Motorrijden zonder God

boek vrijdag 15 mei 2009

Wim Aalten

‘Na een leven vol verwondering, van leren, werken, studeren, motorrijden en niets doen is het tijd om een tussenbalans op te maken. Om een persoonlijke geschiedenis en een persoonlijke visie een plaats te geven in het woelen van de wereld. Om daarna verder te leven en de voortgaande veranderingen nieuwsgierig en betrokken te volgen. En er deel van te zijn.’ Zo begint Wim Aalten het verhaal van motorrijder Rob, die vermoedelijk veel weg heeft van Wim, die een reis van vijf dagen naar Monaco gebruikt als een reflexieve retraite op zijn leven en zijn ideeën. De reis is een kapstok voor existentiële en moreelfilosofische beschouwingen.

Omdat ik zelf niets met motorrijden heb – omdat ik de risico’s te groot vind – had ik enige bedenkingen om aan het boek te beginnen. Ik werd echter al snel in het verhaal gezogen. Het boek is een combinatie van een jongensboek vol avonturen a la Karl May, een liefdesverhaal, een existentiële beschouwing en een filosofische zoektocht. Ook zou het boek heel goed gekenmerkt kunnen worden als een vrijdenkersroman. Rob is een echte vrijdenker: hij is grotendeels autodidact en onafhankelijk. Hij onderzoekt en beschouwt. En zoals iedereen die kritisch begint te denken is god de eerste die sneuvelt. Het is wel een mooie titel Motorrijden zonder God, maar het dekt de lading van het boek lang niet. Rob is niet geobsedeerd door religie. ‘Wie echt nadenkt over het geloof, gelooft niet.’ Hij heeft zich ooit bevrijd van religie, maar ziet religie nog steeds om zich heen. Religie is een van de vele onderwerpen die Rob overdenkt. ‘Helmgedachten’ noemt Rob de bespiegelingen die hij op zijn reis doet.

De lange etappes door een prachtig landschap inspireren Rob tot meditatieve bespiegelingen. Een van de onderwerpen die Rob bezighoudt, is hoe een samenleving sociaal rechtvaardig zou kunnen zijn. Rob wijst twee boemannen aan die een obstakel zijn voor redelijkheid en (sociale) rechtvaardigheid: religie en liberalisme. ‘Of blijven wij toezien hoe religie, de liberale markt en de oude politiek de wereld in hun allesonderdrukkende greep houdt?’, mijmert hij. ‘Elk mens had recht op de waarheid en niets dan de waarheid.’ Dat klinkt als een waarheid als een koe, maar toch heeft zo’n opmerking vergaande consequenties. Als religie onwaar is – en dat is het geval – dan is het dus verkeerd om mensen (kinderen) met die onwaarheid op te zadelen en tegelijkertijd de (wetenschappelijke) waarheid achter te houden!

‘Waarom wordt er op scholen zo weinig aandacht besteed aan de leugen van religie?’, vraagt hij zich af. ‘Kinderen moet je opvoeden met zin voor de werkelijkheid. Je moet ze niet vergiftigen met religie. Juist in de opvoeding moet je bouwen aan een heldere en eerlijke visie op de aarde, de mens, de geschiedenis en de samenleving.’ ‘Het is wel degelijk de taak van het openbaar bestuur om mensen te beschermen tegen onderdrukking en bedreiging door religies.’ ‘Alleen als je vrij van religie bent kun je vrij zijn.’

Het lijkt erop alsof Aalten het begrip liberalisme gebruikt in de smalle betekenis van kapitalisme en geprivilegieerde ‘vrij’-handel waarbij het westen de voorwaarden van handeldrijven bepaalt. Liberalisme is echter ook de ideologie waarbij het individu de centrale waarde is. De liberale denker Dirk Verhofstadt verwoordt dat bijvoorbeeld in zijn boek Pleidooi voor individualisme. Individualisme en liberalisme zijn volgens hem synoniemen. Er kunnen weliswaar ontsporingen zijn met individualisme en liberalisme. Bill McKibben maakt het onderscheid tussen liberalisme en hyperindividualisme. Bij dat laatste verliezen individuen de belangen en rechten van anderen uit het oog. Toch is kritiek op de consumptiesamenleving belangrijk. Rob, die socioloog is, karakteriseert de westerse samenleving als een ‘prullariadecadentiesamenleving’. Rob haalt hierbij Gandhi aan: ‘De wereld biedt genoeg voor ieders behoefte, maar niet voor ieders hebzucht.’

