanten lukt nog wel, maar hoe samen te leven met vreemden en vijanden? Als burgers moeten we deze wereld nu eenmaal delen met mensen wier opvattingen en levenwandel niet de onze zijn. Een politieke gemeenschap – een (natie)staat, republiek of internationaal samenwerkingsverband als de Verenigde Naties – kan daardoor niet zonder meer steunen op consensus over wat ‘goed’ of ‘rechtvaardig’ is. Gegeven deze verdeeldheid is samenleven geen vanzelfsprekendheid, maar een politieke opgave.

Op zoek naar een gedeelde grond deed de liberale politiek filosoof John Rawls (1921-2002), in zijn opus magnum A Theory of Justice (1971), een krachtig beroep op ieders redelijke en onpartijdige oordeelsvermogen. Daartoe nodigde hij zijn lezers uit tot een gedachte-experiment: stel dat we ons achter ‘een sluier van onwetendheid’ bevinden, waar niemand weet wat zijn levensomstandigheden zijn, zijn bestaansmiddelen, levensbeschouwing, natuurlijke begaafdheden, geslacht, leeftijd en sociale positie. Welke rechtvaardigheidsbeginselen zouden we als redelijke mensen dan kiezen? Onder dergelijke omstandigheden is het volgens Rawls aannemelijk dat mensen de volgende twee grondbeginselen van rechtvaardigheid in een samenlevingscontract zullen afspreken: ‘Eén: Elke persoon dient een gelijk recht te hebben op het meest uitgebreide stelsel van gelijke fundamentele vrijheden, een stelsel dat verenigbaar is met een vergelijkbaar stelsel van vrijheden voor anderen. Twee: sociale en economische ongelijkheden dienen zo te worden geordend dat ze zowel (a) redelijkerwijs in ieders voordeel mogen worden geacht, en b). verbonden zijn met posities en ambten die voor allen toegankelijk zijn.’

Deze twee beginselen vormen het fundament waarop Rawls zijn ingenieuze contracttheorie laat rusten; alle regels, plichten en rechten die hij verdedigt zijn terug te voeren op deze beginselen en het hypothetische gedachte-experiment waaraan deze ontleend zijn. De onbetwistbare verdienste van Rawls is dat hij met zijn rechtvaardigheidstheorie een realistisch alternatief bood voor het utilitarisme, dat al te gemakkelijk individuele vrijheden opofferde aan het streven naar algemeen nut en welzijn. Voortbordurend op het sociale contract-denken van Locke, Rousseau en Kant ontwikkelde hij een ideaal van ‘rechtvaardigheid als billijkheid’, dat tegemoet komt aan ieders aanspraak op individuele vrijheidsrechten, zonder het ideaal van democratische gelijkheid op te geven. Daarbij verwacht hij van burgers geen altruïstische offers, maar gaat ervan uit dat burgers zich laten leiden door welbegrepen eigenbelang en een besef van wederkerigheid: ‘Wie rechtvaardig handelt, komt rechtvaardigheid toe’. Loyaliteit aan het contract wordt beloond door publieke waarborgen die in ieders individuele voordeel zijn. Zo maakt Rawls duidelijk dat liberale politieke theorieën, die veelal een minimale staat voor ogen hebben, wel degelijk ruimte laten voor een sociaal vangnet voor zwakkeren. Om deze redenen is het onbegrijpelijk dat Een theorie van rechtvaardigheid pas na vijfendertig jaar in een Nederlandse vertaling verschijnt. Gelukkig is die er nu, en kenners kunnen met een gerust hart vaststellen dat het typisch Rawliaanse vocabulaire daarin uiterst precies en puntig is overgebracht naar het Nederlands.

De grote impact van Rawls’ denken staat buiten kijf. Met zijn begrippenapparaat heeft hij niet alleen het politiek-filosofische debat van de afgelopen decennia beheerst. Wereldwijd inspireerde hij burgerrechtenbewegingen en voedde grondwettelijke discussies over de verdeling van middelen en democratische vrijheden. In zijn heldere inleiding tot het Rawlsiaanse denken laat Percy B. Lehning zien hoe Rawls’ invloed zich uitstrekt over verschillende politieke stromingen. Dat de VVD het inkomensbeleid in de jaren tachtig rechtvaardigde in termen van Rawls’ rechtvaardigheidsbeginselen, weerhield Rick van der Ploeg er niet van om de PvdA een decennium later te karakteriseren als ‘Rawlsiaanse partij’.

