Le présent imparfait

boek vrijdag 13 juni 2003

Alain Finkielkraut

De altijd weerbarstige Franse filosoof Alain Finkielkraut schreef in 2002 verschillende stukjes, telkens met de datum van een dag van dat jaar, bijeen tot een boek. Sommige bevatten spitsige ideeën en laten onvermoede hoekjes van de werkelijkheid zien. Andere zijn hermetisch of vergezocht. Enkele smaakmakers.

In 'Nous sommes tous des suisses allemands' heeft hij het over het proces tegen de Franse oorlogsmisdadiger Maurice Papon. Volgens Finkielkraut had Papon het ongeluk veroordeeld te worden als incarnatie van een terecht gehaat systeem. De 'goeden' werpen zich op tegen de 'slechten'. Die eersten hadden nochtans aanvankelijk maar weinig aandacht voor de verhalen van de joodse slachtoffers, zoals Primo Levi. Ze eigenen zich de oorlog en het slachtofferschap toe, terwijl ze geen vermoeden hebben van de verwarrende en onuitsprekelijke ervaring van de echte slachtoffers van toen. Ze gaan zover om haast ' te dromen van een jeugd in het ghetto'. Finkielkraut walgt van die 'confiscation fervente'.

In 'Très honoré Martin Heidegger...' spreekt hij zijn bewondering uit voor Heidegger, die van zijn eertijdse joodse geliefde Hanna Arendt ondanks zijn misstappen onder het nazi-regime bewonderd en geliefd bleef. En het wekt natuurlijk weinig verbazing van de eeuwige cultuurpessimist - en op dat vlak soms ook regelrechte zeurkous - een rekwisitoor tegen de GSM's te zien afsteken ('Je hais les portables').

Treffend is dan weer 'Zola ou Robespierre'. Terwijl Emile Zola ten tijde van de Dreyfus-affaire een beredeneerd protest formuleerde tegen het onrecht van de toenmalige Franse justitie en het antisemitisme, woedt er vandaag weer een beschuldigings-woede zoals ten tijde van Robespierre en zijn rode terreur. Finkielkraut keert zich af van deze tendens om in het wilde weg alles en iedereen aan te klagen en de maatschappij te willen zuiveren.

'Pour une juste cause' gaat in op de Belgische genocidewet. Finkielkraut duikt in de geschiedenis: de Dertigjarige oorlog, de godsdienstoorlog die van 1618 tot 1648 een groot deel van Europa in zijn wurggreep hield, kwam er omdat vorsten als keizer Ferdinand II het 'ware, katholieke geloof' boven grenzen stelden. De Franse staatsman kardinaal Richelieu daarentegen voerde een realpolitiek, waarbij nationale soevereiniteit en dito belangen primeerden op een universele moraal. Na die oorlog was de hegemonie van één waar geloof finaal gebroken en kwam er ruimte voor verschil. Met de genocidewet tracht, nog steeds volgens Finkielkraut, België weer één moraal op te leggen over de grenzen heen. Hij maakt het heel scherp door te stellen dat ironisch genoeg de processen van Nurnberg, waarop nazi-kopstukken op basis van internationaal recht werden veroordeeld, de opmaat blijken te zijn voor het uit de menselijke gemeenschap stoten van Israël. Finkielkraut laat echter na zich de vraag te stellen of het normaal zou zijn dat wie dan ook zich kan onttrekken aan rechtsregels waarvan hij de universele geldigheid nochtans niet in zoveel woorden ontkent.

'Réponse à Stefan Zweig' trekt weer een vergelijking tussen het nazi-verleden en vandaag. De Oostenrijkse auteur Stefan Zweig was, ondanks zijn joodse afkomst, zo naïef om te willen begrijpen en verklaren waarom zoveel jongeren zich tot het fascisme voelden aangetrokken. Klaus Mann, zoon van de schrijver Thomas Mann en lid van die generatie, daarentegen weigerde ook maar een verklaring of begrip in aanmerking te nemen voor iets wat gewoon niet te verantwoorden was. Zweig zou zich later zelfdoden in Brazilië, op de vlucht voor de nazi's en niet meer in staat de wereld te vatten. Finkielkraut past het standpunt van Klaus Mann ook toe op vandaag: de linkse intelligentsia willen voor het nazisme van geen verzachtende omstandigheden horen, maar het wangedrag van allochtone jongeren wordt weggeredeneerd door te wijzen op hun moeilijke levensomstandigheden.

Zoveel is duidelijk: Finkielkraut houdt er nog steeds van om te provoceren en in te gaan tegen de tendenzen van zijn tijd. Als voedsel voor debat is dat natuurlijk mooi meegenomen.



Alain Finkielkraut, L'imparfait du présent. Pièces brèves, Gallimard, 2002, 283 blz.

Share |

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be