Ongeloofwaardig

boek

Dennis Abdelkarim Honing & Nikki Sterkenburg

Ongeloofwaardig lijkt op het eerste zicht een vreemde titel voor het verhaal van een jeugdige westerling die zich tot de islam bekeert en radicaliseert om er daarna van terug te keren. Maar in het woord vooraf maakt Dennis Honing (nu Dennis Abdelkarim Honing of Abdelkarim Honing) al een verhelderende samenvatting van zijn weg heen en terug naar islam radicalisme en geeft hij een verklaring voor de titel. Honing radicaliseerde zichzelf, maar hij kwam ook zelf op het punt waarop hij de tegenstrijdigheden niet meer wilde relativeren. Wat hij daarmee deed zou 'ongeloof' zijn. "Maar mensenrechten en vrijdenken zijn voor mij belangrijker dan de rigide en inhumane interpretatie van de islam broeders met wie ik omging. Dergelijk 'ongeloof' is zeer de moeite waard, ongeloof-waardig."

Abdelkarim Honing (1990) schreef Ongeloofwaardig samen met islamkenner en journaliste Nikki Sterkenburg (1984). Honing is eerlijk dat hij het boek deels voor zichzelf schreef om zijn voorbije jaren te kunnen evalueren, maar hij schreef het ook voor Nederland, en biedt met het boek een kijk in de wereld van instellingen, jeugdgevangenissen, de islam in Nederland, en bovenal de leefwereld van de jihadisten. De jonge Dennis is zich bewust in een vreemde wereld te leven, vol ziekten, dood en verderf, en hij groeit op in een niet alledaags gezin. Onverbloemd, maar ook met liefde beschrijft Honing zijn jeugd. Toewijding en zorg staan er naast alcoholisme en geweld, saaiheid en wetteloosheid. Hoewel de jonge Dennis urenlang in een boom kon zitten mijmeren was hij in groep doorgaans niet-beschouwend en onnadenkend.

Zijn impulsief gedrag maakte hem weinig of geen vriendjes. Maar het kind leefde al met amor fati en probeerde van elke dag het beste te maken, telkens weer opnieuw te beginnen. Rond de leeftijd van twaalf jaar (de leeftijd in de jeugdjaren is niet altijd even duidelijk aangegeven, CN) komt Dennis Honing voor het eerst voor drie maanden terecht in een centrum voor kinder- en jeugdpsychiatrie. Hij komt er in een wereld met regels en daaronder gedijt Dennis naar eigen zeggen goed, want "regels zijn immers ook een vorm van aandacht en bezorgdheid; ze zijn er om je te helpen." In de verschillende instellingen - terug naar huis blijkt op een moment niet veilig meer - en de jeugdgevangenis waar hij in terechtkomt krijgt hij er ook iedere keer een nieuwe vriendengroep cadeau. Maar hij moet er zich ook een rol aanmeten om te overleven. "Net als een kat kan ik mijn haren overeind zetten en me groter voordoen. Zeker in die tijd ging me dat goed af."

Abdelkarim Honing beschrijft zijn levenswandel zo objectief mogelijk en daarin merken we mogelijk het co-auteurschap van Nikki Sterkenburg. Op geen enkel moment probeert brengt hij zijn jeugd als een vergoedelijkende factor voor zijn radicalisering. Honing haalt wel meermaals uit naar de politieke correctheid die de zaken enkel slechter maakt. De minderjarige Dennis vond het al in de instellingen heerlijk om tegen die politiekcorrecte sfeer aan te schoppen. Onder invloed van de films American History X en Tasjesdief gaat hij zich te buiten aan racistische 'grappen' en tasjesroven. De moraal van dergelijke films ging helemaal aan hem en de andere jongeren voorbij: "De scŤne waarin Edward Norton het hoofd van de neger doormidden schopt die zijn auto wilde jatten, vonden we gewoon tof." "Dat zulke films eindigen met berouw en spijt was voor ons allemaal bijzaak."