Deze brede erkenning wijst tegelijkertijd op een fundamentele zwakte. In de toepassing van zijn beginselen wreekt zich het hypothetische alsof-karakter. Of alle afspraken die achter de sluier van onwetendheid zijn gemaakt voor de sluier – in de weerbarstige werkelijkheid – wel zo rechtvaardig en vreedzaam uitpakken is allerminst evident. Rawls had weinig oog voor de maatschappelijk dynamiek van in- en uitsluiting, waardoor aanspraken op gelijke behandeling door vrouwen, immigranten, homoseksuelen, politieke dissidenten en andere emanciperende groepen in de praktijk vaak onmogelijk verzilverd kunnen worden. Terwijl alle burgers de jure even vrij zijn, blijken sommigen de facto meer vrij dan anderen. Rawls heeft met name een blinde vlek voor de wijze waarop de vrije markt sociaal-economische ongelijkheden genereert die door een ‘slanke’ liberale overheid niet meer recht te trekken zijn. Wat kopen Marokkaanse jongeren in Nederland voor hun aanspraak op vrijheid van meningsuiting, werk en inkomen, wanneer marginalisering, uitsluiting en discriminatie op de arbeidsmarkt de realisering daarvan onmogelijk maakt? Wat blijft er kortom van die hooggestemde rechtvaardigheid over wanneer we de sluier optrekken?

Anders dan zijn volgelingen beweren, is Rawls’ theorie niet onomstreden: communitaristen hekelden het nomadisch individualisme en de veronachtzaming van de sociale banden waaraan we als persoon een identiteit ontlenen. Charles Taylor wees op de trivialisering van het menselijke vrijheidsstreven tot het nastreven van individuele keuzevrijheid. Differentiedenkers wezen op het verstikkende consensusdenken, waardoor pluraliteit en conflict bij voorbaat van het politieke debat worden uitgesloten. Milieufilosofen stelden vast dat het liberale contract met belangen van toekomstige generaties en natuur onvoldoende rekening kan houden. Neorepublikeinse denkers bekritiseerden de onderwaardering van de publieke sfeer en civil society ten opzichte van de privé-sfeer, waardoor burgerschap verwordt tot een kant-en-klare rol die een ieder door overheden wordt toegeschreven. Weer andere critici wezen op het calculerende rationalisme, waardoor aanwezige banden van solidariteit en verwantschap tussen burgers onaangesproken blijven of zelfs ontwricht kunnen raken.

En toch, met zijn robuuste voorstel geeft John Rawls ons in netelige kwesties soms ijzersterke argumenten in handen. Als hij zou moeten toezien hoe politieke vrijheidsrechten in de wereldwijde war on terroris momenteel worden uitgekleed, zou hij scherper dan wie ook kunnen laten zien dat we uit angst voor antidemocratische bewegingen zelf onze democratie om zeep helpen. Wie van zijn erfopvolgers neemt deze taak op zich?


Recensie door Dr. Dirk-Willem Postma



Deze recensie verscheen eerst in De Humanist nr. 3 van 2006

John Rawls, Een theorie van rechtvaardigheid. Lemniscaat, Rotterdam. 664 blz. € 49,95

Links
http://www.humanist.nl/
Share |

De Arabische Revolutie:

tussen droom en werkelijkheid

Op woensdag 5 april 20.00 uur

Afspraak in De Markten (Oude graanmarkt 5, 1000 Brussel) voor een avond met Koert Debeuf,

schrijver, columnist, directeur van het Tahrir Institute for Middle East Policy Europe en onderzoeker aan de Universiteit van Oxford.

Zijn recentste boek is "Inside the Arab Revolution. Three Years on the Front Line of the Arab Spring".

Koert zal gebaseerd op zijn persoonlijke ervaringen de Arabische Revolutie trachten te kaderen door parallellen te trekken met de Franse Revolutie en door een aantal inzichten te bieden in het Midden Oosten.

Uw aanmeldingsmail aan info@liberales.be geldt als inschrijving.

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be