De man die de geneeskunde opnieuw uitvond

boek vrijdag 08 juni 2012

Luuc Kooijmans

‘Er bestaat geen kortere weg naar gezondheid dan het vermijden van een dokter,’ schreef Petrarca rond 1370. Een kleine vier eeuw later had de medische wetenschap volgens Voltaire nog maar weinig vorderingen gemaakt: ‘Artsen gieten geneesmiddelen waar ze weinig van afweten, om ziekten te genezen waar ze nog minder van afweten, in mensen waar ze helemaal niets van afweten.’ Die beroerde reputatie van de geneeskunde was niet zo vreemd, aangezien artsen vaak met remedies kwamen die erger leken dan de kwaal en patiënten niet zelden onder helse pijnen het leven lieten.

Zo’n vijftienhonderd jaar was de geneeskunde in Europa grotendeels gebaseerd op de theorie van de Griekse arts Galenus, die in de tweede eeuw na Christus tot de conclusie was gekomen dat de gezondheid van de mens werd bepaald door de balans tussen de vier lichaamssappen, te weten slijm, bloed, gele gal en zwarte gal. Elke ziekte was het gevolg van een verstoring van de balans tussen deze vier humores. Vanaf de zestiende eeuw werd dit sluitende fysiologische systeem door de toegenomen kennis van het menselijk lichaam uit zijn scharnieren gelicht.

Mede onder invloed van Descartes gingen sommige artsen het lichaam zien als een mechanisme, terwijl anderen alles trachtten te verklaren door middel van scheikundige processen. Dit resulteerde in een wetenschappelijke chaos, waarin de verschillende scholen elkaar fel bestreden zonder dat de kennis van het menselijke lichaam en ziektes sterk toenam. Wat veel van deze artsen gemeen hadden, was dat ze sterk geneigd waren de immense gaten in de medische kennis op te vullen met speculaties. Pas toen de geneeskunde op een stevige empirische basis werd geplaatst, werd op dit terrein significante vooruitgang geboekt. Hierbij werd een belangrijke rol gespeeld door de Leidse hoogleraar Herman Boerhaave (1669-1738).

Boerhaave was de zoon van een arme predikant die voorbestemd leek om ook verkondiger van het Woord te worden. Ter voorbereiding op dit ambt stortte hij zich vol overgave op de filosofie, waarbij hij zich tegen de denkbeelden van Descartes keerde. Hoewel hij als het ging om de natuurwetenschappen wel iets in diens inzichten zag, was hij van mening dat de methodische twijfel niet geschikt was om religieuze vraagstukken te benaderen. De geheimen van de religie konden immers niet worden doorgrond met behulp van het menselijk verstand, dat zich daarom beter kon richten op het verklaren van natuurverschijnselen. Bij zijn theologische studies zocht Boerhaave naar het ‘ware christendom’ en ging hij zodoende terug naar de bron, de Bijbel. Zo ontdekte hij dat die later overwoekerd was geraakt door latere interpretaties, die allemaal bedoeld waren om de eenvoudige geloofswaarheid in overeenstemming met een filosofisch systeem te brengen.

Omdat Boerhaave meer inzicht wilde krijgen in de verhouding tussen lichaam en geest – die bij Descartes strikt gescheiden waren – ging hij tevens geneeskunde studeren. Ook hier ging hij terug naar de wortels, die hij vond bij Hippocrates. Deze had vooral goed geobserveerd en nauwkeurige ziektegeschiedenissen opgetekend. Daarna was het, onder meer dankzij Galenus, misgegaan omdat er eindeloos gespeculeerd werd. Hij ging op zoek naar een nieuw systeem voor de geneeskunde, dat gebaseerd diende te zijn op ervaring en empirie. Na verloop van tijd leek zijn motivatie om predikant te worden volledig verdwenen en in 1701 werd hij lector in Leiden. Hierbij was hem beloofd dat de eerst vrijkomende leerstoel binnen de medische faculteit voor hem was. Zodoende werd hij in 1708 hoogleraar plantkunde, hoewel hij zich daar nog niet echt in verdiept had. Ook op dit terrein bleek hij zeer bekwaam – Linneaus zou later zijn Genera plantum aan hem opdragen – wat ook gold voor scheikunde, waarin hij enkele jaren later ook hoogleraar werd. Tot slot werd hij tevens hoogleraar geneeskunde, zodat het niet overdreven is om te zeggen is dat hij zich uiteindelijk doodgewerkt heeft.

Wat in de fraaie, goed geschreven biografie van Luuc Kooijmans opvalt, is dat de man ongemeen nuchter en eenvoudig was. De vele buitenlandse studenten die speciaal voor hem naar Leiden kwamen verbaasden zich niet alleen over zijn allesbehalve verheven uiterlijk – volgens een van hen leek hij op ‘ein armer Bierbräuer’ – maar ook over zijn gebrek aan pretenties. Vele aanbiedingen om lijfarts te worden van de een of andere vorst sloeg hij af, omdat hij zijn wetenschappelijk onderzoek wilde voortzetten. Maar ook als arts zag hij eenvoud als kenmerk van het ware. Over het algemeen deed de natuur zijn werk en herstelde het lichaam zich vanzelf. En door matig te eten, voldoende lichaamsbeweging en ontspanning, kon men veel kwalen voorkomen. Maar als patiënten geloofden in een of ander wondermiddel vond hij het ook best. Toen de hysterische keizerin van Oostenrijk dacht haar doofheid te genezen was door een middel te slikken waarin de haren van de zak van een bok verwerkt waren, schreef Boerhaave haar lijfarts dat het een goed idee was. Als zij erin geloofde kon het wellicht helpen.

Het enige dat in deze biografie af en toe begint te irriteren, is dat het lijkt of de hardwerkende, briljante, eerlijke, nuchtere, nimmer zijn zelfbeheersing verliezende Boerhaave over geen enkele slechte eigenschap beschikte, zodat het bijna lijkt of je een heiligenleven leest. Maar als de biograaf ze niet gevonden heeft, kunnen we hem dat moeilijk kwalijk nemen.


Recensie door Rob Hartmans

Deze recensie verscheen eerst in De Groene Amsterdammer van 24 november 2011

Luuc Kooijmans, Het orakel. De man die de geneeskunde opnieuw uitvond: Herman Boerhaave 1669-1738, Balans, 2011, 392 blz., € 24,95

Links
mailto:rhhistor@xs4all.nl
Share |

De Arabische Revolutie:

tussen droom en werkelijkheid

Op woensdag 5 april 20.00 uur

Afspraak in De Markten (Oude graanmarkt 5, 1000 Brussel) voor een avond met Koert Debeuf,

schrijver, columnist, directeur van het Tahrir Institute for Middle East Policy Europe en onderzoeker aan de Universiteit van Oxford.

Zijn recentste boek is "Inside the Arab Revolution. Three Years on the Front Line of the Arab Spring".

Koert zal gebaseerd op zijn persoonlijke ervaringen de Arabische Revolutie trachten te kaderen door parallellen te trekken met de Franse Revolutie en door een aantal inzichten te bieden in het Midden Oosten.

Uw aanmeldingsmail aan info@liberales.be geldt als inschrijving.

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be