De waarheid over Molenbeek

boek

Philippe Moureaux

De daders van de terreuraanslagen in Parijs op 13 november 2015 waarbij 129 doden en meer dan 350 gewonden vielen, werden al snel gelinkt aan de Brusselse gemeente Molenbeek. Ook na de aanslagen in Brussel en Zaventem bleken de daders afkomstig te zijn uit deze gemeente. ‘Sint-Jans-Molenbeek, broeihaard van terrorisme’, zo kopte De Standaard. Het leidde ook in andere media tot heel wat beschuldigingen aan het adres van de voormalige burgemeester van Molenbeek, Philippe Moureaux. Volgens de enen zou hij de problemen van het toenemende radicalisering onder jonge moslims onderschat hebben, anderen verweten hem ronduit laksheid en een al te tolerant beleid ten aanzien van het gebrek van vooral jonge moslims om zich te integreren in onze samenleving. Moureaux reageerde met de vaststelling dat hij al drie jaar lang geen burgemeester meer is en dus moeilijk verantwoordelijk kan gesteld worden voor de radicalisering en uittocht naar Syrië van een aantal jongeren om er te gaan vechten in de Islamitische Staat. Maar dat nam de kritiek op de voormalige burgemeester niet weg.

Om de felle kritiek op zijn persoon te pareren, publiceerde Philippe Moureaux nu het boek De waarheid over Molenbeek waarin hij de beschuldigingen weerlegt en zijn persoonlijke analyse geeft over het succes van het jihadisme in Molenbeek en in andere steden en gemeenten. Daarbij gaat hij ook in tegen de stemmingmakerij die de hele moslimpopulatie wil stigmatiseren. Al hanteert de auteur daarbij een zakelijke stijl, toch proef je op elke bladzijde zijn woede over de manier waarop hij in de periode na de aanslagen in de pers werd afgeschilderd. Het boek is evenwel meer dan een pleidooi pro domo. Het geeft ook een goed zicht op de rol, de macht en de impact van een lokale burgemeester in een gemeente rond een probleem dat we gerust als mondiaal mogen omschrijven. Al is ook duidelijk dat Moureaux niet zomaar een doorsnee burgemeester was, maar een topfiguur uit de PS die voordien minister is geweest van Binnenlandse Zaken, Institutionele Hervormingen, Justitie en Sociale Zaken. Hij had contacten in de hoogste regeringskringen en was lange tijd een belangrijke stem binnen zijn socialistische partij.

Philippe Moureaux werd burgemeester van Molenbeek in 1993 en bleef dat tot 2012. Bij zijn aantreden gooide hij zich op drie dossiers: de bouw van een nieuw politiekantoor, de opwaardering van de verloederde volkse wijken, en de aanpak van de aan hun lot overgelaten jeugd. Tevens was hij vastbesloten om te strijden tegen het latente racisme waarvan vooral moslims het slachtoffer zijn (in 1981 liet hij als minister van Justitie de door hem ingediende antiracismewet goedkeuren). En hij trad al snel in contact met moslimvertegenwoordigers om de bevolking met een migratieachtergrond beter te begrijpen. Zo bouwde hij contacten uit met de vele Molenbeekse moskeeën, iets wat hem later zal helpen om opstootjes bij de jongeren (naar aanleiding van de Tweede Golfoorlog) te vermijden, zo schrijft hij. Hij ontmoette ook Tariq Ramadan over wie hij bijzonder positief is omdat die het Europese democratische systeem zou verdedigen en zich tegen gedwongen huwelijken zou keren. Blijkbaar is het Moureaux ontgaan dat Ramadan zijn discours aanpast in functie van het publiek en niet streeft naar een seculier Europa maar naar een moslimsamenleving gebaseerd op religieuze regels.

Toch blijft Moureaux zich verdedigen tegen de aanklacht van zijn vermeende laksheid ten aanzien van de radicale islam. Hij stelt dat hij de eerste Belgische burgemeester was die een gemeentelijk reglement liet goedkeuren om volledig gesluierde vrouwen op straat te verbieden. Hij verwijst naar zijn strijd tegen de drugshandel in zijn gemeente, de depolitisering van het toewijzen van sociale woningen, en de invoering van het eerste inburgeringstraject van Brussel in 2000 omdat hij het absoluut nodig vond dat nieuwkomers een van onze landstalen aanleerden. Hij was zich bewust van het feit dat sommige moslims ‘opschuiven naar een religieus rigorisme’, maar dat is volgens hem niet typisch voor Molenbeek, het komt overal voor. En hij haalt voorbeelden aan van zijn doortastendheid ten aanzien van vrouwen die hem weigeren de hand te schudden (wat hij stellig afkeurt) en van een incident waarbij een gesluierde vrouw die weigerde te gehoorzamen aan de bevelen van de politie, werd opgepakt en naar het commissariaat gebracht.

