Uw koninkrijk kome

boek vrijdag 26 oktober 2007

Michelle Goldberg

In zijn ophefmakende boek Het einde van de geschiedenis en van de laatste mens lanceerde Francis Fukuyama in 1989 zijn stelling dat de liberale democratie definitief gewonnen had. Na de vernietiging van het fascisme in nazi-Duitsland en de ondergang van het communisme na de val van de Berlijnse Muur, leek het hem een uitgemaakte zaak dat er een algemeen streven bestond naar de liberale rechtstaat waarin mensenrechten worden beschermd door grondwetten en rechtbanken. Zijn voorspelling werd de voorbije jaren de grond ingeboord. In navolging van de Iraanse revolutie zagen we in tal van andere landen een oprukkend fundamentalistisch islamisme, waarbij liberale principes zoals de vrijheid van meningsuiting, de gelijkheid van elke mens en de scheiding van kerk en staat, de baan moesten ruimen voor de letterlijke interpretatie van de Koran en de toepassing van de sharia, de islamitische wetgeving. De aanslagen van 11 september 2001 vormden een dramatisch hoogtepunt in de ‘botsing van beschavingen’ zoals omschreven door Samuel Huntington. Plots leek het een strijd op leven en dood geworden tussen de voorstanders van de moderniteit en de bezielers van een hernieuwd tribalisme, tussen de seculiere democratie en de theocratie.

Dat de VS zich virulent keert tegen de mondiale opmars van de orthodoxe islam is intussen duidelijk. De vraag stelt zich of de Amerikanen wel nog even krachtig achter de waarden van de Verlichting staan. Na de aanslagen sprak Bush over een ‘kruistocht’ ter bescherming van ‘onze waarden’, een oproep tot een christelijk réveil. In haar boek Uw koninkrijk kome heeft de Amerikaanse onderzoeksjournaliste Michelle Goldberg – die zichzelf omschrijft als ‘een seculiere jodin en een verstokte stedeling’ – het over de opkomst in de VS van wat ze ‘het christelijk nationalisme’ noemt. De inhoud ervan is niet alleen onthullend en onthutsend, maar zelfs bangelijk. Natuurlijk wisten we al lang dat er in de VS een sterke traditioneel religieuze onderstroom bestond die zich afkeerde tegen het liberalisme, het materialisme en het secularisme, maar echte politieke macht hadden ze niet. Dat is nu veranderd. Sinds de jaren negentig kregen christelijke conservatieven steeds meer invloed in de Republikeinse partij. Goldberg heeft het over een ‘christendom als totalitaire ideologie’ die wordt aangehangen door miljoenen Amerikanen. Zij beweren dat de Bijbel de absolute waarheid bevat en verwerpen in feite de idee van een neutrale staat. Velen onder hen zoals Jerry Falwell zagen 9/11 als een straf van God en wezen met de vinger naar ‘de heidenen, de abortusbeweging, de feministen en de homoseksuelen’ die Amerika proberen te seculariseren.

Christelijk nationalisten zijn het – net als orthodoxe moslims – niet eens met de scheiding van kerk en staat. Zij eisen een prominente plaats voor de godsdienst in het publieke domein. Zo had Roy Moore, een opperrechter uit Alabama in zijn gerechtsgebouw monument in graniet opgericht met daarop de bijbelse Tien Geboden. Eind 2003 werd hij daarvoor uit zijn ambt ontzet – hij wordt sindsdien door christelijk rechts beschouwd als een martelaar voor de goede zaak – maar Goldberg wijst erop dat president Bush intussen ‘het overheidsapparaat en de nationale bureaucratie (heeft) gevuld met rechters en ambtenaren à la Roy Moore’. Intussen reist Moore het land af met de boodschap ‘dat bijbelse geboden bindender zijn dan de seculiere wet’, en volgens de schrijfster met steeds meer succes. Ze verwijst naar de opkomst van de dominionisten, fundamentalistische christenen die pleiten voor een vervanging van de staatswetten door bijbelse wetgeving, voor de afschaffing van openbare scholen, en de invoering van de doodstraf voor homoseksuelen, godslasteraars en onkuise vrouwen. Ze verachten niet-gelovigen evenals aanhangers van andere godsdiensten en gaan ervan uit dat het christelijke Amerika de wereld moet veroveren. De gelijkenis met fundamentalistische moslims die overal de sharia willen invoeren, is opvallend.