Het trof mij dat Rob ook de groeiende vleesconsumptie noemt als groot moreel probleem. Dat is toch een grote blinde vlek, ook van geëngageerde intellectuelen en vrijdenkers. Vlees fokken, legt immers een groot beslag op de wereldvoedselvoorraad. Toch bezondigt Rob zich op zijn motortocht aan vlees afkomstig uit de bio-industrie – en dat is dubbel fout: bovenop het probleem van de verspilling van voedsel en water, is er het schrijnende probleem van het dierenleed. Dat dierenleed is ook een blinde vlek van Rob. De helmgedachten van Rob zijn weliswaar kosmopolitisch, en dat is prijzenswaardig, maar speciesistisch, want hij heeft geen oog voor het door mensen veroorzaakte leed aan dieren op ongekend grote schaal.

Volgens Socrates is het goede leven het overdachte leven. Motorrijden zonder God is een voorbeeld van een overdacht leven: ‘Realistisch, eerlijk, menslievend en solidair wilde hij leven. Als een vrije motorrijder, zonder de last van religie.’ Doordat het boek een aaneenschakeling van reflecties, meditaties, gedachten, overdenken is, zet het je zelf ook aan tot denken. Het boek nodigt uit om je eigen leven, ook zonder motor, te overdenken. Het boek is een oefening in filosoferen. Wie gaat filosoferen kan even uit de maalstroom van het leven stappen, op de oever van de rivier van het leven klimmen en zien hoe het leven voortvloeit, en dan weer verder zwemmen, met een andere attitude, wetend waar jij onderdeel van uit maakt en met een bewustere keuze voor het leven dat je leeft. Filosoferen is echter een luxe: ‘Welvaart maakt nu eenmaal dat we tijd hebben om na te denken en ons de luxe kunnen permitteren echt aan alles te twijfelen.’ Rob maakt een belangrijke opmerking over vrijdenken: ‘Dat alles nam niet weg dat hij zich vrij gemakkelijk een mening vormde. En die ook weer inruilde voor iets beters als dat zich zo voordeed.’ Het eerste gedeelte van het citaat is gemeengoed: wie vormt zich nu niet vrij gemakkelijk een mening? Maar de zin daarna is een getuigenis van vrijdenken, namelijk dat je je bewust ben van je eigen feilbaarheid en dat jouw mening altijd gebaseerd dient te zijn op de best mogelijke argumenten en dat wanneer de argumenten wijzigen je ook je mening dient te herzien. Het is geen schande om je mening te herzien, integendeel, het is een uiting van intellectuele integriteit. Het is ook een vorm van pragmatisme.

Rob is ook een estheet. Hij geniet met volle teugen van het motorrijden, en van het landschap, de plaatsen die hij bezoekt en het contact met de mensen die hij ontmoet. Een motorrijder heeft blijkbaar meer en makkelijker contact dan degenen die zich in metalen blikken vervoeren, een cocon van afstandelijkheid. Rob is een kosmopoliet, niet alleen voelt hij zich thuis in landen buiten Nederland, ook is hij voor mondiale sociale rechtvaardigheid: ‘Spreiding van onze welvaart over alle volkeren in ons werelddeel, en natuurlijk ook mondiaal, was voor hem een ideaal.’ Rob karakteriseert zichzelf als ‘een idealist met oog voor de werkelijkheid.’ ‘We zijn allemaal verantwoordelijk voor onszelf maar hebben ook een grote verantwoordelijkheid voor anderen en voor onze samenleving. Pas als je die verantwoordelijkheid voelt ben je een wereldburger. En kun je de bekrompenheid van je eigen geïndividualiseerde leven overstijgen.’ Ik zou er aan toe willen voegen dat je die verantwoordelijkheid niet alleen moet voelen, maar er ook naar moet handelen. Het gaat uiteindelijk niet om denken, maar om handelen.

Paradoxaal genoeg waardeert Rob, die zelf op een lawaaimonster zit (op zonnige dagen is het geluid van scheurende motoren akelig), de stilte: ‘Weinig mensen, weinig welvaartslawaai.’ Mooi woord is dat: welvaartslawaai. De vrijheid van individuen zou veel strikter beperkt moeten worden door de overlast die ze aan anderen veroorzaken. Motorrijden is vaak een bron van geluidsoverlast, net zoals die irritante pleziervliegtuigjes op zomerse dagen. ‘Wie vrij wil zijn moet beseffen dat die vrijheid alleen echte vrijheid kan zijn als je er verantwoordelijk mee om gaat.’ ‘Kwaliteit van leven hangt nauw samen met de kwaliteit van de leefomgeving.’ En met die leefomgeving gaat het hard achteruit doordat de natuur aan het versterven is. Natuur wordt in geïndustrialiseerde samenleving gedoogd binnen zeer beperkte kaders. Natuur wordt gezien als versiering. Wanneer er een nieuwbouwwijk wordt ontworpen worden bomen en parken er bij geplaatst, het is niet dat er rekening wordt gehouden met de natuur die er is.

