Sunnites, Chiites, pourquoi ils s'entretuent

boek vrijdag 18 april 2008

Martine Gozlan

Van waar het conflict tussen sjiieten in verwachting van de verborgen Messias en de soennieten, hoeders van de traditie? Wanneer is die breuk ontstaan? Moet men spreken van twee islams? Op die vragen wil Martine Gozlan een antwoord geven in de twee eerste hoofdstukken van haar essay. Steunend op haar kennis van geschiedenis en Midden Oosten, gaat zij terug naar de oorsprong van de hevige haat tussen de twee belangrijkste componenten van Mohammed's nalatenschap om vervolgens inzicht te geven in de actuele politieke en religieuze inzetten en de mogelijkheid van uitbreiding van de tweedracht of van verzoening. De sjiieten, sektarisch, mystiek en geobsedeerd door dolorisme en de verwachting van de verborgen Mahdi hebben zich in alle moderne revoluties gestort: van de communistische hoop in Irak tot de islamitische revolutie in Iran. De soennieten van hun kant die de meerderheid vormen, zijn voorstaanders van de traditie (soenna) en van een politieke islam.

Om de oorsprong van de gewelddadigheid tussen sjiieten en soennieten te begrijpen moet men teruggaan naar de dood van de profeet in 632, de twisten rond zijn opvolging, de slachting te Kerbala in 680, en de sjiietische fascinatie voor het martelaarschap. Men moet zich buigen over imam Ali en Imam Hussein maar ook over Saladin, de eerste grote antisjiieten-ideoloog in de XIVde eeuw en inspiratie van Bin Laden's medestaanders. In het tweede hoofdstuk onderzoekt de auteur of er twee onderscheiden islams bestaan. Kan men het lapidair stellen: de sjiieten, dat is overdrijving en uitbundigheid, de soennieten de soberheid en gestrengheid. Het sjiisme zou eigenlijk de islam in zijn oorspronkelijk vorm vertegenwoordigen tegenover het soennisme waarvan de basis gelegd werd in het begin van de IXde eeuw door imam Chafii zijn eerste theoreticus.

Tegenover het grieks-islamitisch denken van de Bagdadse sjiitische meesters van de falasafa stelt zich - ondermeer met Ibn Hanbal en later Al Ghazali - het soennisme als een echt 'antidenken'. Het wil tabula rasa maken van de invloeden van Plato, de erfenis van Aristoteles en de zgn. afwijkende interpretatie van de koran van Imam Ali's volgelingen. Samen met Martine Gozlan kan men zich dan ook de vraag stellen naar het bestaan van een open denken bij de sjiieten en een gesloten in het soennisme. Of nog, zoals franse filosoof Henri Corbin zich met een beschuldigende ondertoon afvraagt: Waarom is het in de sjiietische wereld dat de filosofische desem blijft werken. In feite hebben de soennieten met het vergrendelen van de 'deuren van de 'ijtihad' (interpretatie) bij de interpretatie van de koran het kritisch denken bevroren. Voor velen is dàt een van de fundamentele oorzaken van de intellectuele achterstand die de Arabische wereld heeft opgelopen tot wanneer in het Egypte van de XIXde eeuw de Nahda, of Verlichting haar heropleving begon. Hoofdstuk 3 gaat dieper in op de vraag waarom Irak het hart van het conflict is geworden. Het staat buiten kijf dat de Amerikanen de islamitische geschiedenis en de Irakese traumatismen volledig genegeerd hebben. Komt daarbij dat de installatie door de Amerikanen van een politieke ploeg met uitsluitend Sjiieten en Kurden de soennieten in de marginalisatie en de revolte heeft gedreven. Een andere grove fout was de onmacht om het confessionele in zichzelf terug trekken van soennieten op hun stammen en sjiieten op hun mullahs te voorkomen. En last but not least: de ontbinding van de strijdkrachten heeft duizenden werkloze militairen op straat gejaagd, en dat waren heel wat mensen die zeker niet zinnens waren om voor Saddam te sterven. Feit is dat zelfs onder Saddam er in Irak nog steeds humanisten waren die, of sjiiet of soenniet, op de val van de dictator hoopten. Door volop de kaart te spelen van de op weerwraak op de soennieten beluste sjiieten en Koerden, werden de frustraties ten top gedreven. Niet te versmaden ook het gezagsvacuüm ontstaan na de val van het bewind en de opkomst van Moqtada Al Sadr en de oprichting van zijn Leger van de Mahdi een organisatie die slechts droomde van represailles op de onttroonde soennitische meesters.

