Contre la Barbarie. 1925-1948

boek vrijdag 27 maart 2009

Klaus Mann

In het zopas verschenen boek Contre la barbarie stelt Dominique Laure Miermont, die de hierin opgenomen teksten heeft gekozen en gebundeld, in de inleiding onomwonden de vraag: ‘Pourqoui ce livre?’ Eerst en vooral is Klaus Mann (München 1906 - Cannes 1949), zoon van Nobelprijswinnaar Thomas Mann, bij het grote publiek vooral bekend door zijn autobiografie Het Keerpunt, zijn schitterende roman Mephisto en zijn beklijvend dagboek. Dat hij enkele honderden literaire, artistieke en politieke essays en kronieken heeft nagelaten, die zich situeren tussen de twee Wereldoorlogen tot 1949, het jaar dat hij zelfmoord pleegt, is voor velen onontgonnen terrein. De zevenenzestig teksten die Miermont in dit boek bijeenbrengt zijn uittreksels uit de vijf volumes (2.200 bladzijden) die uitgeverij Rowolt uitbracht tussen 1992 en 1994. Meteen zijn het de markantste die Mann schreef tegen de nazi’s tussen 1925 en 1948.

Een andere reden om dit boek samen te stellen, meent Miermont, is dat Klaus Mann een eerbetoon verdient omdat hij deel uitmaakte van het handjevol intellectuelen die reeds vanaf het begin van de jaren 1920 waarschuwden tegen de dictatuur, de oorlog, het nazisme en de wreedheid. Deze essays en kronieken confronteren de lezer achtereenvolgens met zijn waarschuwingen tegen de oorlog, zijn strategieën om de anti-fascistische krachten te bundelen, zijn analyses van de wreedheden van het Hitlerregime, het voorvoelen van het einde van de oorlog en het plannen maken voor een Europese- en Wereldvrede. Vooral de strijd tegen de nazi’s wordt zijn levensdoel. Om bij te dragen tot de vernietiging van ‘La bête immonde’, zoals Mann het zelf verwoordt, zal hij tot het uiterste gaan.

Zes weken nadat Hitler aan de macht komt (1933) emigreert hij. Hij woont achtereenvolgens in Amsterdam, Parijs, Zwitserland, Oostenrijk en de Verenigde Staten. Hij richt het anti-nazistisch literaire tijdschrift Die Sammlung op dat van 1933 tot 1935 bij Querido verschijnt. Over gans de wereld houdt hij lezingen tegen het dreigende oorlogsgevaar. In 1938 wordt hij uiteindelijk Amerikaans staatsburger, gaat schrijven in het Engels en vecht in Italië aan de zijde van de geallieerden. Tot slot geeft hij, Europeaan van het eerste uur, ons in deze teksten een les in intellectuele moed en eerlijkheid. Hij herinnert ons aan het feit dat we democratische waarden als vrijheid, vrede en rechtvaardigheid, die vandaag nog steeds met voeten worden getreden, met al onze krachten moeten blijven verdedigen.

De essentie van het boek is te vinden in de brief die Klaus Mann schrijft naar Stefan Zweig in oktober 1930, onmiddellijk na het overweldigend verkiezingssucces van de nazi’s. In een artikel is Zweig immers van oordeel dat dit succes moet gezien worden als een signaal van de jeugd tegen de wraakroepende traagheid van de politiek bedreven in hogere regionen. Niets aan de hand dus. Het antwoord van Mann is striemend: ‘De jeugd toont ons niet de weg van de toekomst. Zij heeft voor de regressie gekozen. Dit is een keuze die we op geen enkele wijze kunnen bijtreden.’ Al de hier verzamelde teksten hebben deze heftigheid van toon gemeen alsook de fundamentele verwerping van de ‘malafide kracht’ die Duitsland naar de afgrond zal leiden. In 1930 heeft Klaus Mann de gebeurtenissen reeds juist ingeschat en beslist wat hem te doen staat. Hij heeft Hitler, op minder dan een meter afstand, gadegeslagen op het terras van een Münchense tearoom terwijl deze zich schaamteloos volpropte met taartjes (de scène staat beschreven in Het Keerpunt) en daaruit geconcludeerd dat hij te doen heeft met een onbenul. Tegelijkertijd echter beseft hij dat er tot der dood zal moeten gevochten worden tegen deze minkukel.

