Kaïn

boek vrijdag 15 juni 2012

José Saramago

Op 18 juni 2010 overleed de meesterverteller José Saramago. Hij was de belangrijkste hedendaagse schrijver in Portugal en won in 1998 de Nobelprijs voor Literatuur. Vorig jaar verscheen nog de literaire parel De tocht van de olifant waarin hij sarcastisch de snoeverij, hebzucht en domheid van machthebbers aan de kaak stelde. Daarbij nam hij vooral de schijnheiligheid van de geestelijken en machthebbers op de korrel. Saramago keerde zich steeds tegen de absurditeit van de godsdiensten in het algemeen en de katholieke kerk in het bijzonder, die mensen in onwetendheid en onderdrukking hielden. In 1991 verscheen zijn magistrale roman Het evangelie van Jezus Christus. Daarin stelde Saramago Jezus voor als een gewoon menselijk wezen, begiftigd met seksualiteit en bevriend met de voormalige prostituee Maria Magdalena. Op die manier gaf de auteur een persoonlijke en tegendraadse interpretatie van de aloude geschriften en apocriefen, iets wat kwaad bloed zette bij heel wat katholieken. De roman werd door de Portugese regering verworpen als een blasfemische bewerking van het Nieuwe Testament en een belediging van het katholieke erfgoed van de Portugese natie. Het bevat scènes, beweringen, uitroepen en gedachten waarvoor de schrijver enkele eeuwen geleden op de brandstapel zou geëindigd zijn, zo schreef een Portugese krant.

In zijn laatste boek Kaïn nam Saramago deze draad weer op en analyseerde hij Genesis, het eerste deel van het Oude Testament waarin God de wereld en de mens schiep, Kaïn zijn broer Abel vermoordde, Lilith haar seksuele aantrekkingskracht gebruikte, Abraham die zijn zoon Isaac wou offeren, en Noah die met zijn vrouw, kinderen, aangetrouwde dochters en alle dieren de zondvloed probeerde te overleven. Met zichtbaar genoegen en in een kleurrijke stijl verhaalde hij over Adam en Eva en hun kinderen Kaïn, Abel en Seth. Zoals in de Bijbel kan Eva echter niet weerstaan om in een appel van de boom van goed en kwaad te bijten waardoor ze uit het paradijs gestoten worden. ‘Hemeltergend’, aldus Saramago ‘want als hij (God) echt niet had gewild dat ze van die vrucht aten, had hij dat eenvoudig kunnen oplossen door gewoon die boom niet te planten of ergens anders neer te poten, of er een hek van prikkeldraad omheen te zetten’. En zo gaat het met veel zaken in de Bijbel en blijft die onweerstaanbare vraag: ‘waarom heeft die almachtige, algoede en alwetende God al de daarop volgende miserie allemaal toegelaten?’ De vraag wordt nog urgenter als men overtuigd is van het feit dat God alles vooraf plant en weet, en derhalve elke handeling van mens, dier of natuur kon voorzien en toeliet, want anders had hij toch ingegrepen?

Met die cruciale vraag en de broedermoord van Kaïn en Abel, omdat God wel het offer van Abel aanvaardde maar dat van Kaïn niet, zet Saramago het hele uitgangspunt van het geloof in een goede God op zijn kop. God verwijt Kaïn heiligschennis, maar die riposteert dat God dan toch toeliet dat hij zijn broer doodde. ‘Ik was de uitvoerende arm, maar het vonnis was opgelegd door u’, zo verwijt Kaïn God omdat zoals het in bijbelse termen zou klinken, ‘degene die van de wijnstok plukt een even grote dief is als diegene die op de uitkijk staat’. Waarop beide tot de overeenkomst komen dat het hier om gedeelde verantwoordelijkheid gaat en Kaïn vanaf dan zijn gang mag gaan. God brengt op Kaïn een teken aan, zodat niemand hem kwaad zal doen. Waarna Kaïn in de armen van de aantrekkelijke en vrijgevochten Lilith terechtkomt, waarbij de auteur alle registers van zijn erotische verbeeldingskracht opentrekt. Hiermee geeft Saramago ook voeding aan de ketterse gedachte dat er ooit een soort matriarchaat heeft bestaan, dat door de kerk al snel werd uitgewist door Lilith af te schilderen als een enorm gevaar. Zo beschouwen alle geopenbaarde godsdiensten de vrouw als schuldige wezens die mannen in hun netten verstrikken, hun lusten botvieren en zo de doodzonde van het genot begaan.

