Van kansarm naar kansrijk?

boek vrijdag 08 januari 2010

Jean-Pierre Markey

Gelijke kansen zijn voor zowat alle politieke partijen een doel. De bekendste poging vanuit de politiek om tot gelijke kansen te komen is het zogenaamde GOK-decreet van voormalig Vlaamse minister van Onderwijs Frank Vandenbroucke. Met dit decreet wordt een beleid mogelijk gemaakt zodat het onderwijs in Vlaanderen meer gelijke onderwijskansen zou bieden. Dergelijke aanpak is top-down, namelijk van bovenaf een kader en beleid opleggen. Dat is typisch iets wat men van politici mag verwachten, omdat dit een beleid is dat in hun referentiekader en mogelijkheden past. En dat hoeft helemaal niet slecht te zijn. Het GOK-decreet lijkt dan ook meer voor- dan tegenstanders te hebben.

Maar er is ook een andere aanpak mogelijk, namelijk bottom-up. Mensen die van onderen uit aan de problematiek van ongelijke kansen willen werken. Jean-Pierre Markey is zo een initiatiefnemer van een project, De Katrol geheten, dat van onderen uit is opgestart. In het boek Van kansarm naar kansrijk? zet hij het opzet uiteen van De Katrol, evenals de praktische invulling ervan en de (financierings)problemen die overwonnen moesten worden.

Het project bestaat erin dat studenten uit diverse sociale opleidingen (lerarenopleiding, maatschappelijk werker, sociale verpleegkunde,…) over een periode van drie maanden tweemaal in de week gedurende één uur kinderen aan huis ondersteunen in hun studies. Ondanks de vaststelling dat schoolse problemen van kansarme kinderen meestal veroorzaakt worden binnen de gezinnen zelf, komen de studenten nooit in de plaats van de ouders: de ouders blijven te allen tijde de opdrachtgevers. Dit is belangrijk, onder meer omdat anders ouders de studenten als een bedreiging kunnen zien in plaats van een hulp.

Door deze aanpak tracht De Katrol drie doelstellingen te realiseren. Ten eerste wil het kansarme kinderen kansrijk maken. Daarmee sluit het project aan bij het GOK-decreet. Het project richt zich op kinderen in de derde kleuterklas en het eerste en tweede leerjaar. Ten tweede wil het de zelfredzaamheid van de ouders verhogen en een onderwijscultuur in het gezin installeren. De auteur spreekt letterlijk van ‘empowerment’ en dit moet liberalen als muziek in de oren klinken. Inderdaad, het project heeft als langetermijndoelstelling dat de gezinnen uit de afhankelijkheid geraken en blijven. Een begeleiding van een gezin is pas geslaagd als het ook na de periode met externe hulp op hetzelfde pad blijft. De auteur geeft wel toe dat dit niet zo eenvoudig is: in sommige gezinnen neigde het project naar begeleiding in plaats van ondersteuning.

Ten slotte moeten de begeleiders er ook iets van leren, zodat het een echte win-winstituatie is. Door toekomstige leerkrachten en hulpverleners in contact te laten komen met gezinnen die in armoede leven, krijgen ze een beter zicht op wat armoede betekent. En dat is nodig, want, zo schrijft de auteur: “Hardnekkige vooroordelen, zoals kansarme ouders die geen of onvoldoende aandacht hebben voor het schoolse gebeuren van hun kinderen, zijn vrij algemeen verspreid (…). Te gemakkelijk worden de problemen waarmee kansarme leerlingen kampen, omschreven als achterstand en een gebrek aan interesse.” Door het project De Katrol kunnen de toekomstige leerkrachten en hulpverleners zelf zien dat dit niet het geval is, wat een enorm voordeel oplevert voor later. Het project verhoogt dus ook het inlevingsvermogen.

Dat bottom-up en top-down elkaar kunnen versterken blijkt ook uit het project De Katrol. Het project begon vóór er sprake was van het GOK-decreet, maar ondertussen gebruikt De Katrol de GOK-indicatoren om hun doelgroep af te bakenen. En over het GOK-decreet in het algemeen laat de auteur en projecthouder zich positief uit. Dat betekent dat politici dergelijke bottom-up projecten niet als concurrenten mogen beschouwen, maar veeleer als partners die hetzelfde doel willen realiseren, maar met een andere, complementaire aanpak. Politici zouden dan wel dat meer aandacht moet geven aan dergelijke bottom-up projecten, waarbij subsidies sneller zouden moeten toegekend worden. Een getrapt subsidiesysteem zou een oplossing kunnen bieden, waarbij nieuwe projecten gemakkelijk subsidies krijgen voor een periode van 1 à 2 jaar, waarna een wetenschappelijke evaluatie volgt. Projecten die dan nog voldoen, zouden recht moeten hebben op een structurele subsidie.

Dat het project De Katrol, dat oorspronkelijk in Oostende werd opgestart, zijn deugdelijkheid bewezen heeft, blijkt uit het feit dat de aanpak is overgenomen in andere steden. Rotterdam nam het concept enkele jaren geleden over, waarover in het boek reeds melding gemaakt wordt. Dit Rotterdams project heeft trouwens eind november 2009 de L-factor prijs gekregen van de Nederlandse onderwijsraad. En sinds 1 september bestaat er ook in Gent een project van De Katrol dat eveneens een succes is. De Standaard meldde in haar artikel van 28 december 2009 dat dit jaar reeds 1.500 kansarme gezinnen ondersteuning krijgen in het kader van een project van De Katrol. Toch blijkt De Katrol nog steeds niet over een structurele financiering te beschikken. Zou de politiek de bottom-up aanpak dan toch als een concurrent zien?


Recensie door Andreas Tirez

Jean-Pierre Markey, Van kansarm naar kansrijk?, Garant, 2009

Links
http://www.dekatrol.nl/
Share |

De Arabische Revolutie:

tussen droom en werkelijkheid

Op woensdag 5 april 20.00 uur

Afspraak in De Markten (Oude graanmarkt 5, 1000 Brussel) voor een avond met Koert Debeuf,

schrijver, columnist, directeur van het Tahrir Institute for Middle East Policy Europe en onderzoeker aan de Universiteit van Oxford.

Zijn recentste boek is "Inside the Arab Revolution. Three Years on the Front Line of the Arab Spring".

Koert zal gebaseerd op zijn persoonlijke ervaringen de Arabische Revolutie trachten te kaderen door parallellen te trekken met de Franse Revolutie en door een aantal inzichten te bieden in het Midden Oosten.

Uw aanmeldingsmail aan info@liberales.be geldt als inschrijving.

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be