Rob is vooral een vrijdenker die zich niet wil vastleggen. Zo wil hij het etiket atheïst niet opgeplakt krijgen. ‘‘Nee, zo zou ik me niet willen noemen’, zegt Rob ‘ik laat me niet in een hokje plaatsen. Die hokjes zijn vooral bedoeld om mensen af te zonderen, om ze als groep aan te kunnen wijzen en te kunnen veroordelen. Ik ben gewoon een mens die nadenkt en met het nuchtere boerenverstand van een jongen uit de grote stad tot de conclusie komt dat God niet bestaat.’ Toch is volgens mij iemand die tot de conclusie komt dat god niet bestaat, een atheïst. Atheïst is een normaal woord en iets om trots op te zijn. ‘Motorrijders zijn potentiële leveranciers van organen,’ merkt Rob ook droog op. ‘Er zijn twee typen motorrijders, zij die zich hebben doodgereden en zij die dat nog niet hebben gedaan.’ Er staan dan ook akelige verhalen in van motorrijders wier hoofd wordt fijngemalen onder de wielen van een truck.

Een boek over motorrijden en filosofie roept onmiddellijk de associatie op met het cultboek Zen and the Art of Motorcycle Maintenance. An Inquiry of Values van Robert Pirsig (1974). Ik herinner mij dat ik het boek jaren geleden gefascineerd las, als student Japanologie en filosofie: een boek over zen en filosofie dat was wel het meest ideale dat ik mij kon voorstellen. Toch stelde het boek mij inhoudelijk teleur. Ik was er wel door gefascineerd, maar ik kreeg geen grip op de duistere gedachtespinsels van de auteur over filosofie. Ik zag gewoon niet wat het probleem was. Motorrijden zonder God zou men een Nederlandse remake kunnen noemen. Maar Aalten is beter dan Pirsig! Bij Aalten gaat het om inzichtelijke en pregnante problemen van het menselijk samenleven, niet om filosofische schijnproblemen. Een gevolg van het rationalisme van Aalten is dat het boek helaas niet zo’n cultboek zal worden als Pirsigs boek. Het toevoegen van Zen aan de titel is haast een garantie voor verkoopsucces. Het is nog wel interessant dat Zen in Pirsigs boek alleen in de titel wordt genoemd – Zen kan immers niet beschreven, maar alleen getoond worden. Dan is Aaltens boek nog meer Zen: het woord komt niet eens in de titel voor. En toch, zoals Aalten motorrijden beschrijft als een meditatieve stroom van gedachten en eenwording tussen motor, berijder en omgeving is toch een ultieme zenervaring.

De helmgedachten kristalliseren uit tot een ethische code, de ‘KLL code’ zoals Rob het noemt: Kwaliteit van Leven en Leefomstandigheden. Deze KLL code is een universele gedragsregel gebaseerd op de Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens en nog een handvol andere moreel hoogstaande idealistische documenten zoals het Handvest van de Aarde en de UN Milleniumdoelen. Het boek is een literair filosofische zoektocht. Ik hoop dat de auteur de conclusies van deze zoektocht ook in de vorm van een pamflet of essay over de KLL code wil publiceren. Aan het eind van het boek concludeert Rob: ‘Wat ik wil is een realistische, eerlijke, menselijke en solidaire wereld om in the leven. Dat is mijn ideaal.’


Recensie door Floris van den Berg

Wim Aalten, Motorrijden zonder God, Aspekt, Soesterberg, 2008, 336 p.

Links
mailto:florisvandenberg@dds.nl
Share |

De Arabische Revolutie:

tussen droom en werkelijkheid

Op woensdag 5 april 20.00 uur

Afspraak in De Markten (Oude graanmarkt 5, 1000 Brussel) voor een avond met Koert Debeuf,

schrijver, columnist, directeur van het Tahrir Institute for Middle East Policy Europe en onderzoeker aan de Universiteit van Oxford.

Zijn recentste boek is "Inside the Arab Revolution. Three Years on the Front Line of the Arab Spring".

Koert zal gebaseerd op zijn persoonlijke ervaringen de Arabische Revolutie trachten te kaderen door parallellen te trekken met de Franse Revolutie en door een aantal inzichten te bieden in het Midden Oosten.

Uw aanmeldingsmail aan info@liberales.be geldt als inschrijving.

STEUN LIBERALES

Liberales werkt met onbezoldigde vrijwilligers en beperkt haar kosten tot een minimum. Toch hebben wij middelen nodig voor noodzakelijke uitgaven zoals abonnementen voor website en mailverkeer.

Uw steun is welkom op onze bankrekening BE44 3900 2047 5745. Ook kleine bedragen worden gewaardeerd. Vermeld het woord 'steun' als referentie.

Met hartelijke dank

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief

Liberales TV

Contact

Claude Nijs
gsm: +32476 343098
claude@liberales.be