Eindelijk bevrijd

boek

Simon Gronowski en Koenraad Tinel

Ondanks het feit dat de laatste getuigen langzaam maar zeker verdwijnen, verschijnen er nog heel wat boeken met getuigenissen over het nazisme, de Tweede Wereldoorlog, de Holocaust, de collaboratie en het verzet. Vaak gaat het om persoonlijke ervaringen van mensen die zwaar geleden hebben voor, tijdens en na de oorlog omdat ze tot het ‘verkeerde’ kamp behoorden. Zo waren er naast de grote meerderheid die gedeisd hield voor wat er in die jaren gebeurde twee groepen in Vlaanderen (net zoals in andere regio’s en landen) die wel bijzonder actief waren. Aan de ene kant de nationalisten die droomden van een onafhankelijk Vlaanderen of een aanhechting van Vlaanderen bij Nederland. Partijen en organisaties zoals het VNV, Verdinaso en De Vlag. Zij collaboreerden met de nazi-bezetters en kregen vaak belangrijke functies als burgemeester, politieman of administrator. Jongeren werden aangespoord om toe te treden tot fascistische jeugdorganisaties en om later te vechten in het Vlaams Legioen, een afdeling van de Waffen-SS in het Duitse leger.

Aan de andere kant waren er de verzetslui aangesloten bij organisaties zoals de Witte Brigade (Fidelio), het Onafhankelijkheidsfront, het Leger van België (het latere Geheim Leger), de Gewapende Partizanen en de Groep G. Zij streden in bijzonder moeilijke omstandigheden en legden hun leven en dat van hun medestanders in de weegschaal om de Duitse bezetters en collaborateurs te bestrijden. In totaal overleefden meer dan 16.000 verzetsstrijders en politieke gevangenen de oorlog niet. Die verzetsacties gingen van open rebellie, over het verspreiden van sluikpers en het verzamelen van inlichtingen, tot het organiseren van vluchtlijnen en helpen onderduiken van medestanders en Joden, en tenslotte het gewapend verzet. De zwarten (collaborateurs) en witten (verzetslui) voerden een bitsige strijd, vaak op leven en dood Een van de meest dramatische confrontaties tussen zwarten en witten gebeurde in Meensel-Kiezegem, een landelijk dorpje in het Brabantse Hageland. Er vielen vier doden, 91 dorpelingen werden weggevoerd, van wie de meeste nooit meer terugkwamen.

Die confrontaties hebben diepe wonden geslagen tussen beide groepen. Zeker toen er na de bevrijding een harde repressie op gang kwam. Zowat 40.000 zwarten liepen een veroordeling op en 242 onder hen kregen een doodsvonnis. Het leidde tot een diepe verscheurdheid die tot de dag van vandaag bestaat. Voorstellen tot amnestie worden verworpen en terecht want amnestie betekent niet alleen dat men het gebeurde vergeeft maar ook vergeet, en dat laatste mag nooit de bedoeling zijn. In uitzonderlijke gevallen komt het toch tot een ware verzoening. Dat is het geval met Simon Gronowski en Koenraad Tinel die in het boek Eindelijk Bevrijd. Geen schuld, geen slachtoffer getuigenis afleggen van hun diepgaande vriendschap die ze sinds enkele jaren voor elkaar voelen. Simon Gronowski (°1931) was bij het uitbreken van de oorlog een joods kind van 9 jaar. Op 17 maart 1943 werd hij samen met zijn moeder en zus opgepakt door de Gestapo en afgevoerd naar de Dossinkazerne van Mechelen. Van daaruit werden ze met het 20ste konvooi gedeporteerd naar Auschwitz. Maar door een toeval kon hij uit de trein springen en ontsnappen. Hij was de enige overlevende van zijn familie en zweeg gedurende 60 jaar over wat hem overkomen was.