Maar Kaïn trekt verder door tijd en ruimte en ziet zo de meest merkwaardige gebeurtenissen. Zo ziet hij hoe Abraham samen met zijn zoon Isaak op vraag van God een berg beklom om er de zoon te offeren. Volgens het bijbelse verhaal trekt Abraham een mes maar juist voor hij toeslaat, houdt een engel hem tegen. Ook hier geeft Saramago een bijzonder leuke draai aan het verhaal want de engel kampt met een panne aan zijn rechtervleugel en komt te laat. Gelukkig was Kaïn al tussengekomen waarop hij Abraham uitmaakt voor een schoft. Wie haalt het nu in zijn hoofd om een dergelijk stompzinnig en volkomen immoreel bevel uit te voeren? Elke mens met een greintje ethisch normbesef zou een dergelijke God moeten afkeuren omwille van zo’n wreed bevel. Juist door die blinde en onvoorwaardelijke overgave aan God zijn in de loop van de geschiedenis zoveel rampen en gruwelijkheden gebeurd. Al even stompzinnig ziet Kaïn hoe God tekeer ging in Sodom en Gomorra en er alle inwoners met hun inboedel vernietigde in de wetenschap dat er misschien toch ook ‘rechtvaardigen’ in de stad zaten, zoals Abraham bepleitte. Alleen Lot werd dat lot bespaard, maar voor Kaïn, en hier is de auteur duidelijk zelf aan het woord, is hiermee ‘het onweerlegbare bewijs geleverd van de diepe verdorvenheid van de heer’.

Uiteindelijk slaagt Kaïn erin om aan boord te geraken van de Ark van Noach. Volgens het bijbelse verhaal bouwde Noach op bevel van God een enorm vaartuig waarop plaats was voor twee exemplaren van alle diersoorten, zijn vrouw, zijn zonen en hun echtgenotes. Daarop begon het veertig dagen en veertig nachten te regenen. Pas honderdvijftig dagen later begint het water te zakken en strandde de ark op de Ararat. Zo luidt het in Genesis 8:4-5: "Op de zeventiende dag van de zevende maand liep de ark vast op het Araratgebergte. Het water zakte voortdurend verder, en op de eerste dag van de tiende maand werden de toppen van de bergen zichtbaar". Hoe het verhaal afloopt moet de lezer natuurlijk zelf ontdekken. Opnieuw demonstreert Saramago zich hier als een meesterlijke verteller met een fantastische verbeeldingskracht. In elk geval is duidelijk dat die hele arkgeschiedenis aan de waanzin grenst en dat het onvoorstelbaar is dat heel wat mensen echt geloven dat die ark nog ergens op die Ararat ligt of dat er nog sporen van terug te vinden zouden zijn. Vooral in fundamentalistisch christelijke en creationistische middens wordt deze stelling voor waar aangenomen, te meer omdat luchtfoto’s de afdruk van een reusachtige boot suggereren. Zelfs de Amerikaanse astronaut James Irwin die als achtste mens een voet op de maan zette, zoekt al jaren tevergeefs naar die ark op de Ararat.

In elk geval neemt Saramago op deze manier weerwraak op al diegenen die in naam van God de meest absurde stellingen verkondigen. Het doet denken aan de laatste woorden van Jezus tot zijn medemensen in zijn roman Het evangelie van Jezus Christus: ‘Mensen, vergeeft het Hem, want Hij weet niet wat Hij heeft gedaan’. Een omkering van de bestaande interpretatie, maar die in het licht van de voorbije geschiedenis geloofwaardiger klinkt.


Recensie door Dirk Verhofstadt

José Saramago, Kaïn, Meulenhoff, 2010

Links
mailto:verhofstadt.dirk@pandora.be
Share |

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be