Oranje tegen de Zonnekoning

boek

Luc Panhuysen

Wie de Nederlandse politieke term ‘polderen’ niet goed begrijpt, moet dringend Oranje tegen de Zonnekoning. De strijd van Willem III en Lodewijk XIV om Europa van Luc Panhuysen lezen. Willem was een geboren pechvogel. Hij kwam met een bochel ter wereld, had een pokkengezicht, was klein van stuk – hij werd ‘Piccinino’ genoemd – bezat een fragiele gezondheid en was een nukkige somberaar. Maar erger: omdat zijn vader Willem II een mislukte staatsgreep in Amsterdam had gepleegd werd de erfelijkheid van het stadhouderschap van Holland, Zeeland, Utrecht, Overijssel en Gelderland voor de Oranjes afgeschaft. Ook mocht de jonge Willem niet langer automatisch opperbevelhebber van het Staatse leger worden.

In feite was de piepjonge Willem na de vroege dood van zijn roekeloze vader gedegradeerd tot een machteloze protestantse prins, één uit de velen. Burgerregenten als de gebroeders De Wit hadden de macht en die deden er alles aan om Oranje op een zijspoor te houden. Niets wees er dus op dat Willem de belangrijkste en hardnekkigste tegenstrever van de Zonnekoning zou worden. Daar zorgde Lodewijk XIV hoogstpersoonlijk voor. In 1672, in Nederland algemeen bekend als het Rampjaar, viel de ongebreideld ambitieuze Franse koning Nederland binnen. Hij was zowat de tegenpool van de prins van Oranje: een beau garçon, joyeus katholiek, een rokkenjager, tuk op luxe, almachtig, ‘zot van glorie’ en extravert. Door de inval dreigde de Republiek ten onder te gaan en Willem rook zijn kansen.

Hij werd weer tot stadhouder geroepen en werd zelfs tijdelijk (en later permanent) opperbevelhebber van het leger. Hij wist de Fransen tot staan te brengen door de dijken door te steken en het land goeddeels onder water te zetten tot grote woede van Lodewijk, die van een makkie had gedroomd. Tegelijkertijd ondernam Willem talloze diplomatieke stappen met Engeland, Spanje, het Habsburgse keizerrijk en enkele protestantse Duitse staatjes om een anti-Franse coalitie te smeden, om zo de machtsbalans in Europa te herstellen. Dat lukte, maar echt hartelijk verliep de samenwerking nooit. Veel staatshoofden beloofden steun en troepen, maar in de realiteit kwam er vaak niet veel van terecht, door financiële problemen (Spanje), door strijd op andere vlakken (de keizer tegen de Turken) of door intriges (de Duitse ministaten).

Desondanks groeide Willem III meer en meer uit tot de ‘protestantse prijsvechter tegen het aartskatholieke Europa’. Hij slaagde er zelfs in om als onbeduidende stadhouder van een klein landje met Mary Stuart te trouwen, de dochter van Jacobus, de broer van de Engelse koning Karel II. Hij was nu een echte royal. Dat was in de hiërarchisch ingestelde wereld van de zeventiende eeuw een enorme upgrade. Lodewijk XIV zou het huwelijk als een regelrechte nederlaag hebben beschouwd, ‘zo groot als het verlies van een heel leger’.

De strijd tussen Frankrijk en de Republiek werd in de loop der jaren steeds bitser. De droom van Lodewijk XIV om heel Europa katholiek te maken wilde maar niet lukken, ook al omdat hij vaak eerder zijn eigen belang nastreefde dan die van het katholicisme. Zo steunde hij de Turken die het (katholieke) Keizerrijk aanvielen, ook toen ze voor de poorten van Wenen stonden). Intussen viel Willem III op vraag van leden van de Britse protestantse elite Engeland binnen om de nieuwe koning, de uitgesproken katholiek Jacobus II, zijn schoonvader, te verdrijven. Dankzij deze Glorious Revolution werd hij zelf koning en dus de evenknie van Lodewijk. Die zal zijn koningschap jarenlang niet erkennen en de naar Frankrijk gevluchte Jacobus blijven steunen en in de watten leggen. Koning ben je nu eenmaal bij Gods gratie en niet door de goedkeuring van het parlement zoals in Engeland, laat staan door usurpatie. Een koning is de vervanger van God op aarde.

Dit standpunt bemoeilijkte alle vredesbesprekingen, want de eerste voorwaarde van de Republiek tot gesprekken was telkens weer de erkenning van Willems koningschap door Frankrijk. De haat tussen de Zonnekoning en Oranje werd daardoor almaar persoonlijker. Als na een inval van Jacobus in Ierland het valse gerucht verspreid werd dat Willem gesneuveld was, vierde Parijs een week lang feest. ‘Verheugt U. Hij is dood.’ Maar Jacobus werd gauw teruggeslagen en vluchtte alweer naar Frankrijk terwijl Willem vast op de Engelse troon bleef zitten. De rivaliteit tussen beide heersers was zo groot dat in Frankrijk ‘het hof geen sinaasappels meer mag eten, en dat de vrucht en de kleur oranje van het hof worden verbannen’, zoals markiezin de Sévigné aan haar dochter schreef. In 1682 bezette het Franse leger trouwens het prinsdom Oranje. De bevolking werd er verkracht en vermoord. Dit soort lukrake wraakacties tegen Willem zouden zich nog enkele keren herhalen.