Koenraad Tinel (°1934) was de jongste zoon van een zwarte. Zijn vader was een fervente antisemiet en aanhanger van Hitler die zijn twee oudste zoons aanzette om mee te vechten voor het nazisme. De oudste zoon kwam terecht aan het Oostfront, de tweede zoon werd bewaker in het beruchte Fort van Breendonk. Koenraad vluchtte vlak voor de bevrijding van ons land in september 1944 met zijn ouders naar Duitsland. Na de oorlog werd vader Tinel opgesloten en veroordeeld, zijn beide oudere zoons kregen de doodstraf dat later werd omgezet in jaren gevangenisstraf. Koenraad is een begenadigde tekenaar en beeldhouwer. In 2009 publiceerde hij de beeldroman Scheisseimer over zijn kinderjaren tijdens de oorlog dat later werd herschreven tot een theaterstuk. Het toeval wou dat Sacha Rangoni, een bestuurslid van de Union des Progressistes Juifs de Belgique, aanwezig was op een voorstelling ervan en de twee protagonisten met elkaar in contact bracht.

Eindelijk Bevrijd is het verslag van de geschiedenis van twee kinderen die door een speling van het lot tot het ‘andere’ kamp behoorden. Het boek is geschreven vanuit het oogpunt van Simon. Opmerkelijk is zijn verhaal van zijn ontsnapping uit de trein. Het was mogelijk dank zij een verzetsdaad in de nacht van 19 april 1943 door drie studenten, Georges Livschitz, Robert Maistriau en Jean Franklemon. Ze waren gewapend met één revolver, een stormlamp en rood papier, en wachtten in Boortmeerbeek op de passage van het twintigste transport uit Mechelen. Zij slaagden erin om de deportatietrein te doen stoppen en één van de wagons open te breken, waarna zeventien Joden eruit konden springen. Nadien konden nog 215 Joden op eigen kracht uitbreken, van wie er 87 opnieuw werden opgepakt en 26 werden doodgeschoten of aan hun verwondingen overleden nadat ze uit de trein waren gesprongen. In totaal zijn 19 Joden aan een zo goed als zekere dood kunnen ontsnappen, waaronder Simon.

Toen Koenraad en Simon met elkaar begonnen te praten kregen ze inzicht in wat de ander had meegemaakt en ontstond er een vriendschap. Koenraad leerde van Simon dat hij de last van zijn vaders schuld niet dient te dragen, terwijl Simon van Koenraad leerde dat hij niet het eeuwige slachtoffer hoefde te blijven om zijn verloren geliefden te eren. Een van die geliefden was moeder Gronowski. Zij heeft doelbewust haar kleine jongen van 9 jaar op de trede van de opengebroken wagon gezet terwijl de trein reed en hem aangezet te springen en zo zijn leven te redden. Het is een ultieme daad van moederliefde die schril afsteekt tegen de afwezigheid van de vermeende algoede God. Simon verloor zijn geloof die, mocht hij al bestaan, blijkbaar dergelijke gruwelen had toegelaten. De beschrijving van de twee levenslopen en de treffende illustraties van Koenraad maken van dit boek niet alleen een parel maar ook noodzakelijke lectuur voor wie wil leren over de donkerste bladzijden uit onze geschiedenis.

Schrijver David Van Reybrouck schreef een bijzonder indrukwekkend slot onder de titel Eenzaamheid en mededogen waarin hij met ontroering spreekt over de twee oude mannen die na zoveel decennia doen waar anderen niet in staat toe zijn: empathie en wederzijds respect. Hij looft de grootmoedigheid van Simon Gronowski als een bovenmenselijke daad. ‘Hij bewijst immers hoe een immens verdriet niet noodzakelijkerwijs in wrok moet omslaan, maar ook tot mededogen kan leiden.’ Maar de mooiste zin is er een van Simon zelf over zijn vriend Koenraad: ‘Voor mij is hij meer dan een vriend: hij is mijn broer, en we zijn verbonden door de geschiedenis.’


Recensie door Dirk Verhofstadt

Simon Gronowski, Eindelijk bevrijd, Hannibal, 2013

Links
mailto:verhofstadt.dirk@telenet.be
Share |

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be