Van sommige boeken vraagt men zich af waarom ze geschreven zijn. Ze zijn zo leeg dat ze bedrukkend zwaar worden. Het lijkt er misschien wel op dat een schrijver die niets te zeggen heeft maar beter zwijgen kan. Niet zo, vindt Denis Grozdanovitch. Zijn motto, ontleend aan de Franse scenarist en dialoogschrijver Michel Audiard, is dat niets te zeggen hebben niet meteen betekent ‘dat je je bek moet houden’. In het voorwoord van zijn nieuwste boek De moeilijke kunst van het bijna-nietsdoen vraagt Grozdanovitch om met die ingesteldheid zijn boek door te nemen. Een aankondiging en waarschuwing dat er dus niet veel zinnigs te verwachten valt.

De basisstelling van de Franse schrijver is dat een mens zich in het algemeen niet te veel moet inspannen. Als iets moeite kost, is het vaak al de moeite niet meer waard. De luie gemakzucht als levenskunst! Die gedachte moet een beetje het bindmiddel zijn tussen de korte hoofdstukjes waaruit het boek is opgebouwd. Het gaat om een verzameling columns, korte essays en artikels die Grozdanovitch voor Libération heeft geschreven, her en der aangevuld met iets nieuws. Daarbij valt al meteen op dat lang niet alle bijdragen iets te maken hebben met de thematiek van de luiheid en de ‘moeilijke kunst van het nietsdoen’. Het geheel van het boek oogt dan ook als een vluchtig en weinig harmonisch lapjeswerk.

Om zijn basisstelling kracht bij te zetten, beroept Grozdanovitch zich onder andere op enkele bedenkelijke taoďstische levenswijsheden. Zij prijzen het nietsdoen als de geheime weg naar het ultieme geluk. Ook verwijst hij naar Oblomov, die pathologische luilak uit de gelijknamige roman van Ivan Gontsjarov. Maar deugt die luiheid wel? Oblomov mist de liefde van zijn leven door zijn eigen luiheid en sterft uiteindelijk aan een teveel aan pasteitjes en een tekort een beweging. De luiheid van Oblomov was ziekelijk en dodelijk. Een groot geluk lijkt dat niet. Grozdanovitch pleit ervoor dat we niet noodgedwongen mee moeten met de rat race van het moderne leven. Daar valt zeker wat voor te zeggen, maar dat betekent niet dat een hernieuwd oblomovisme onze moderne levens de zin gaat geven die ze voor menigeen verloren lijken te hebben. Oblomovs leven was immers zelf weinig zinvol of hoopgevend.

Grozdanovitch vindt dat we vaker zouden moeten gaan vissen of een museum bezoeken in plaats van gebukt te gaan onder een veeleisend arbeidsethos. Een boek lezen, schaken, tennissen. Kortom, die dingen waarmee Grozdanovitch zijn dagen vult. Heel mooi, maar het klinkt nogal blasé uit Grozdanovitch’ mond. Het lijkt immers wel alsof hij vergeet dat het leven niet uit ontspanning alleen bestaat en hij de mensen verwijt dat ze ook hun brood op de plank moeten verdienen. Een partijtje schaak of tennis zijn best leuk natuurlijk, maar als je een gezin te onderhouden hebt, zijn er natuurlijk dwingender zaken om het leven zinvol en aangenaam te maken. Het roept onwillekeurig de woorden op van de Russische criticus die zich afvroeg wat mensen hebben aan Poesjkins gedichten als ze niet eerst over brood en een paar stevige winterlaarzen beschikken.

Het grootste probleem van Grozdanovitch’ filosofie van het nietsdoen is dat zij uitmondt in onverschilligheid en relativisme. Je behoeft niets te doen, je van niets wat aan te trekken. Rek je uit en kijk hoe de wereld ten onder gaat. Want, zo stelt Grozdanovitch, hoeveel we ook ons best doen om de dingen te veranderen, alles blijft toch hetzelfde. Het vergt dit inzicht en de moed om ernaar te leven om uiteindelijk de dingen hun beloop te laten. Al het overige doet er niet toe. Eigenlijk is dat een heel foutieve en perfide ingesteldheid: laat alles zoals het is en doe vooral niets. De vooruitgang van de stilstand, is echter altijd de stilstand van de vooruitgang. En wie wordt daar beter van? Het is een besef dat in deze tijden van opeenvolgende politieke impasses des te belangrijker wordt.

Albert Camus beschreef het perfide karakter van de onverschillige lediggang en passieve stilstand in vele van zijn werken. In De pest doet dat wat tragikomisch aan. Eén van de personages uit De pest leeft volgens de leefregels van Grozdanovitch. Hij meent dat niets zin heeft, dat alles gedoemd is om ten onder te gaan en vergankelijk is. “Daar viel dus weinig mee te beginnen en het beste was dan ook maar om inderdaad niets te doen”, lezen we bij Camus, want als al het menselijke handelen vergeefs is, kan je even goed niets doen. Camus’ personage blijft vijfentwintig jaar in bed liggen met voor zich twee kookpannen. Hij slijt zijn dagen door erwten van de ene pan in de andere te leggen en weer terug. Op die wijze toont Camus ons natuurlijk het morele failliet van het bijna volmaakte nietsdoen; de volstrekte zinloosheid van het leven onder het gesternte van de lediggang.

Uiteindelijk kan men zich ook afvragen of Grozdanovitch dat ook niet ergens beseft en of hij wel echt zijn eigen basisstelling onderschrijft. Ten eerste is hij zelf een erg naarstig veelschrijver en een heel belezen man. Dat wordt je natuurlijk niet al duimdraaiend. Ten tweede bevat het boek ook een kort hoofdstukje over het perfectionisme en de persoonlijke vervolmaking. Daarin stelt de schrijver dat het nastreven van perfectie voldoening schenkt en zin geeft aan het leven. Hoe dat echter valt te rijmen met een pleidooi voor het nietsdoen als levenskunst blijft een raadsel.

Terwijl Grozdanovitch’ basisstelling flinterdun is, is zijn schrijfstijl bijzonder zwaar. Het nut en bestaan van leestekens lijkt hem soms te ontgaan. Daardoor worden zijn zinnen vaak oeverloos lang. Een leesplezier is het zeker niet en wijzer wordt men er ook niet van. Inderdaad blijkt Grozdanovitch bijna niets te zeggen te hebben. En helaas voor Grozdanovitch kan hij dat niet rechtvaardigen door zich te verbergen achter de woorden van Audiard. Misschien had hij hier toch maar beter de pen ter zijde gelaten en het gehouden bij een partijtje schaak of tennis.


Recensie door Alicja Gescinska


Denis Grozdanovitch, De moeilijke kunst van het bijna-nietsdoen, Mouria, 2010, 270 blz.

Links
mailto:Alicja.Gescinska@UGent.be
Share |

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be