Dat laatste incident leidde in juni 2012 tot een grote betoging in Molenbeek waarop heel wat sympathisanten van Sharia4Belgium aanwezig waren. ‘De betogers komen niet van Molenbeek maar van Antwerpen’, verklaarde Moureaux toen in de pers. De politie hield ‘een groep van een vijftiental leden of sympathisanten van Sharia4Belgium aan, die hun ideologie in de probleemwijken willen importeren’, schrijft hij, en het vormt de aanzet tot de oprichting van een cel ‘radicalisme’ binnen de gerechtelijke brigade. Moureaux plaats een en ander ook in een internationale context, en dat is ook het meest interessante deel van het boek. Zo verleende de VS eerst steun aan Osama Bin Laden in zijn strijd tegen de Sovjets in Afghanistan, maar nadien keerde Bin-Laden zich met Al Qaida tegen diezelfde VS. Ook de tweede inval in Irak was een miskleun en zou hebben bijgedragen tot bewondering van veel moslims voor Bin Laden. Daarna volgde de strijd tegen de Libische leider Khadafi waarbij wapens werden geleverd aan onder meer islamitische extremisten.

En dan begon de strijd in Syrië waarbij men vanuit het Westen voluit steun verleende aan de tegenstanders van Bashar al-Assad. Het liep uit op een regelrechte dodelijke confrontatie tussen soennieten en sjiieten in het hele Midden-Oosten. In die complexe militaire maar ook religieuze situatie ontstond de Islamitische Staat dat halfweg 2014 de oprichting van een kalifaat aankondigde. ‘Het monster is losgelaten en wordt een bedreiging voor de hele wereld’, aldus Moureaux. Want een deel van de strijders in Syrië keerde terug naar Europa en pleegde er terreurdaden in naam van IS en hun verderfelijke ideeën. Maar waarom zijn zoveel jongeren naar Syrië vertrokken? ‘Of ze nu keken naar Europese zenders of grote Arabische media als Al Jazeera, steeds weer kregen ze (de jonge moslims) dezelfde boodschap te zien. We moeten Bashar al-Assad van de macht verdrijven! Natuurlijk werd ook in de moskeeën hetzelfde deuntje afgespeeld’, aldus Moureaux. Eind 2012 (dus na zijn burgemeesterschap) is het ronselen voor de jihad in Syrië begonnen, zo schrijft hij.

De auteur wijst hier met een beschuldigende vinger naar Sharia4Belgium, al vermeldt hij ook de namen van individuele moslims zoals Abdelhamid Abaaoud, die later betrokken blijken te zijn bij de aanslagen in Parijs en die een band hebben met zijn gemeente. Moureaux wijst op een aantal elementen die een rol speelden bij het ronselen. Vooreerst geld: jongeren kregen een vertrekpremie en de belofte van financiële steun voor de familie van de toekomstige jihadi. Verder is er de onmiskenbare impact van het internet, niet alleen in het ‘brainwashen’ van mensen, maar voor het doorgeven van richtlijnen en waarschuwingen. Dan is er de factor ‘religieus radicalisme’ waarbij de auteur vooral wijst op de ‘toespraken van aanhangers van het gewelddadig salafisme’. Er is de zoektocht van die jongeren naar hun identiteit, waarbij Moureaux verwijst naar het sociaal klimaat van verbittering, desillusie en discriminatie die ervoor zorgt dat ze zich geen deel voelen uitmaken van onze samenleving, en dat sommigen onder hen voordien al naar de kleine criminaliteit had gedreven. Tenslotte wijst hij op de nefaste impact van de gevangenis als een soort ‘leerschool voor de misdaad’.

In zijn slothoofdstukken rekent Moureaux af met de huidige burgemeester van Molenbeek en de huidige minister van Binnenlandse Zaken. Hij weerlegt nogmaals de beschuldiging dat hij in Molenbeek een klimaat zou hebben gecreëerd waarin het jihadisme kon ontstaan. En hij waarschuwt tegen een storm van islamofobie die zich door de aanslagen zou kunnen keren tegen een gehele bevolkingsgroep die in grote meerderheid de gruwel verwerpt en afkeurt. Wie het boek leest, begrijpt dat het te eenvoudig is om één man verantwoordelijk te stellen voor alles wat er de voorbije maanden en jaren is misgelopen. Een groot deel van de politieke klasse, in het bijzonder ter linkerzijde, moet zich echter wel de vraag stellen of het multiculturalisme en het daarmee verbonden cultuurrelativisme wel de juiste weg was (en is) om nieuwkomers in onze samenleving goed te integreren. Het is op dit vlak dat Moureaux, naast vele anderen, gefaald heeft. Hoezeer het is misgelopen en nog steeds misloopt, blijkt uit het boek De grote verwarring van Luckas Vander Taelen, eveneens uit Brussel.


Recensie door Dirk Verhofstadt

Philippe Moureaux, De waarheid over Moureaux, Horizon, 2016

Links
mailto:verhofstadt.dirk@telenet.be
Share |

De Arabische Revolutie:

tussen droom en werkelijkheid

Op woensdag 5 april 20.00 uur

Afspraak in De Markten (Oude graanmarkt 5, 1000 Brussel) voor een avond met Koert Debeuf,

schrijver, columnist, directeur van het Tahrir Institute for Middle East Policy Europe en onderzoeker aan de Universiteit van Oxford.

Zijn recentste boek is "Inside the Arab Revolution. Three Years on the Front Line of the Arab Spring".

Koert zal gebaseerd op zijn persoonlijke ervaringen de Arabische Revolutie trachten te kaderen door parallellen te trekken met de Franse Revolutie en door een aantal inzichten te bieden in het Midden Oosten.

Uw aanmeldingsmail aan info@liberales.be geldt als inschrijving.

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be