The Most Good You Can Do

boek

Peter Singer

Peter Singer, een Australische professor bio-ethiek aan de universiteit van Princeton, is een gevestigde waarde in debatten rond praktische ethiek. Het meest bekend is hij door zijn verdediging van dierenrechten, zijn pleidooi voor abortus en de argumentatie voor de morele plicht van de rijken der aarde om wereldwijde armoede en hongersnood te bestrijden. Zijn positie in deze debatten wordt steeds bepaald door het fundamenteel utilitaristische uitgangspunt dat moreel handelen erin bestaat datgene te doen dat het meeste nut of geluk oplevert voor een zo groot mogelijke groep.

In The Most Good You Can Do verdedigt Singer een ethische stroming die recent ontstaan is en nog maar in haar kinderschoenen staat: het ‘effectief altruïsme’. Het effectief altruïsme maakt twee belangrijke claims. Ten eerste hebben mensen, voornamelijk in het rijke Westen maar ook elders, een veel grotere morele plicht dan over het algemeen wordt aangenomen om van deze wereld een betere plaats te maken. Het klopt dat de meesten onder ons af en toe wel eens een gift doen aan een goed doel, nu en dan rekening houden met het leed dat dieren ervaren en de auto al eens laten staan om naar de bakker te gaan. Het effectief altruïsme stelt echter dat we ‘goed doen’ veel ernstiger moeten nemen, dat we allemaal veel meer geld aan goede doelen moeten geven en ons handelen moeten aanpassen om zoveel als mogelijk dierenleed te vermijden en de klimaatopwarming tegen te gaan. Ten tweede hebben mensen de morele plicht om, wanneer ze goed doen, hun inspanningen zo te organiseren dat ze het meeste goed realiseren. Wanneer we er bijvoorbeeld voor kiezen om een goed doel te steunen, dienen we er ons van te vergewissen dat het gekozen doel zo efficiënt mogelijk omgaat met haar middelen en de creatie van nut en geluk probeert te maximaliseren.

De eerste claim van het effectief altruïsme is in filosofische middens algemeen aanvaard. Op de schouders van de rijken der aarde rust een erg grote plicht om, bijvoorbeeld, armoede de wereld uit te helpen. De reden waarom rijken deze plicht hebben mag dan wel onderwerp zijn van debat, dat er meer inspanningen moeten geleverd worden om zaken als honger, kindersterfte en eenvoudig vermijdbare ziektes te bestrijden, staat buiten kijf. De kloof tussen de rijkste 10 procent wereldbewoners en de 1,2 miljard mensen die moeten rondkomen met minder dan een euro per dag is onaanvaardbaar (Human Development Report, 2014). Voordat u de verantwoordelijkheid doorschuift naar de Bill Gatsen en Donald Trumpen van deze wereld moet u weten dat iedereen die in België een netto inkomen van 1200 EUR per maand ontvangt, tot de 10 procent rijksten van de wereld behoort. Verdient u meer dan 1900 EUR netto per maand? Dan behoort u reeds tot de 5 procent rijksten der aarde (www.givingwhatwecan.org). U hoeft dus zelfs geen huis te kunnen kopen en een jaarlijkse buitenlandse reis te kunnen maken om aangesproken te worden door Singers pleidooi. De morele plicht om de minderbedeelden te helpen valt net zo goed op uw schouders.

Maar hoeveel moeten we dan aan het goede doel geven? Singers antwoord is eenvoudig: “zoveel mogelijk”. In het boek overloopt hij een lijst van personen die met recht en rede ‘effectieve altruïsten’ genoemd kunnen worden. Sommigen geven 5 procent van hun jaarlijkse inkomen, anderen zelfs tot 50 procent en meer. Een precieze grens bepalen van wat we minimaal aan het goede doel moeten geven om een ethisch goed leven te leiden, blijft een arbitraire oefening waar ook effectieve altruïsten het niet over eens zijn. Singer zelf denkt dat inwoners van België met een gemiddeld jaarlijks bruto inkomen van 39 132 EUR zich minstens zouden moeten verbinden tot een donatie van 1,7 procent of 660 EUR per jaar (www.thelifeyoucansave.org). Giving What We Can, een andere organisatie die het effectief altruïsme uitdraagt, daagt iedereen uit om 10 procent van zijn of haar netto inkomen aan goede doelen te spenderen (www.givingwhatwecan.org). Voor het Belgische gemiddelde netto maandloon van 2068 EUR betekent dit dus een jaarlijkse donatie van 2482 EUR. Deze suggesties geven aan dat, wat dan ook minimaal aanvaardbaar zou zijn voor effectieve altruïsten, het te doneren bedrag alvast veel hoger ligt dan wat de meesten vandaag aan goede doelen spenderen.

De tweede claim is meer controversieel, maar lijkt toch erg plausibel. Deze claim stelt dat, wanneer we goed willen doen en bijvoorbeeld aan een goed doel willen geven, we onze middelen op een zo efficiënt mogelijke wijze moeten aanwenden en investeren. Zo is het bijvoorbeeld efficiënter om eenmalig een groot bedrag te geven aan een goed doel dan kleine donaties te spreiden over verschillende doelen. Dit komt omdat de administratieve kost van het verwerken van de donatie vaak al een groot deel van het kleine bedrag opslorpt. Nog veel belangrijker is om het juiste goede doel uit te kiezen. Mensen hebben de plicht, zo stelt Singer, om te doneren aan het goede doel dat het meeste goed doet. Een concreet voorbeeld kan deze positie verduidelijken. Het jaarverslag van ‘Make-a-Wish Belgium-Vlaanderen’ leert dat deze organisatie in 2015 608.451 euro heeft besteed aan het in vervulling brengen van de dromen van 161 ernstig zieke kinderen. Deze organisatie spendeert dus gemiddeld 3779 om de droom van een kind te verwezenlijken en hem of haar een onvergetelijke dag te bezorgen.

Met dank aan het onderzoekswerk van de organisatie GiveWell weten we dat de ‘Anti Malaria Foundation’ met 3779 euro 755 anti-malaria netten kan verspreiden in sub-Sahara Afrika en zo minstens 755 kinderen kan beschermen tegen een ziekte die nog steeds een half miljoen doden per jaar eist (www.givewell.org). De ‘Deworm the World Initiative’ kan voor datzelfde bedrag dan weer 4723 kinderen bevrijden van wormen die ziektes veroorzaken en direct leiden tot ernstige schoolachterstand bij de getroffenen. Het is duidelijk dat doneren aan een organisatie die malaria bestrijdt of kinderen ontwormt honderden of zelfs duizenden keren effectiever is dan het ondersteunen van Make-a-Wish. Het effectief altruïsme stelt dan ook dat we de morele plicht hebben om deze meer effectieve organisaties te ondersteunen en de minder effectieve organisatie links te laten liggen.

Singers boek is erg toegankelijk en vlot leesbaar, doorspekt van voorbeelden en anekdotes. Het verduidelijkt en verdedigt het effectief altruïsme. Op zichzelf is dit boek onvoldoende voor een volledig beeld van deze nieuwe ethische stroming en voor een afweging van alle voor een nadelen, maar het zet ongetwijfeld elke lezer aan tot een kritische reflectie van de eigen inzet voor een betere wereld.


Recensie door Kasper Ossenblok

Peter Singer, The Most Good You Can Do. How Effective Altruism Is Changing Ideas About Living Ethically, Yale University Press, 2015

Links
mailto:Kasper.Ossenblok@UGent.be
Share |

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be