Eén van de strijdpunten van christelijke nationalisten is hun verzet tegen homoseksualiteit dat ze niet alleen zien als een ziekte, maar als een doelbewuste aanslag op de zuiverheid van de Amerikaanse natie. Goldberg trekt een parallel met het nazisme die seksuele vrijheid beschouwden als een joodse aanslag op het Duitse gezinsleven. Ze registreert in die kringen ook een opmerkelijke vorm van negationisme, namelijk de ontkenning dat de nazi’s homoseksuelen zouden vervolgd en vermoord hebben. In megakerken en via duizenden christelijke televisiestations (verenigd in het Trinity Broadcasting Network) werd in de aanloop van de verkiezingen van 2004 alle kannonnen gericht op het homohuwelijk. De schrijfster stelt dat homoseksualiteit ‘de mobiliserende kracht (was) geworden voor veel kiezers van religieus rechts’. Ze verwijst naar de beruchte Conservative Political Action Conference die jaarlijks bijeenkomt en tal van conservatieve, rechts religieuze en libertarische politici en opiniemakers aantrekt. In het verleden voerden Ronals Reagan, Pat Buchanan, Karl Rove, Dick Cheney en Newt Gingrich er het woord. In 2004 werd er niet alleen gescholden op feministen, milieuactivisten en internationalisten, maar vooral op homoseksuelen.

Even belangrijk is hun strijd tegen de evolutieleer van Charles Darwin en hun pleidooi voor het creationisme. Ze geloven rotsvast in het feit dat de aarde en gans het universum, maar ook planten, dieren en mensen werden geschapen zoals dat beschreven staat in de Bijbel. Deze opvatting kende tot voor kort weinig succes, het eerste het beste fossiel toont al aan dat de aarde ouder is dan het 4004 voor Christus zoals tal van creationisten geloven. Sinds kort gebruiken ze een nieuwe strategie en naam: het Intelligent Design dat ernaar streeft om de wetenschap in overeenstemming te brengen met Gods woord. Het Center for Science and Culture (what’s in a name) in Seattle probeert in een niet aflatende vloed aan publicaties en audiovisueel materiaal, de ‘theologische bezwaren te verpakken in wetenschappelijke taal’. Het doel van de christelijke nationalisten is om de evolutieleer in het onderwijs te vervangen, of minstens aan te vullen met het creationisme. Daarvoor gebruiken ze niet alleen hun politieke macht maar infiltreren ze in schoolraden. In een aantal scholen in Californië en Texas is de evolutieleer merendeels uit de schoolboeken geschrapt. Waar het hun niet lukt sturen fundamentalistische ouders hun kinderen naar particuliere scholen of geven ze thuisonderwijs (al twee miljoen kinderen zouden in dat geval zijn).

Dat de huidige regering Bush het christelijk nationalisme genegen is, blijkt in de praktijk uit de verschuiving van miljarden dollars belastingsgeld van het sociale verzorgingsapparaat naar kerken en sekten voor hun faith-based initiatives. Deze politiek maakt deel uit van zijn politiek van compassionate conservatism waarbij de hulpverlening steeds meer in handen komt van religieuze organisaties. Een pervers gevolg is dat ‘joden, moslims, hindoes, homo’s, secularisten en anderen niet kunnen solliciteren naar een groeiend aantal banen in de sociale dienstverlening’, aldus Goldberg. Voor aidsbestrijding vloeit geen geld naar infocampagnes rond veilige seks en condoomgebruik, maar naar ‘onthoudingsonderwijs’. En verder gaat veel steun naar pseudo-wetenschappelijke theorieën die gebaseerd zijn op het godsgeloof zoals ‘hersteltherapieën’ om homoseksuelen opnieuw ‘normaal’ te maken.