Klaus Mann was geen jood, hij was integendeel doordrongen met de Duitse cultuur, waarvan zijn vader Thomas Mann, ‘De tovenaar’ en zijn oom Heinrich, ‘De Republikein’, illustere vertegenwoordigers waren. Klaus had dus zonder noemenswaardige inspanning de rangen van deze literaire en culturele elite kunnen vervoegen, die de nazi’s in oorsprong een amusant verschijnsel vonden. Ietwat vulgair weliswaar maar toch origineel. Deze houding ten opzichte van het nationaal-socialisme was er voor Klaus Mann echter ver over! Zo kan men in dit boek ondermeer zijn bittere brief lezen aan de grote dichter Gottfried Benn (mei 1933). ‘Benn is een groot schrijver geweest, hij is het nog altijd en toch gaat hij nu plat op de buik voor dit crapuul. Waarom?’ Klaus stelt deze vraag met dezelfde gestrengheid die hij gebruikte ten opzichte van Stefan Zweig. Klaus Mann was een Duister in hart en nieren en hij is het willen blijven tot het bittere einde. Zo spreekt hij, een Amerikaans paspoort op zak, op een naoorlogse conferentie de volgende woorden: ‘De nederlaag op zich is geen schande, integendeel. De nationale schande, de vernedering, de ontbinding en de verarming van het Duitse leven was het nationaal-socialisme. Deze nederlaag zou het begin kunnen worden van een morele en culturele heropstanding.’

Een laatste punt dat fundamenteel is bij de lectuur van deze essays is de helderheid waarmee Klaus Mann de USSR en zijn toenmalige ‘heerser’ Stalin, veroordeelt. Hij die zich beroept op een ‘socialistisch humanisme’ verklaart glashelder waarom hij nooit communist zal worden en waarom het dialectisch materialisme voor hem niet de adequate filosofie is om de complexiteit van de menselijke natuur te doorgronden. Klaus is naast een antifascist dus ook een antitotalitarist. Dit verklaart waarom hij een van de belangrijkste hedendaagse schrijvers blijft. Door zijn tragisch levenseinde – hij pleegt zelfmoord in Cannes in 1949 in de meest totale eenzaamheid – is hij in zekere zin de verpersoonlijking van de twintigste eeuw. De teksten van Klaus Mann zijn universeel en hebben vandaag nog niets van hun actualiteit ingeboet. Nu overal ter wereld de tekens van het grote vergeten weer opduiken is zijn strijd Contre la Barbarie nog steeds niet afgelopen. Het is tijd de fakkel over te nemen!


Recensie door Sonja de Schaepdryver

Klaus Mann, Contre La Barbarie,1925- 1948, Editions Phébus, Parijs, 2009, 367 pp.

Links
mailto:sonja.de.schaepdryver@skynet.be
Share |

De Arabische Revolutie:

tussen droom en werkelijkheid

Op woensdag 5 april 20.00 uur

Afspraak in De Markten (Oude graanmarkt 5, 1000 Brussel) voor een avond met Koert Debeuf,

schrijver, columnist, directeur van het Tahrir Institute for Middle East Policy Europe en onderzoeker aan de Universiteit van Oxford.

Zijn recentste boek is "Inside the Arab Revolution. Three Years on the Front Line of the Arab Spring".

Koert zal gebaseerd op zijn persoonlijke ervaringen de Arabische Revolutie trachten te kaderen door parallellen te trekken met de Franse Revolutie en door een aantal inzichten te bieden in het Midden Oosten.

Uw aanmeldingsmail aan info@liberales.be geldt als inschrijving.

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be