Als veertienjarige begint hij, heel nieuwsgierig, de Bijbel te lezen. Een paar jaar later neemt na het zien van The Passion of the Christ zijn belangstelling voor het christendom grotere vormen aan, en boekt hij eens succes als hij de vergevingsleer van Jezus zelf in de praktijk brengt in een zeldzaam warm moment met zijn alcoholverslaafde moeder. In de jeugdgevangenis leeft Dennis samen met Marokkanen, Turken, Palestijnen en een islamitische Javaan. Hij ziet er dat moslims zich aan meer regels dienen te houden dan hij als christen. De vasten van de katholieken vindt hij maar om te lachen. Toen er een nieuwe ramadan aanbrak deed hij mee. Het vasten vormde een ontdekkingsreis naar de islam.

Dennis ziet wel de laksheid en criminaliteit van zijn jeugdige Turkse, Palestijnse en Marokkaanse medegevangenen maar ook het altijd aanwezige respect voor hun religie, gekoppeld met een cultuur van reinheid, strenge eetregels en respect voor ouders; en dat botst met zijn kijk op de Nederlandse cultuur: "Wat hadden wij als Nederlanders nu voor cultuur? Jongeren hadden een grote bek tegen hun ouders en vonden grootouders maar saai. Seks, drugs, drank alles kon, en alles mocht, er was niet eens een achterliggende gedachte dat het eigenlijk slecht was. Ik vond dat treurig. Je krijgt nog een boete voor fietsen zonder licht, maar er was geen wet die verbood dat mijn moeder alcoholist was. Nederland heeft alleen wetten voor op straat, maar de islam durft mensen aan te spreken op wat er in hun koelkast staat en hoe ze met familie moeten omgaan. Dat waardeerde ik."

Na zijn vrijlating blijft Dennis zich aangetrokken voelen tot de islam, vooral omdat er een belangrijke politiek-maatschappelijke component in zit. De film Malcolm X had hem geleerd dat negroÔde burgers zich onder de vlag van islam verenigden en ten strijde trokken tegen armoede, drugs, criminaliteit en verregaande discriminatie. "In Nation of Islam hervonden zij hun identiteit en sociale normen en waarden. (..) Bekeren hielp hen om een beter mens te worden en daarmee streefden ze samen ook naar een betere maatschappij."

De nieuwsgierigheid die hij ook al voor de Bijbel voelde brengt hem eerst naar de als 'zeer liberaal bekendstaande Poldermoskee' waar men heel anti-orthodox was, "zodat ik uit nieuwsgierigheid besloot dat ik zelf wilde uitmaken wat die orthodoxie precies inhield". Hoewel Dennis vond dat hij pragmatisch in zijn geloof stond ("Het ging mij om leefregels omtrent drugs, belasting voor de armen, ethiek rondom seksualiteit, staatkunde, politiek en bidden."), slikte hij zijn kritiek op islam in. Hij had het idee dat hij zijn nieuwe religie ten volle moest accepteren en wilde openlijk uitdragen dat hij moslim is. Hij besloot meer islamitische kledij te gaan dragen en verandert zijn naam in 'Abdelkarim' naar de Marokkaanse strijder Mohammed Abdelkarim el-Khattabi (1880-1963).

Al vrij snel wordt Dennis Abdelkarim Honing gescout door de politiek salafist Abu Rachid (gefingeerde naam). Om de islam ook een religie van het Westen te maken worden bekeerlingen uit het Westen ingezet. Die zijn heel gegeerd, hebben een grote aantrekkingskracht en fungeren als een soort praalwagens. Abdelkarim krijgt theologische lessen in Egypte aangeboden, samen met financiŽle stabiliteit, ťn een podium: "een gouden kans voor iemand die ervan droomde om mensen net zo toe te spreken als Malcolm X en Muhammed Ali." Toen hij zich bekeerde, leek de orthodoxie aanvankelijk heel ver weg. "Ik had een boekje van Arjan Erkel over Samir A. van de Hofstadgroep gelezen. Wat hij aanhing, leek me een heel andere islam. Maar op een zeker moment had ik ook een lange baard, droeg ik islamitische kleding, stond ik op de barricade Mohammed B. te verdedigen en sliep er een jihadist bij mij op de bank."