Komt bij dit alles nog de massieve uittocht sedert 2006 van de kleine sjiietische handeldrijvende liberale burgerij verknocht aan de scheiding van de politieke en religieuze macht. Zij waren een belangrijke dam die als belijders van de gulden middenweg in de lijn van de houding die Mohammed steeds voorsprak, een islamitische republiek afwezen. Sjiitische leken, onderwijzers, intellectuelen, kunstenaars, wetenschappers, slotsom het kruim van de intelligentsia wordt nu verplicht een ontwerp van islamitische grondwet te onderschrijven.Dat bij de eerste vrije verkiezingen de zetels niet naar regio, kieskring of politieke partij werden verdeeld maar volgens het gevaarlijk confessioneel criterium bleek een andere kapitale vergissing want zo doemde en overtuigende illustratie op van de ergste soennitische nachtmerrie: een monolithisch blok hunkerend naar een meerderheids revanche. En tenslotte was er het mensonwaardig schouwspel van de terechtstelling van Saddam. De wansmakelijke omstandigheden waarin die wraakactie werd opgevoerd maakte van de gevallen dictator een waarachtige martelaarsicoon dat in de ganse soennitische wereld verontwaardiging en afgrijzen opwekte en een verdubbeling van wreedaardige zuiveringen inluidde. Hoofdstuk 4 zoekt naar een verklaring over het waarom van de verspreiding van de tweedracht over de ganse moslim wereld. Het staat buiten kijf dat het integrisme die tweedracht gerecupereerd heeft en dat de Saoudische propaganda en haar Iranese tegenhanger verwikkeld zijn in een meedogenloze strijd om de islamitische legitimiteit. Teheran en Riyad zijn via een massa bondgenoten, satellieten en peetvaders in de clinch gegaan voor de controle van de geesten en van de moslim belangen over de ganse wereld. Daar staat dan aan de ene kant het Saoudische wahabisme, reactionair, integristisch en gevoed door de petrodollars dat de rijkdom en de diversiteit van het sunnisme vernietigt en meer en meer beslag legt op het denken en de instellingen, wat Hamadi Redisi kernachtig samenvat in de vaststelling dat: …de sektarische islam verandert is in de islam tout court. Het wahabisme heeft zijn netwerk intussen zodanig kunnen uitbouwen dat een conflict of spanning in de verste uithoek van de wereld, in een mum van tijd aan het andere uiteinde van de wereld zijn weerslag vindt. Aan de andere kant staat dat de oude vijand het sjiisme na een lange slaap ontwaakt is en resoluut geopteerd heeft voor een offensieve strategie. Teheran ijvert inderdaad niet langer uitsluitend voor de loutere glorie van het sjiisme maar werkt nu voor de wereldislam, onder zijn leiderschap uiteraard.

Voor de eerste keer sedert de teloorgang van de dynastie der fatimiden, maakt een minderheid aanspraak op het leiderschap over de meerderheid. Martine Gozlan besluit haar essay met de vaststelling dat indien het conflict tussen sjiieten en soennieten wel degelijk een regelrechte godsdienstoorlog is, het bij die moderne versie van de islamitische tweedracht niet louter om het religieuze gaat. Duidelijk is dat het conflict naties verstoord die er eigenlijk geen zijn. Van Irak tot Pakistan, van Libanon tot aan de Perzische golf, is geen enkel van die landen ten prooi aan confessionele haat, geslaagd in het structureren van een eigen nationale identiteit. De grenzen van die nieuwe landen werden haastig uitgetekend bij het uiteenvallen van het ottomaanse rijk en de koloniale imperia. De analyse van de situatie in Syrië en Irak toont aan dat waanneer de nieuwe regimes zich op het ogenblik van hun onafhankelijkheid gestructureerd hebben, zij dit gedaan hebben uitgaande van strijdkrachten en administraties gebaseerd op de confessionele en etnische overheersing van een minderheid over een meerderheid of, met andere woorden, het gewoon voortzetten van het systeem gekozen door de vroegere koloniale heren.

Wat Libanon betreft, is uit de burgeroorlog van 1975 gebleken dat het ‘gelukkig’ communautarisme gesteund op het pact van 1943 louter gezichtsbedrog was. De sjiieten die aan de verachting bleven blootstaan kregen in werkelijkheid geen toegang tot de nationale vertegenwoordiging. Wanneer na de moord op Rafik Harriri de straten zwart zagen van soennitische massa's met christenen gevolgd door andere massa's sjiieten met andere christenen, maakte ieder van het voor democratie betogend blok aanspraak op de belichaming van de echte Libanese waarheid. En zo moest de journalist Jozef Samaha met enige bitterheid wel opmerken dat: '….wij hebben geen opleven van een nieuwe geest van nationale eenheid beleefd maar eerder parallelle acties van de verschillende gemeenschappen waaruit de optische illusie van eenheid is ontstaan'. Zo heeft het religieuze het andermaal op het politieke gehaald. Wat in Libanon gebeurt illustreert wonderwel dat de tweedracht sjiieten en soennieten zal blijven verscheuren zolang de religieuze irrationaliteit het blijft halen op de burger rationaliteit; zolang de sektarische logica de nationale logica zal blijven ondergraven, zolang de propaganda die de protagonisten voedt, de moderniteit zal doen mislukken.


Recensie door Eric Willaert

Martine Gozlan, Sunnites et Chiites, pourquoi ils s'entretuent, Editions du Seuil, 2008, ISBN 978200960151

Links
mailto:e.willaert@pandora.be
Share |

De Arabische Revolutie:

tussen droom en werkelijkheid

Op woensdag 5 april 20.00 uur

Afspraak in De Markten (Oude graanmarkt 5, 1000 Brussel) voor een avond met Koert Debeuf,

schrijver, columnist, directeur van het Tahrir Institute for Middle East Policy Europe en onderzoeker aan de Universiteit van Oxford.

Zijn recentste boek is "Inside the Arab Revolution. Three Years on the Front Line of the Arab Spring".

Koert zal gebaseerd op zijn persoonlijke ervaringen de Arabische Revolutie trachten te kaderen door parallellen te trekken met de Franse Revolutie en door een aantal inzichten te bieden in het Midden Oosten.

Uw aanmeldingsmail aan info@liberales.be geldt als inschrijving.

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be