De belangrijkste en tegelijk ook meest fundamentele strijd die christelijk rechts in de VS voert is die tegen het rechtssysteem. Dit kwam duidelijk aan bod bij de zaak Terry Schiavo, een vrouw die hersendood werd verklaard en waarvan de man eiste dat de stekker zou worden uitgetrokken, iets wat na goedkeuring van de rechtbank ook gebeurde. Voor christelijke nationalisten is de rechterlijke macht het voornaamste obstakel in hun doel om allerlei ‘liberale’ praktijken zoals abortus en homoseksualiteit onwettig te laten verklaren. ‘Daardoor zou de herinvoering van het schoolgebed, het onderwijzen van het creationisme en de steeds verder doorgevoerde kerstening van het welzijnswerk gelegitimeerd kunnen worden’, schrijft Goldberg. Eigenlijk gebeuren nu al omzeilingen van de wet. Ze geeft het voorbeeld van apothekers die vanuit ‘gewetensbezwaar’ weigeren de pil te verkopen – in één geval weigerde men een slachtoffer van een verkrachting, de morning-afterpil te geven. De praktijk van het weigeren een wet toe te passen zien we nu ook opduiken in Nederland waar ambtenaren van de burgerlijke stand kunnen weigeren om homokoppels te huwen. De strijd van christelijk rechts tegen de rechterlijke macht is alvast de grootste bedreiging voor de democratie en de rechtstaat in de VS, die met de illegale folterpraktijken op gevangenen in Guantanamo Bay al een zware deuk kreeg.

Goldberg verwacht voor de komende jaren een ‘verdere inperking van de rechten van homoseksuelen, vrouwen en religieuze minderheden’. Ze pleit voor een tegenbeweging die opnieuw de waarden van de Verlichting centraal stelt. En dit op diverse terreinen zoals electorale hervormingen om stedelijke gebieden eerlijker te vertegenwoordigen in de federale regering (het platteland is nu oververtegenwoordigd) en een mediacampagne om de ware agenda van de christelijk nationalistische beweging bekend te maken. Het belangrijkste lijkt me echter een hernieuwd zelfvertrouwen in liberale kringen. Het vertrouwen dat alleen een seculiere moraal de basis kan vormen voor een vreedzaam samenleven van mensen met uiteenlopende religieuze en maatschappelijke opvattingen, dat alleen vrijheid en creativiteit kunnen zorgen voor meer welvaart en ontwikkeling, dat de rechtstaat de beste manier is om de unieke rechten van elk individu te beschermen.

Wie dit boek leest, beseft pas goed welke schade de betwiste verkiezingsuitslag van 2000 met zich heeft meegebracht. De ‘overwinning’ van Bush zorgde niet alleen voor een afwijzing van het Kyotoprotocol, een verwerping van het Internationaal Strafhof en een waanzinnige oorlog in Irak, maar gaf de kracht aan christelijk rechts om op diverse terreinen lang bevochten rechten en vrijheden in vraag te stellen en in te perken. Het is een gevaar voor de democratie en de wereldvrede. Wat de kinderen in het christelijk nationalistische thuisonderwijs aanleren, is hetzelfde als moslimkinderen in de madrassa’s: haat tegenover de Ander.


Recensie door Dirk Verhofstadt

Michelle Goldberg, Uw koninkrijk kome, Ten Have, 2007

Links
mailto:verhofstadt.dirk@pandora.be
Share |

De Arabische Revolutie:

tussen droom en werkelijkheid

Op woensdag 5 april 20.00 uur

Afspraak in De Markten (Oude graanmarkt 5, 1000 Brussel) voor een avond met Koert Debeuf,

schrijver, columnist, directeur van het Tahrir Institute for Middle East Policy Europe en onderzoeker aan de Universiteit van Oxford.

Zijn recentste boek is "Inside the Arab Revolution. Three Years on the Front Line of the Arab Spring".

Koert zal gebaseerd op zijn persoonlijke ervaringen de Arabische Revolutie trachten te kaderen door parallellen te trekken met de Franse Revolutie en door een aantal inzichten te bieden in het Midden Oosten.

Uw aanmeldingsmail aan info@liberales.be geldt als inschrijving.

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be