Abdelkarim gaat naar wel Egypte maar verliest er zijn eigenzinnigheid niet. Hij wil allerlei moslimgroepen en -gemeenschappen spreken, ze aan het woord laten en er zich in verdiepen. Ondertussen deel uitmakend van een orthodoxe groep was die pluriformiteit lastig om dragen. Abdelkarim wilde eigenlijk niet gevormd worden maar zijn eigen zoektocht uitstippelen. Er ontstaat onenigheid met Abu Rachid over een You-Tube filmpje van Abdelkarim die Abu Imraam (in Vlaanderen beter gekend als Fouad Belkacem) aan het woord laat. Anders dan Abu Imraam verkiest Abu Rachid om van onderuit te werken, als een mol onder Nederland hier en daar een paar autochtone woordvoerders omhoog te duwen.

De geestelijke zoektocht van Abdelkarim gaat verder, en hij stelt zich opnieuw voor andere overtuigingen open. Om geprikkeld te geraken begint hij onder andere Nietzsche te lezen. Tegenstrijdigheden binnen theorie en praktijk van islam beginnen te knagen aan Abdelkarims radicalisme en hij begint het salafisme te rigide te vinden. Uiteindelijk keert hij de orthodoxe islam de rug toe. Abdelkarim heeft de nieuwsgierigheid op zijn geestelijke zoektocht nooit verloren en heeft zijn kritisch denken laten ontwikkelen.

Abdelkarim noemt de 'onwetende linkse commune' die westerse salafisten afdoet als sporadische mislukkelingen zelf als een bedreiging voor het Nederlandse volk. Jihadistische salafisten knutselen niet zelf theologische onderbouwingen in elkaar en het zijn geen stel eenzame geknakte zielen, mislukkelingen en werklozen. Abdelkarim laat zien dat het gaat om jongeren die een radicale weg opgaan van een internationale stroming waar een apparaat van theologen, boeken en lezingen achter zit. Jongeren als Dennis die op zoek zijn naar identiteit, naar zin, waarde en zuiverheid, of naar de geborgenheid van een gemeenschap, kunnen snel verstrikt raken in radicale islam; en een islamitisch rijk stichten is nooit geweldloos gegaan.

Het probleem van radicalisering moet volgens hem door een andere koers worden aangepakt. Abdelkarim pleit voor het behoud van pluriformiteit en voor een grotere gerichte weerzin tegen bewezen onethische zaken binnen de islam, voor het permanent aftappen van orthodoxe groepen, een beleid op basis van bevindingen van de Nederlandse inlichtingendiensten, en voor het heroverwegen van financiŽle banden met landen die mensenrechten schenden. De dubbele moraal die hij in de radicale islam aantrof blijft hij ook heel duidelijk terugvinden in het westen, niet in het minst op het vlak van wereldpolitiek waarin financiŽle belangen de overhand hebben boven moraal.

Dennis Abdelkarim Honing profileert zich met dit boek als cultuurcriticus van zowel het westen als de islam. Iedereen die zich afvraagt waarom er vanuit Nederland en BelgiŽ zo veel jongeren richting het IS-kalifaat vertrekken zou het verhaal van Dennis Abdelkarim Honing moeten lezen.


Recensie door Claude Nijs

Dennis Abdelkarim Honing & Nikki Sterkenburg, Ongeloofwaardig. Hoe ik mezelf radicaliseerde, en daarvan terugkwam, Uitgeverij Q, Amsterdam - Antwerpen, 2015

Links
mailto:claudenijs@icloud.com
Share |

De Arabische Revolutie:

tussen droom en werkelijkheid

Op woensdag 5 april 20.00 uur

Afspraak in De Markten (Oude graanmarkt 5, 1000 Brussel) voor een avond met Koert Debeuf,

schrijver, columnist, directeur van het Tahrir Institute for Middle East Policy Europe en onderzoeker aan de Universiteit van Oxford.

Zijn recentste boek is "Inside the Arab Revolution. Three Years on the Front Line of the Arab Spring".

Koert zal gebaseerd op zijn persoonlijke ervaringen de Arabische Revolutie trachten te kaderen door parallellen te trekken met de Franse Revolutie en door een aantal inzichten te bieden in het Midden Oosten.

Uw aanmeldingsmail aan info@liberales.be geldt als inschrijving.

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be