Jan Panhuysen weet de tegengestelde persoonlijkheden invoelend te schetsen: de flamboyante promiscue absolutistische Zonnekoning en de eeuwig piekerende Oranje. Terwijl Lodewijk eenkennig beslist wat hij zelf wil, moet Willem in de Republiek voortdurend onderhandelen om tot besluiten te komen, niet alleen met de Staten-Generaal en de Provinciale staten, maar ook met de Amsterdamse regenten-ondernemers, die alleen maar aan hun portemonnee denken. Zodra hij tegelijk koning van Engeland, Schotland en Ierland is, heeft hij er nog een schaakbord bij. Hij moet dan eindeloos marchanderen met parlementsleden om ze met de neus in één richting te krijgen. Een vermoeiende en moedeloos makende opdracht. Op zeker moment wordt Willem zo tot wanhoop gedreven dat hij als koning wil aftreden.

Panhuysen neemt de tijd om ook de entourage van beide sleutelfiguren uitvoerig uit de doeken te doen: diplomaten, raadgevers, generaals, vertrouwelingen, echtgenotes en maîtresses. Dat maakt het boek weliswaar behoorlijk dik maar tegelijk ontroerend, rijk en menselijk. Als Mary Stuart als vijftienjarig verwend prinsesje van haar vader hoort dat ze met die gebochelde lelijkerd moet trouwen en naar Nederland zal verhuizen, barst ze in tranen uit en huilt ze een dag lang aan een stuk door. Maar ze groeit in haar rol en leidt uiteindelijk als koningin kordaat en zelfbewust Engeland elke keer als Willem een half jaar in de Republiek verblijft.

Ook aan het Franse hof lopen sterke karakters rond. Onvergetelijk is bijvoorbeeld de diepreligieuze Madame de Maintenon die erin slaagt alle concurrenten voor de koninklijke bijslaap weg te werken, Lodewijk tot enige vroomheid te bekeren en uiteindelijk een machtsfunctie te veroveren. Ik had hier naast vele anderen ook de Franse fortenbouwer Vauban kunnen noemen, de Duitse Liselotte van de Palts, die trouwt met de broer van Lodewijk en de gevangene van Versailles wordt of Willems topdiplomaat en boezemvriend Hans Willem Bentinck. Het wemelt van de boeiende personages.

En waar blijft Vlaanderen in dit geheel? Vlaanderen, of beter gezegd de Spaanse Nederlanden, is het bloedige slagveld van de strijdende partijen. Willem creëert mede namens Spanje op eigen kosten een barrière ten zuiden van Nederland om de veiligheid van de Republiek te waarborgen. Frankrijk heeft de goedkeuring van Spanje niet nodig om Gent, Kortrijk, Brussel, Namen, Hoei en andere steden rücksichtsloos te bezetten of te verwoesten, om ook zijn veiligheidsrisico te minimaliseren.

Panhuysen heeft al eerder meeslepende boeken geschreven zoals Rampjaar 1672, De Ware Vrijheid (over de gebroeders De Wit) en De beloofde stad. Opkomst en ondergang van het koninkrijk der wederdopers, maar met Oranje tegen de Zonnekoning heeft hij een absoluut meesterwerk afgeleverd. Hij combineert hier moeiteloos stilistische brille en uitgebreide historische kennis van de periode met de individuele levens van personen die de geschiedenis hebben veranderd, beïnvloed of er een voorname rol in hebben gespeeld. Hij is zowel een meester van de grote greep als die van het sprekende detail. Hoewel het boek behalve over amourettes, vetes, verraad en intriges gaat, behandelt het ook zulke ogenschijnlijk saaie dingen als diplomatie, troepenbewegingen, ’s lands eer, fortenbouw, gloire, de universele monarchie,, dynastieke huwelijken, Europese geopolitiek en protocolincidenten en toch leest het als een roman.

Zijn besluit is glashelder: de Zonnekoning liet Frankrijk na meer een halve eeuw regeren veiliger maar verarmd achter, hij had de Staten-Generaal monddood gemaakt en de sociale ongelijkheid alleen maar vergroot. De Verlichtingsdenkers propageerden andere samenlevingsvisies en de Franse revolutie zou dit Ancien Régime totaal wegvagen. De erfenis van Willem was dubbel. In Engeland werd de protestantse troonopvolging veilig gesteld door de Act of Settlement die tot de dag van vandaag geldt. De constitutionele monarchie werd er meer en meer aan banden gelegd, lees: werd democratischer, en de kinderloze Willem zorgde ervoor dat de Hannovers aan de macht kwamen. In Nederland had hij het minder goed op orde. Engeland zou de Republiek als zeemacht overtroeven en later ook industrieel. Hoewel de Republiek weer relatief veilig was, lag de kostprijs hoog: de Gouden Eeuw was definitief voorbij.

Wie een beetje geïnteresseerd is in moderne geschiedenis, wacht niet tot hij Oranje tegen de Zonnekoning als geschenk krijgt. Hij geeft het zichzelf cadeau.


Recensie door Leo De Haes

Luc Panhuysen, Oranje tegen de Zonnekoning. De strijd van Willem III en Lodewijk XIV om Europa, 2016, 590 blz., Atlas Contact.

Links
mailto:ldehaes@houtekiet.be
Share |

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be