Ménage à trois

boek vrijdag 12 november 2004

Carl Devos (Red.)

Ménage à trois is het verslag van de gelijknamige studiedag die op 9 december 2003 in het Vlaams Parlement plaatsvond. De verschillende sprekers op de studiedag stelden hun bijdrage ter beschikking en het resultaat, het dient gezegd, is een interessante zoektocht naar de verhouding tussen pers, politiek en politicologie. Na een inleidende bijdrage van Vlaams parlementsvoorzitter Norbert De Batselier, waarin het belang en de contouren van het debat worden aangebracht, gaat Els Witte in op de wetenschappelijke kant van de zaak. Ze bekijkt hoe de humane wetenschapper (dit gaat dus breder dan de politicoloog) omgaat met de media. Waarom en wanneer is er sprake van een win-win-verhouding? Hoe zijn de vaak noodgedwongen genuanceerde standpunten van de humane wetenschapper te verzoenen met de wetmatigheden van de moderne pers?

Dirk Achten spreekt in zijn bijdrage van een driehoeksverhouding met ongelijke zijden. De verhouding tussen de twee sterke zijden van het verhaal (politiek en pers) is ook voor Achten genoegzaam bekend. De spelregels van die verhouding zijn de laatste decennia grondig gewijzigd. Het verhaal van de politicoloog is minder duidelijk. Of hoe de politicoloog-statisticus kan verworden tot de politicoloog-participant in het politieke verhaal. Achten roept de politicoloog op om zich te concentreren op de politicologische analyse. Jos Geysels leverde ook een bijdrage in dit debat. Geysels probeert de drie spelers in deze ménage à trois’ te confronteren met wat ze gemeen hebben: hun rol in en binnen de samenleving. Of hoe politiek, politicologie en pers vrijblijvend kunnen zijn, in tegenstelling tot de democratie en de samenleving.

In het zesde hoofdstuk, over de vermarkting van de politiek, vinden we de bijdrage van Peter Van Aelst. Deze onderzoeker focust op de visie van enerzijds de politicologen en anderzijds de politici op de media en hoe deze partners elkaars betekenis soms verkeerd inschatten. Tine Boucké beschrijft in haar bijdrage de neiging van politieke partijen om hun standpunten te laten beïnvloeden door marktonderzoeken en de rol van de media hierin.

Het volgende hoofdstuk handelt over verkiezingen en campagnevoeren. Frank Thevissen concentreert zich op het marketingelement binnen verkiezingen en campagnes. Spin doctors en politieke marketing hebben de communicatie tussen de politici en hun kiezers niet ten gunste beïnvloed. Ann Peuteman focust in haar bijdrage ‘Iedereen beroemd’ op het moderne campagnevoeren en hoe de media en de invoering van de provinciale kieskringen de regels van het spel veranderd hebben en de sleutel voor politiek succes in het BV-schap ligt. Ook Yves Leterme merkt dat de regels van het campagnevoeren grondig veranderd zijn (ze zijn duurder, worden meer in de media gevoerd en worden professioneler gevoerd) en beschrijft de gevolgen die dit heeft. De slinger is te ver doorgeslagen en Leterme bepleit dat politiek opnieuw meer wordt dan communicatie. Sofie Staelraeve brengt nog een aantal andere elementen aan in het hoofdstuk over de postmodernistische kiescampagne. Ze spreekt ovre de eeuwig-durende campagne en ‘kieshervormingen als geopolitiek en bevestiging van de macht’.

Een zeer interessant hoofdstuk is dat over de regeringsvorming. Bart Maddens beschrijft het als een mysterieus gegeven, een spel dat wordt gevoerd met een stel ongeschreven regels maar met vaak een zeer belangrijke uitkomst. Een spel waar de pers, noch de politicoloog duidelijk zicht op krijgt. In die zin is de uitkomst van een regeringsvorming vaak onvoorspelbaar. Johny Vansevenant beschrijft uit eerste hand hoe de relatie tussen pers en politiek is tijdens de cruciale weken van de regeringsvorming. De officiele informatie, verhuld door officieuze zijverhalen, rooskleurige interpretaties,… maken het moeilijk voor de journalist om het verhaal objectief te vertellen. Maar ook in deze periode blijven de media en de politiek elkaar nodig hebben. Tom Verstraete spreekt over de regeringsvorming als een anomalie van de democratie. Pre-electorale akkoorden, de rechtstreekse verkiezing van de premier of de burgemeester zijn elementen in dit debat. Opnieuw zijn pers en politiek echter de hoofdrolspelers, de politicoloog heeft slechts een marginale rol.

In het deel ‘herkenbaarheid van Vlaanderen’ maken Herwig Reynaert, Eric Van Rompuy en Walter Pauli een analyse van de eigen identiteit van Vlaanderen als bestuursniveau bij de gewone burger. Kan een docusoap over de politiek soelaas bieden of is dat niet het juiste criterium. Misschien moet politek terug een ernstige zaak worden, aldus Van Rompuy. Kristof Steyvers bevestigt dat de herkenbaarheid van Vlaanderen te wensen overlaat en dat er meer nodig is dan barbequechecques op 11 juli om het tij te keren.

Dirk Sterckx neemt op een heel heldere wijze deel aan dit debat en besteedt in zijn bijdrage veel aandacht aan de verhouding media en politici. Waarom wordt een bepaald verhaal nieuws en een ander niet? Moeten de media zich gaan bezinnen over hun rol? Laten journalisten zich soms niet gebruiken door politici? Tot slot beschrijft Peter Vandermeersch, hoofdredacteur van de krant De Standaard, in zijn bijdrage de tien wetten en zeven gevaren van goede journalistiek.

Wouter Blomme formuleert de conclusies bij deze studiedag. Alle bijdragen suggereerden het reeds: van een perfecte driehoeksverhouding is geen sprake; de verhouding tussen pers en politiek is wonder twijfel de meest intense relatie maar vaak ook een bijzonder moeilijke: politici worden gemaakt of gekraakt door de media maar de media hebben op hun beurt de politici nodig of worden zelf door deze politici gemanipuleerd. Een tweede verhouding is deze tussen politicologen en de pers. Ook zij zijn op elkaar aangewezen en onderhouden een relatie van geven en nemen. Tenslotte is er de verhouding tussen politici en politicologen. Politici doen nauwelijks een beroep op politicologen, bekijken hem vaak wantrouwig. Anderzijds hebben politicologen ook weinig contact met de politici, toch het onderwerp van hun onderzoek, waardoor de politicoloog zich wendt tot de pers voor informatie over de politicus en zijn onderzoek niet of nauwelijk aftoetst bij de voornaamste actoren.

Dit boek geeft in erg verscheiden doch heldere bijdragen heel wat elementen in een, voor elke politicoloog, maatschappelijk zeer belangrijk debat: hoe is de verhouding tussen politicologie, politiek en pers. Deze ménage à trois en dan vooral de verhouding tussen de twee laatste (niet toevallig de waakhonden van de democratie) zal nog heel wat debatten voeden en blijft onderhevig aan voortdurende kritische analyse. Dit boek is dan ook een aanrader voor iedereen die aan dit maatschappelijk debat wil deelnemen.


Recensie door Sofie Bracke

Carl Devos (red.), Ménage à trois. De verhouding tussen pers, politiek en politicologie, Academia Press, 2004, 212 blz.

Links
mailto:brackesofie@hotmail.com
Share |

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be